zondag 29 januari 2023

stille wijn - Steven Van de Putte

stille wijn

gerijpt op eik van jaren, donkerblauwe 
en groengele bloemen in hun schil.
uit gepolijste poriën ademen zij

het robijnrode aroma van aardbei
of de lichtvoetigheid van vers
gemaaid gras, dragen de dagen als
honingbloesems de Chardonnay.

op hoge en lage schouderbladen hun
oogstjaren, de appellation contrôlée
van hun leven, geschreven in de
restsuiker van een dichtersstem.

ik zoek jou tussen boomschors,
voeg nieuw hout toe aan je
jaren, klaar als klei onze wijn,
ontkurk ons om jou te bewaren.


© Steven Van de Putte

Gedicht 3/3 van de Stadsdichter van Deinze, uit zijn cyclus 'hout'


Stadsdichter Deinze
Auteurspagina op Facebook

 

 

 

 

















 

zaterdag 28 januari 2023

na de wandeling - Steven Van de Putte

na de wandeling

een selfie. je wangen waaien
bladvoetse blik op oneindig.
in je nerven het narratief van

vele jaren. ik zie je opkrullen
van koude of is het angst voor
het frivole dolen van een ander

blad in de dreef? je drinkt jezelf
in gelijke laagjes cappuccino, op
je lippen schuimt een melkwens,

ik dans om de hete brij, beloof je
boom te stutten, weet nog niet
van het gevallen bos.



© Steven Van de Putte

Gedicht 2/3 van de Stadsdichter van Deinze, uit zijn cyclus 'hout'


Stadsdichter Deinze
Auteurspagina op Facebook

 

 

 

 
















vrijdag 27 januari 2023

huis - Steven Van de Putte

huis

door het ochtendraam maak je afspraken
in de vergeten agenda’s van de buren.

je schreeuwt je angst uit tegen de daken.
de pannenlatten liggen bloot in je hoofd.

in huis puzzel je kleinkinderen bij elkaar,
tot je in de vingers krijgt wat je ontbreekt.

je wrijft over mijn schouders als over
de verbeelde barsten van je huis.  

‘het is niet erg’, zeg je. pijn is ’s avonds
een ligzetel met verstelbare illusies.

als je slaapt, tel ik alle messen in de lade
van je adem. schuif ik je angstvallig dicht.


© Steven Van de Putte

Gedicht 1/3 van de Stadsdichter van Deinze, uit zijn cyclus 'hout'


Stadsdichter Deinze
Auteurspagina op Facebook

 

 

 

 
















woensdag 25 januari 2023

Een romantische treinreis

Andreas Van Rompaey over Toen lichamen nog bergen waren van B.P. Arend

Onder het pseudoniem B.P. Arend, een eerbetoon aan haar overleden vader, publiceerde de Zwijndrechtse auteur Marijke Vermeulen haar debuutbundel Toen lichamen nog bergen waren. Het door Bibliodroom uitgegeven boek doet qua grootte denken aan een Poëziegeschenk. De bescheidenheid en toegankelijkheid die het formaat met zich meebrengt, is ook eigen aan de opgenomen gedichten. In haar romantisch-intimistische poëzie geeft Vermeulen uiting aan concrete gevoelens en ervaringen die evenwel universeel van aard zijn. Het beeld van de treinreis gebruikt ze om zowel de deelname aan als de reflectie op het leven voor te stellen: ze neemt de lezer mee op een tocht langs verschillende gevoels- en levensstadia, maar verkiest daarbij soms de positie van buitenstaander en observator. Deze enigszins paradoxale houding keert terug in het verlangen naar een hogere eenheid dat opmerkelijk genoeg zowel vanuit het ik als vanuit de ander kan uitgaan. Als een van de weinige literair-culturele verwijzingen haalt Vermeulen niet toevallig het onvindbare Atlantis aan. De door haar geschetste stemmingen verbindt ze in de eerste plaats met de natuur en zet ze kracht bij met zelfgemaakte tekeningen. Haar korte, kernachtige verzen herinneren aan die van Dirk Kroon, al missen ze bijwijlen de doeltreffendheid ervan. Het mogelijke groeipotentieel maakt de lezer nieuwsgierig naar hoe haar werk hierna zal evolueren.

Toen lichamen nog bergen waren - B.P.Arend,Uitgeverij Bibliodroom, Meulebeke, 2022, 50 pagina’s, ISBN 978 94 92515 90 2.
De bundel kan worden besteld via Uitgeverij Bibliodroom of uw boekhandel.

© Andreas Van Rompaey

 


 

maandag 16 januari 2023

Op de toren - Willy Spillebeen

Met zijn ene hand
in mijn zij
duwt hij mij
vooruit
en maakt van mij
één ogenblik een torenvalk
die op wil vliegen
en het bijna kan.

Met zijn andere hand
op mijn borst
duwt hij mij
achteruit  
en maakt van mij
een man tegen een muur
waarvan ik de druk
voel in mijn rug.

De zeewind heeft
twee goede handen:
met de ene zet hij mij
aan tot vliegen;
met de andere belet
hij mij te vallen.

© Willy Spillebeen


Uit 'Pigment van een bestaan', de nieuwe bundel van Willy Spillebeen die op vrijdag 20 januari 2023 wordt voorgesteld in CC De Steiger te Menen.
De Schaal van Digther publiceert de komende dagen vijf gedichten van de dichter die onlangs 90 werd:

Ochtendzon
Zanglijster
Plezierboot
Negen kortverzen
Op de toren

Meer info via:
Uitgeverij P
Bericht Dun lied donkere draad (VWS-blog)
Wikipedia-pagina Willy Spillebeen
Willy Spillebeen - Auteursfiche op Schrijversgewijs
Voorstelling 'Pigment van een bestaan' op 20/1/2023 in Menen



zondag 15 januari 2023

Negen kortverzen - Willy Spillebeen

I

Bloem met vijf blaadjes:
vijf vingertjes van het kind
rond mijn wijsvinger.


II

Het bloesemblaadje
dat aan het snoeimes kleefde
was een koolwitje.


III

De kleine vos danst   
zelfs in de regenzomer
aanbidt hij de zon.

IV

Koplampen boren
– een bijna-doodervaring –   
tunnels door de nacht.


V

Zij smeekte de god
die haar laurier gemaakt had:
maak mijn minnaar wind.


VI

Mijn hele leven
was ik conquistador van
het nutteloze.


VII

Zwemmer in paniek
ziet in de kalme golven
de vin van een haai.


VIII

De reder heeft weet
van Freud: ‘Eros’ vaart voorbij
‘Thanatos’ volgt hem.


IX

Zoveel dingen die
met mij hebben bestaan zijn
met jou doodgegaan.


© Willy Spillebeen


Uit 'Pigment van een bestaan', de nieuwe bundel van Willy Spillebeen die op vrijdag 20 januari 2023 wordt voorgesteld in CC De Steiger te Menen.
De Schaal van Digther publiceert de komende dagen vijf gedichten van de dichter die onlangs 90 werd:

Ochtendzon
Zanglijster
Plezierboot
Negen kortverzen
Op de toren


Meer info via:
Uitgeverij P
Bericht Dun lied donkere draad (VWS-blog)
Wikipedia-pagina Willy Spillebeen
Willy Spillebeen - Auteursfiche op Schrijversgewijs
Voorstelling 'Pigment van een bestaan' op 20/1/2023 in Menen


zaterdag 14 januari 2023

Plezierboot - Willy Spillebeen

Vanuit de voorsteven rolt de boot
een golvend tapijt uit met aan beide
uiteinden franjes en lappen schuim
die tegen de oever klappen en klotsen.

De grote zon slaat blinkende zeisen
achter de boot aan in het door wind
bewogen korenveld waarboven zwarte
kraaien een Van Gogh nabootsen.

Op het dek zit een meermin in monokini
te zonnen zonder mij te zien.
Misschien zit zij zoals ik haar beide
gebronsde borsten te bewonderen.

Ik erger mij omdat de grote zon
haar blinkende zeisen in het water slaat
en vandaar haar bliksems naar
mijn verblinde ogen op laat flitsen.


© Willy Spillebeen


Uit 'Pigment van een bestaan', de nieuwe bundel van Willy Spillebeen die op vrijdag 20 januari 2023 wordt voorgesteld in CC De Steiger te Menen.
De Schaal van Digther publiceert de komende dagen vijf gedichten van de dichter die onlangs 90 werd:

Ochtendzon
Zanglijster
Plezierboot
Negen kortverzen
Op de toren


Meer info via:
Uitgeverij P
Bericht Dun lied donkere draad (VWS-blog)
Wikipedia-pagina Willy Spillebeen
Willy Spillebeen - Auteursfiche op Schrijversgewijs
Voorstelling 'Pigment van een bestaan' op 20/1/2023 in Menen


vrijdag 13 januari 2023

Zanglijster - Willy Spillebeen

Vanmorgen zit hij en zingt bovenop
de kruin van de treurwilg in mijn tuin
de slanke bescheiden lieveling
uit mijn kindertijd – olijfbruine rug,
witgele keel met spits omlaag
lopende zwarte strepen, deskundig
bepleisterd nest, azuurblauwe eitjes
niet ontsierd door spikkels
als vliegenscheetjes.

Hij zingt zijn uitbundige lijsterlied –
o wat een maestro! Hij repeteert en
varieert tot vier keer toe zijn trillers
als een waterval van strofen. Het is
voorjaar en ochtend maar ik ervaar
een vage aanvaarding van avondrood
als in de klanken van sopraan en hoorns
van de ‘vier letzte Lieder’
van Richard Strauss.

Vanmiddag klinkt er vanuit mijn tuin
een eentonig maar ritmisch: tik tik tiktik tik.
Met de bek die vanmorgen nog hemels zong
en nu van staal lijkt slaat de zanglijster
een slakkenhuis stuk op het aambeeld van
een tegel in de smidse
van mijn terras.

De lieveling uit mijn kindertijd
is blijkbaar een moordenaar.


© Willy Spillebeen


Uit 'Pigment van een bestaan', de nieuwe bundel van Willy Spillebeen die op vrijdag 20 januari 2023 wordt voorgesteld in CC De Steiger te Menen.
De Schaal van Digther publiceert de komende dagen vijf gedichten van de dichter die onlangs 90 werd:

Ochtendzon
Zanglijster
Plezierboot
Negen kortverzen
Op de toren


Meer info via:
Uitgeverij P
Bericht Dun lied donkere draad (VWS-blog)
Wikipedia-pagina Willy Spillebeen
Willy Spillebeen - Auteursfiche op Schrijversgewijs
Voorstelling 'Pigment van een bestaan' op 20/1/2023 in Menen


donderdag 12 januari 2023

Ochtendzon - Willy Spillebeen

Het pasgeboren licht is een aquarellist
die zijn fijn penseel met veel groen en geel
lichtblauw en roze strijkt over het landschap
dat vochtig en zilver wacht tot het spinrag
van de ochtenddauw opgedroogd is zodat
de gouden karos met de steigerende paarden
die stralend en wiegend aan de horizon opklimt
niet in de bodem wegzinkt maar over
de zwarte bergen van de wolken naar
de lichtblauwe hemelvlakte omhoog rolt
waar de kist die diep in de riemen hangt
een wieg wordt die schommelt en krijst.

Of zijn het de vogels nog hees van de nacht?
Of de hinnikende paarden?
Of is het de onstuimige karos zelf die hinnikt?
Of toch het zopas geboren licht
dat krijst als een kind dat zijn leven begint?


© Willy Spillebeen


Uit 'Pigment van een bestaan', de nieuwe bundel van Willy Spillebeen die op vrijdag 20 januari 2023 wordt voorgesteld in CC De Steiger te Menen.
De Schaal van Digther publiceert de komende dagen vijf gedichten van de dichter die onlangs 90 werd:

Ochtendzon
Zanglijster
Plezierboot
Negen kortverzen
Op de toren

Meer info via:
Uitgeverij P
Bericht Dun lied donkere draad (VWS-blog)
Wikipedia-pagina Willy Spillebeen
Willy Spillebeen - Auteursfiche op Schrijversgewijs
Voorstelling 'Pigment van een bestaan' op 20/1/2023 in Menen


zaterdag 7 januari 2023

Brief - Rita Van Hauwermeiren

Niets zo teder als
een coryfee van zwijgen

geen taal zo stil als
het blank van het blad

wie haar liefheeft benadert haar
met zachte meetkunde

als iets dat op een dag
onder de deur schuift

in een witte envelop.


© Rita Van Hauwermeiren


Uit de bundel “Een Toren Hoog Gemis” van Rita Van Hauwermeiren
die zopas verschenen is bij Uitgeverij Het Punt.

Meer info over de bundel via deze link bij Uitgeverij Het Punt

In oktober 2022 won Rita Van Hauwermeiren de poëzieprijs van het Poëziepad van A tot Z. Haar winnende gedicht in die wedstrijd ‘Nu nog de zwanen’ werd eerder op De Schaal van Digther gepubliceerd. ‘Een Toren Hoog Gemis’ is haar debuut als dichter.


Uitreiking poëzieprijs 'Poëziepad van A tot Z'

zondag 1 januari 2023

Aan iedere Digther-fan een bijzonder jaar gewenst!

De voltallige redactie van De Schaal van Digther wenst jou, wenst jullie een gezond, gevuld, helder en zeer creatief jaar 2023! Laat die digtherlijke en andere teksten en gedichten maar volop komen! We zijn er voor. En 'alles kan'!

Foto: © Paul Rigolle

woensdag 28 december 2022

De Vogelman - Guido Eekhaut

Zei ik niet dat de Vogelman voordien treinwachter was? Ja, dat vermeldde ik al. Ik weet niet precies wat het is, en dus vraag ik het hem. Hij heeft toch niet veel anders te doen, nu de duiven zich maar zelden laten zien. Die klere-duiven. Een treinwachter dus.

         Natuurlijk bewaakt die geen treinen. Dat is een ander soort wachter. Dit misverstand helpt hij meteen op te klaren. Een treinwachter, in Frankrijk althans, is een man (nooit een vrouw) die in een huisje bij een spoorwegovergang woont, en daar de overweg voor het reguliere verkeer en voor voetgangers en zo afsluit wanneer er een trein aankomt. Hij weet dat er een trein aankomt, ten eerste omdat hij een dienstrooster heeft waarop staat aangegeven welke treinen wanneer zijn spoorwegovergang passeren. Dit verondersteld dat de treinen altijd stipt op tijd zijn.

         In meer recente tijden werd die treinwachter echter ook gewaarschuwd door een elektrisch signaal, dat van verderop het spoor kwam, veroorzaakt door de naderende trein. Deze methode diende hooguit als een extra verwittiging, want eerst en vooral gold het dienstrooster. Dit is per slot van rekening Frankrijk. Of was — want de Vogelman praat duidelijk in de verleden tijd. Hij is geen treinwachter meer, en er bestaan simpelweg al decennia geen treinwachters. Die spoorwegovergangen sluiten zichzelf automatisch, ook al dankzij een signaal dat van verderop de lijn komt, veroorzaak door de naderende trein.

         Maar in zijn tijd, toen hij treinwachter was, was hij aan de zet. Hij moest nauwgezet het dienstrooster volgen, en hij had een perfect lopende klok, nee, hij had drie klokken, die uiteraard allemaal gelijk liepen, die als een Heilige Drieëenheid de juiste tijd aangaven, maar ze waren in drievoud nodig in geval er een panne zou zijn aan één van hen. Of zelfs aan twee van hen.

         Aan de hand van dienstrooster en de klokken, en uiteraard ook een door de spoorwegmaatschappij voorziene kalender, wist de treinwachter elke dag van de week, week na week, maand na maand, wanneer er een trein zou passeren. Die treinen werden dan verondersteld op tijd te zijn, niet te laat en in geen enkel geval te vroeg. Te laat, dat zou nog geen ramp zijn. Dan bleef de spoorwegovergang gewoon wat langer dicht. Tot ergernis van de wachtende automobilisten en de voetgangers en de fietsers, maar veiligheid ging gewoon boven alles, ook boven haast.

         Er durfden wel eens snode lieden de neergeslagen spoorbomen passeren, zelfs met dat rode licht en zo, en dat kon aanleiding geven tot forse boetes, en het was uiteraard gevaarlijk. Maar de Vogelman, in zijn functie van treinwachter, had niet de bevoegdheid om die boetes uit te schrijven, en overigens had hij andere dingen aan zijn hoofd. Op de plek waar hij treinwachter was, waren de wachtende automobilisten, voetgangers, fietsers doorgaans erg gedisciplineerd, maar hij hoorde wel eens van collega’s dat er elders ongelukken gebeurden, meestal met vreselijke gevolgen.

         Bij hem gelukkig niet. Hij zou niet geweten hebben wat te doen, indien er een ongeluk zou gebeuren. Een autowrak, dode lichamen, stukken van lichamen, bloed en zo. Nee, dat bleef hem bespaard.
         Maar die job betekende wel dat hij altijd in functie was. De hele dag de klok rond, jaar in en jaar uit. ’s Nachts reden er echter geen treinen waar hij zijn post had, gelukkig maar, en dus kon hij zes of zeven uren slapen. Vakantie echter kreeg hij nooit. Hij kon niet eens naar de kerk of boodschappen doen. De kerk, dat vond hij niet erg, hij stond erg ver van Christus vandaan en wilde dat zo houden. De boodschappen bestelde hij met een briefje, en een jonge bediende van een nabije winkel bracht hem wat hij wilde. Hij zag de ene generatie na de andere van jonge winkelbedienden opgroeien en verdwijnen.

         Hij bleef. Hij bleef bijna dertig jaren op post, na heel jong al begonnen te zijn, eerst als leerling, dan helemaal alleen. Het was een eenzame job, dat in elk geval. Hij zag elke dag tientallen treinen passeren, met passagiers. Hij zag de gezichten van al die mensen, en ging gaandeweg sommigen erkennen, de reguliere passagiers die net als hij jarenlang hetzelfde deden, dezelfde trein namen, steeds op dezelfde plek zaten, steeds een krant lazen of niet. Mannen en vrouwen, die langzaam ouder werden en op zeker moment voorgoed verdwenen.

         Hij vroeg zich soms af wat hij voor hen betekende. Niets, nam hij aan. Hij betekende niets voor hen. Hij was een deel van het decor, een ambtenaar van de Spoorwegen die een bepaalde functie invulde, altijd dezelfde functie, net als de perronchef of de conducteur, net als die onzichtbare arbeiders die de sporen en de wissels en de wagons en de locomotieven onderhielden. Het hele leger van mensen die aan de Spoorwegen werkten, meestal onzichtbaar voor de passagiers, maar wel noodzakelijk.

         Al die tijd putte hij troost (ja, hij noemt het troost) uit de gedachte dat hij net als ieder ander noodzakelijk was in die functie. Onontbeerlijk. Onvervangbaar zelfs. Wat voor erge dingen zouden gebeuren indien hij op een dag zijn werk plots niet meer deed? Pas dan zou de hele samenleving zijn bestaan erkennen en waarderen. Pas dan zou blijken wie hij was en hoe essentieel zijn bestaan was. Zonder hem gebeurden er ongelukken, verloren mensen het leven. Werd de werking van dit deel van het spoorwegennet verstoord, en konden al die mensen niet meer op hun werk of weer thuis geraken.

         Dat huisje was zijn thuis, het was ook zijn werkplek. Hij bleef daar alléén, omdat er geen vrouw was die zo’n plek met hem zou willen delen. Geen vrouw zou dat leven met hem willen delen. Dat besefte hij al heel gauw. Hij kreeg ook niet de gelegenheid vrouwen te ontmoeten, behalve dan de enkele die in de buurt woonden en die wel eens kort een praatje met hem voerden wanneer ze langs zijn huisje passeerden. Maar zij waren getrouwd, hadden kinderen, en zouden zijn leven niet willen delen.

         Eigenlijk wist hij niets van de mensheid, en had er ook geen belangstelling voor. Hij las geen kranten, er was geen televisie, de radio bracht hem alleen muziek. Het enige wat hij hoefde te kennen was het dienstrooster.

         En toen hij bezoek kreeg van een inspecteur — de eerste ambtenaar die hem in dertig jaar bezocht — meldde deze hem dat de positie van treinwachter zou worden afgeschaft, en dat hij met vervroegd pensioen kon. Hij had er geen idee van wat dat betekende, maar hij begreep dat hij niet meer kon blijven. De inspecteur regelde alles voor hem. De Vogelman kreeg van een bankier te horen dat hij behoorlijk wat geld bij elkaar gespaard had, gedurende al die jaren. Want kosten had hij nauwelijks gehad, en hij deed niks met zijn loon. En ook zijn pensioen zou een aardig maandelijks bedrag zijn.

         Daarom woont hij nu in Parijs. Hij woont temidden van diezelfde mensen van wie hij vroeger slechts een glimp zag, en nu nog zijn ze even weinig substantieel voor hem. Hij houdt van een praatje, zoals met mij, maar evengoed kan hij alleen zijn. Hier in Parijs heeft hij de duiven ontdekt, en het is een haat-liefde verhouding geworden. In die duiven erkent hij de figuren die hij jarenlang in de passerende wagons zag. Stille, bedachtzame figuren, naamloos, zonder enige betekenis. De duiven doen hem daaraan denken.


© Guido Eekhaut  

 (Romanfragment)


 







vrijdag 23 december 2022

Oudzeerzout - Vincent Van Gelder

Deze echo heeft hetzelfde ervaren
Als de echo die ik in mij draag
.’
Anna Achmatova



In het dorp dat al meerdere keren
gestorven was, maar nu opnieuw herrees,
speelde geen negende symfonie. Rond het kadaver
van de tandeloze beer danste niet één dappere baboesjka.
Niemand die zich geroepen voelde om wortels uit de grond
te trekken of lessen uit het verleden. Maar ook zonder analyse
zou de oorlog als een schaduwrijk populierenbos overeind
blijven. Door de spleten van haastig dichtgetimmerde
datsjaramen zag je ze al staan: zwijgzame tafels
waar oudzeerzout zou worden doorgegeven
aan een volgende generatie.


© Vincent Van Gelder




maandag 19 december 2022

Schoonselhof - Ludo Bleys

Schoonselhof

reserveer nu funerair erfgoed in de stad Antwerpen

je graf staat te koop.
je wordt geruimd, dat staat vast
zo eeuwig is je vergunning

je porseleinen foto vergrijsd,
de veertiger nog herkenbaar
guitig met snor

zal ik in dit stille perk je plaats innemen,
zo dicht bij Alice Nahon.
ik zou haar als nieuwe buurman
een teken van leven geven, haar groeten
nog even voor het slapengaan


© Ludo Bleys


Ludo Bleys (°Duffel,1951) woont in Mechelen. Publiceerde in verschillende tijdschriften waaronder Poëziekrant, Meander, Roer, De Schaal van Digther en Gedicht Gedacht. Een aantal van zijn gedichten werden gepubliceerd in de bloemlezing Het Gezeefde Gedicht. In de verzamelbundel 'Het was de achtste dag' werd de tekst opgenomen van ingreep. Van zijn debuutundel Link (Uitgeverij P, 2019) verscheen een herdruk in 2020. De vijf gedichten die hier verschijnen maken deel uit van "Het schip vertrok die avond nog", de tweede dichtbundel van Ludo Bleys die bij Uitgeverij P zal verschijnen op 22 april 2023.

Meer info via deze Uitgeverij P-link en onder meer dit Meander-bericht.

Foto: c. Dominique Knockaert



zondag 18 december 2022

euthanasie - Ludo Bleys

euthanasie

hij kiest de weg van de trage reptielen,
schuifelt door zijn uitgebloeide tuin,
staat stil bij elke merkplaats en vertelt

de syllabes dragen een winterjas
strak maar warm, elk trefwoord is raak

ik zit naast de jongen, de man, de grijsaard.
vind mijn woorden in hun verhaal.
doodgaan is geen stopwoord meer

© Ludo Bleys


Ludo Bleys (°Duffel,1951) woont in Mechelen. Publiceerde in verschillende tijdschriften waaronder Poëziekrant, Meander, Roer, De Schaal van Digther en Gedicht Gedacht. Een aantal van zijn gedichten werden gepubliceerd in de bloemlezing Het Gezeefde Gedicht. In de verzamelbundel 'Het was de achtste dag' werd de tekst opgenomen van ingreep. Van zijn debuutundel Link (Uitgeverij P, 2019) verscheen een herdruk in 2020. De vijf gedichten die hier verschijnen maken deel uit van "Het schip vertrok die avond nog", de tweede dichtbundel van Ludo Bleys die bij Uitgeverij P zal verschijnen op 22 april 2023.

Meer info via deze Uitgeverij P-link en onder meer dit Meander-bericht.

Foto: c. Dominique Knockaert



zaterdag 17 december 2022

plotse hartdood - Ludo Bleys

plotse hartdood

overbodig de boezems, kleppen en kamers
als het hart breekt. zo zal het zijn
als de druk verhoogt, de wand verzwakt.
minder gejaagd gaan plots de tonen

ik kan niet langer schuilen in de holle aders
van mijn volle lach, het bloed zal in mij stuwen.
er kan geen dam gebouwd, alles schiet tekort.
de overgang komt snel en onvoorzien

de tijd ontbreekt om nog het woord te vinden
dat op dit kruispunt in het midden moest gebracht.
ik laat slechts na wie naast mij staat

© Ludo Bleys

Ludo Bleys (°Duffel,1951) woont in Mechelen. Publiceerde in verschillende tijdschriften waaronder Poëziekrant, Meander, Roer, De Schaal van Digther en Gedicht Gedacht. Een aantal van zijn gedichten werden gepubliceerd in de bloemlezing Het Gezeefde Gedicht. In de verzamelbundel 'Het was de achtste dag' werd de tekst opgenomen van ingreep. Van zijn debuutundel Link (Uitgeverij P, 2019) verscheen een herdruk in 2020. De vijf gedichten die hier verschijnen maken deel uit van "Het schip vertrok die avond nog", de tweede dichtbundel van Ludo Bleys die bij Uitgeverij P zal verschijnen op 22 april 2023.

Meer info via deze Uitgeverij P-link en onder meer dit Meander-bericht.

Foto: c. Dominique Knockaert



vrijdag 16 december 2022

MRI - Ludo Bleys

MRI

stop met ademen
het toestel ademt hoorbaar verder,
leeft in een ander heelal.
het spit mijn diepgang naar de oppervlakte,
onthult wat niemand weet.
vermoedens worden harde noten
of ontmantelen glimlachend hun geheim

door de tunnel blaast een frisse wind.
u mag verder ademen

 

© Ludo Bleys


Ludo Bleys (°Duffel,1951) woont in Mechelen. Publiceerde in verschillende tijdschriften waaronder Poëziekrant, Meander, Roer, De Schaal van Digther en Gedicht Gedacht. Een aantal van zijn gedichten werden gepubliceerd in de bloemlezing Het Gezeefde Gedicht. In de verzamelbundel 'Het was de achtste dag' werd de tekst opgenomen van ingreep. Van zijn debuutundel Link (Uitgeverij P, 2019) verscheen een herdruk in 2020. De vijf gedichten die hier verschijnen maken deel uit van "Het schip vertrok die avond nog", de tweede dichtbundel van Ludo Bleys die bij Uitgeverij P zal verschijnen op 22 april 2023.

Meer info via deze Uitgeverij P-link en onder meer dit Meander-bericht.




Foto: c. Dominique Knockaert