zaterdag 7 maart 2026

Over War Poets - Jef Boden

War Poets

Oorlogen eisen onvermijdelijk krachtige formuleringen. Laat ons onmiddellijk voorbij de slogans stappen en ons dadelijk naar de dichters wenden. Die lijken werkelijk te wortelen in de barbaarse gevechten. Zonder de Ilias, de Spaanse burgeroorlog of de Tweede Wereldoorlog te willen minimaliseren, War Poets zijn onafscheidelijk verbonden met het Britse rijk en de Eerste Wereldoorlog. Het aantal dichtende stemmen vanuit de loopgraven is veel ruimer en recent stevig aangevuld met enkele opvallende Oekraïense bundels. 

“Waarom hebben we nog poëzie nodig?” Het klinkt als een terechte vraag als je met beide voeten in de loopgraven staat en het boven je hoofd projectielen regent. Is het nodig om daar gedichten te schrijven? De vraag en het antwoord vormen de afsluiter van de bundel Hier waren we van Artur Dron. Hij bekent dat de invasie zijn schrijven blokkeerde. Een nieuwe taal vinden was noodzakelijk. Herbeginnen en ontdekken dat de belangrijkste nood aan poëzie gebaseerd is op het verminderen van eenzaamheid. Woorden tellen. Daarom gaat het tijdens een oorlog niet om over die oorlog te schrijven, hij schrijft over en voor mensen.

“Hoe minder je het woord “oorlog” gebruikt

hoe meer men zal geloven

in je gedichten.”

En even verder:

“Men zegt dat literatuur

woorden zijn met daartussen stilte.

In die van ons, nu,

domineert dat tweede.”

Al duurt het nooit erg lang om te zoeken naar wat er nog aan vragen overblijft.

“Waar is je been?

Waar zijn je vrolijke vrienden?

Waar is je jeugd,

ouderling van 20

die nog droomt

van de dood en verbrijzelde Snickers?”

Al verzekert hij:

“De literatuur zal nooit iemand doden

maar lezen in de loopgraven laat overleven.”

Wat schrijft hij vandaag, ruim een eeuw na de Luizenplaag van Rosenberg, na de kreet van Owen dat na Dulce et Decorum est, gas en ander fraais slechts een leugen rest, na de bitterheid van Sassoon bij de inhuldiging van de Menenpoort? Verlies, trauma, desillusie raken een diepe kern. En voor Artur Dron betekent schrijven aanwezig zijn, ontmoeten, zelfs lichamelijk aangevoeld, in elkaar opgaan, en – kan het anders – aanwezig blijven:

“Na mijn dood wil ik elektriciteit worden

om je woning te verlichten.”

Of

“Die twee meisjes

ze kijken naar ons aan de rand van de weg

en ze hebben hun hand op hun hart gelegd

Op dat ogenblik heb ik alles begrepen.”

Vader, echtgenoot, zoon: ze passeren allemaal, kunnen niet anders dan op hun moment in die lange lijn van Russische oorlogsmisdaden blijven herinneren dat de ziel van het Oekraïense volk en land verder zal leven.  Daarom deze poëzie.

De titel van de bundel van Yaryna Chornohuz Op deze manier blijven we vrij is de enige titel die niet tussen haakjes staat. Het tweede gedicht draagt als titel (haakjes) en staat zoals alle andere teksten effectief tussen haakjes. Geeft dat aan dat de gedichten vooral herinneringen, gedachten zijn? Over de geboortegrond, het hiernamaals, over de liefde die doet volhouden?

De gedichten mogen dan in de loopgraven geschreven zijn, ze beschrijven inderdaad niet zozeer die realiteit, ze drukken eerder uit wat oorlog met je doet. Het besef is daar: de doden keren niet weer. Het leven na de oorlog zal anders zijn. Men mag dan al eens hopen dat die kelk aan je zal voorbijgaan, men weet dat niemand gespaard blijft. Ze schrijft het.

“ik dacht dat het leed zou slijten

als schoenen

maar het leed hangt boven onze hoofden

en observeert ons altijd doorheen een vizier”

Of

“men zegt dat men de doden beweent

na de oorlog

maar onze oorlog zal eindigen

tegelijkertijd met ons leven”

En

“de eerste dode laten gaan is lastig

met de tweede sterft de eeuwigheid

en nadien tel je niet meer”

Dat ze deel uitmaakt van een volk dat sinds eeuwen een dierbaar land moet verdedigen:

“dat betekent dichter zijn in Oekraïne

eeuwig wenen in de gedichten

boven de nog altijd verse graven”

Het mag niet verwonderen dat deze bundel bekroond is met de Taras Chevtchenkoprijs, de nationale prijs voor Oekraïense literatuur. Ondertussen houdt Yaryna Chornohuz vol aan het front.

In 2023 verscheen een uitgebreide bundel, zeg maar aan het front Ontsnapte gedichten, aangevuld met eigen foto’s van dichter-fotograaf Maksym Kryvtsov. Haast 200 bladzijden. Het is geen verrassing dat ook deze vertaald is. In Oekraïne was Kryvtsov geen onbekende. Het werd een afscheid: begin 2024 sneuvelde hij. Zo dichtte hij wat oorlog is:

“In het oog van de oorlog

steekt een grijze draad

als een soep van paddenstoelen

uit de hemel

het oor van de herfst

hoort stemmen van obussen

als die van de priester op het moment van de communie.”

Iets daarvoor liet hij in een lang gedicht Maria en Golgotha als roepnamen van soldaten passeren. Zij waren vergezeld van Mattheus, Johannes en zelfs Jezus, en werden getroffen, ernstig verwond in een beschieting.

Verder plaatst hij ze poëtisch in de verschrikkelijkste talkshow aller tijden: de oorlog. Om een stille glimlach, de herinnering aan een verdwenen warmte, te plaatsen in een gedicht. Wie ben ik?, vraagt hij zich af. In dit veranderende leven.

“Je kan geen pas meer zetten

zonder gezien te zijn.

Wanneer het regent

lacht niemand

het water vergeet niets.

De kern van je hart

kan je niet verlaten,

er valt niet te ademen.”

Opnieuw duikt de Heer op, de God van de decaloog, al stelt de dichter alleen Van Gogh te begrijpen. Een meisje lacht om hem: ze weet dat God Facebook niet leest. Na alle herfstbeelden waarin iedereen doet wat hij kan, vraagt hij zich af wanneer de lente komt. God blijft in de stilte en gevallen bladeren bedekken de wereld. Toch schrijft hij verder, schreef en fotografeerde hij, gedichten als brieven met naast een vaak weerkerend waarom, nog altijd de volgehouden dromen. Zo sterk was de greep van de oorlog op het leven, op zijn leven, dat deze bundel inderdaad een einde werd.

© Jef Boden 

Artur Dron: Nous étions là, 979 10 94936 46 7
Artur Dron: We were here, 978 1914 99026 7
Yaryna Chornohyz: C’est ainsi que nous demeurons libres, 978 2 37055 468 0
Maksym Kryvtsov: Poèmes de la brèche, 979 10 94936 48 1






vrijdag 6 maart 2026

Over de biografie van Patrick Conrad - Andreas Van Rompaey

 

Geschiedenis van een der laatste ‘literaire mythes’? 

De overname van Uitgeverij Vrijdag door Pelckmans heeft gelukkig de langverwachte publicatie van Patrick Conrads biografie niet kunnen tegenhouden. Literatuurhistoricus Manu van der Aa is beslist niet aan zijn proefstuk toe. Vroeger schreef hij al biografieën over Alice Nahon, Paul-Gustave van Hecke en Paul Méral, maar nu waagt hij zich dus aan een hedendaagse(re) figuur. Door te kiezen voor ‘werken’ in plaats van ‘werk’ in de ondertitel, onderlijnt hij de veelzijdigheid van Patrick Conrad als creatieveling. De van oorsprong Franstalige Antwerpenaar openbaarde zich als dichter/prozaïst, filmmaker en schilder/tekenaar.

Hoewel velen slechts met een specifiek aspect van diens kunstenaarschap vertrouwd zijn, bestaan er talloze dwarsverbanden. Het oeuvre in zijn totaliteit is veel belangrijker en interessanter dan de afzonderlijke delen. Terecht velt de biograaf geen oordeel en beroept hij zich op recensies, al mocht hij aan de ontvangst van Conrads inventieve ‘romans noirs’ wat meer aandacht besteed hebben.
 

Conrad was niet alleen medeoprichter van de befaamde doch uitvergrote Pink Poets, maar geldt ook als de beste vertegenwoordiger ervan. De dandyeske, romantisch-decadente overtuigingen van het gezelschap trok hij in de rest van zijn leven en werk door. Net als Hugo Claus, Jef Geeraerts, Jan Cremer, Ilja Leonard Pfeijffer e.a. hield hij zich zorgvuldig bezig met de vormgeving van zijn publieksbeeld. De pose die hij aannam, zorgde soms voor wrevel of, zeker in het geval van zijn biograaf, voor onduidelijkheid: ‘Zoals bij het schrijven van elke biografie was het zaak om niet in de valstrik van de self-fashioning te lopen. Het imago dat de artiest zelf voor de buitenwereld opbouwt, beantwoordt vanzelfsprekend niet geheel aan de realiteit. Het kwam er dus op aan Conrad te ontmaskeren, de leugen waarmee hij graag koketteert te scheiden van de waarheid.

Manu van der Aa slaagt erin om de ‘leugen’ te doorprikken. Ondanks de vaak harde en minachtende opstelling – Conrads dedain tegenover de Vlaamse en, bij uitbreiding, Belgische cultuurindustrie is evenwel niet ongegrond –, ontmaskert hij hem als een heel gevoelig iemand. Ongewild doet hij wel enigszins vragen rijzen over het eigenwijze en besloten Antwerpse literatuurmilieu, waarvan het belang ook weer niet overschat mag worden. Het valt overigens te betwijfelen of dergelijke reputatie- en mythevorming vandaag nog mogelijk is.

© AndreasVan Rompaey

Patrick Conrad. Leven, liefdes en werken van een Pink Poet, Pelckmans, Kalmthout, 2025, 606 pagina’s, ISBN 9789462347731.

Biografie bij Uitgeverij Pelckmans



donderdag 5 maart 2026

edelhert - Daniël Franck

Geurgebied, craquelures in dunne lucht,
gerucht aan stilstand voorbij gedwaald – 
het lichaam schrikt, over mijn flanken rolt angst 
als een donder de haren overeind.

Kon ik maar doen alsof gevaar zich niet voortbeweegt:
zolang rotsblokken hooguit naar korstmos ruiken,
omgewoelde grond naar mycelium en gewas,
water de ertssmaak, de elektriciteit van vissen.

Want in de lucht hangt het onherroepelijke,
het oog dat op me stil blijft staan,
aan een geduldige vinger de lichte trilling,
lijkgeur van meutes aan doden verslaafd.

Als je goed luistert hoor je het pompen
van bloed, mijn bloed, mijn oeroude ras
in gebed. Laserstralen kruisigen mijn kop,
het aanleggen ruist al. Vleugels knallen open,

vogels verlaten mijn toneel.

© Daniël Franck  

Voorpublicatie uit de 
bundel 'Lagen van glas' van Daniël Franck die op zaterdag 21 maart 2026 om 15:00 u. voorgesteld in het Paulushuis in Gent (Patijntjestraat 27, 9000 Gent). De bundel is een uitgave van Uitgeverij P.

Iedereen welkom!

Meer info over de voorstelling via dit Facebook-Event.


Daniël Franck, redactielid De Schaal van Digther
Daniël Franck bij Meander (‘Haliastur’)
Blogspot Haliastur

Save the date: Za 21/3/2026

Daniël Franck in de Limerick - 28/1/2025




woensdag 4 maart 2026

thuiskomen - Daniël Franck

We kunnen lang oefenen in thuiskomen
en bereiken dat we onze schoenen
parallel aan elkaar plaatsen,
planten benoemen en verpotten.
Het ene volgt vaak uit het andere. 

Ik zoek letters
om mijn onkunde mee te bekleden
terwijl jij praat tegen de kleinste bloemen.
Er ligt altijd wat open
onaf. 

Het is middag en te warm om buiten te zitten.
We wandelen traag naar het ongedekte bed.
Achter het raam staan andere huizen
stram in hun starre stilzwijgen,
de streep lucht een angstvallige ruimte. 

Als ik iets over de lippen krijg
grijp jij het bij de randen vast.
Als jij het licht uitdoet
wil ik het restant zien
wegsijpelen.

© Daniël Franck  


Voorpublicatie uit de 
bundel 'Lagen van glas' van Daniël Franck die op zaterdag 21 maart 2026 om 15:00 u. voorgesteld in het Paulushuis in Gent (Patijntjestraat 27, 9000 Gent). De bundel is een uitgave van Uitgeverij P.

Iedereen welkom!

Meer info over de voorstelling via dit Facebook-Event.


Daniël Franck, redactielid De Schaal van Digther
Daniël Franck bij Meander (‘Haliastur’)
Blogspot Haliastur

Save the date: Za 21/3/2026

Daniël Franck in de Limerick - 28/1/2025




dinsdag 3 maart 2026

neergezonken - Daniël Franck

Een einde benaderen
met de afgenomen hoed in de hand,
zo ouderwets dat het weer mag. 

Zoals een grens ook niet meer is dan een zucht in het landschap,
de slagbomen geopend, met een lokje ijzerdraad bevestigd,
te weinig nog om van op te kijken, de grenswachten overboord in de tijd.

Deze nadering dan, de schroom,
het niet wagen te vragen,
het hart dat bij het verlaten krimpt. 

Afscheid is dat ding dat met stenen verzwaard neerzinkt in het meer,
de waterrimpels roeren het gras dat op wind bedacht
even knikt dan herschikt.

© Daniël Franck  

Voorpublicatie uit de 
bundel 'Lagen van glas' van Daniël Franck die op zaterdag 21 maart 2026 om 15:00 u. voorgesteld in het Paulushuis in Gent (Patijntjestraat 27, 9000 Gent). De bundel is een uitgave van Uitgeverij P.

Iedereen welkom!

Meer info over de voorstelling via dit Facebook-Event.


Daniël Franck, redactielid De Schaal van Digther
Daniël Franck bij Meander (‘Haliastur’)
Blogspot Haliastur

Save the date: Za 21/3/2026

Daniël Franck in de Limerick - 28/1/2025




maandag 2 maart 2026

het wit - Daniël Franck

Wit 
is een zee van verhalen
voor er talen bestonden. 

Het behoedzame gebaar
waarmee je een perzik van je afhoudt,
het monsteren van zachtheid
dat jou toebehoort. 

Het zijdelingse perspectief
dat je op me werpt
kan stuurloos raken,
de wind kan onze woorden weghalen,
opgeslokt door een scheur 
in het bestaande.

Als je niet beter wist
zou je dit blijven herhalen.

© Daniël Franck  

Voorpublicatie uit de 
bundel 'Lagen van glas' van Daniël Franck die op zaterdag 21 maart 2026 om 15:00 u. voorgesteld in het Paulushuis in Gent (Patijntjestraat 27, 9000 Gent). De bundel is een uitgave van Uitgeverij P.

Iedereen welkom!

Meer info over de voorstelling via dit Facebook-Event.


Daniël Franck, redactielid De Schaal van Digther
Daniël Franck bij Meander (‘Haliastur’)
Blogspot Haliastur

Save the date: Za 21/3/2026

Daniël Franck in de Limerick - 28/1/2025




zondag 1 maart 2026

Tijd van dwang - Debuutroman van Peter Mangel Schots

Tijd van dwang (Horizon/Overamstel Uitgevers) van Peter Mangel Schots is een historische roman, een familiesaga en een actueel verhaal in één.


Van 1942 tot 1945 verbleef Cel als dwangarbeider in nazi-Duitsland. Hij maakte bombardementen mee, ontsnapte enkele keren nipt aan de dood en nam de grote gebeurtenissen van de geschiedenis waar, van collaboratie en verzet tot de laatste dagen van de concentratiekampen. Al die tijd hield hij een dagboek bij.

Wanneer de wereld in 2020 op slot gaat, neemt Cels kleinzoon Peter zijn intrek in het familiehuis waar hij als kind met zijn ouders en grootouders samenwoonde. Daar leest hij voor het eerst het oorlogsdagboek van zijn grootvader. Historische gebeurtenissen, herinneringen, oude foto’s en verhalen komen als in een caleidoscoop een voor een voor het voetlicht.

Zoals in dit fragment: terwijl Cel honger en koude lijdt in Stettin, moeten zijn vrouw Mima en zijn dochtertje in Hestenberg schuilen voor de vliegende bommen.

*

Tegen het einde van het jaar 1944 worden de aanvallen met de V1 en V2 heviger. Op zaterdag 16 december vallen er in heel België meer dan zevenhonderd doden. De angst krijgt ook Hestenberg in zijn greep na de dodelijke explosie aan het kruispunt, waar het jongetje Marcel het leven liet. Wanneer de sirenes loeien kruipt Mima met haar dochtertje in de inbouwkast onder de trap, een kelder hebben de arbeidershuisjes in de Root niet. In die koude weken rond Nieuwjaar slaat het luchtalarm bijna dagelijks aan. Voor de kleine Marja, die één jaar wordt, is schuilen een routine geworden. Mima hoeft haar niet eens meer op te pakken, ze heeft net leren lopen en zodra ze de sirenes hoort spoedt ze zich op haar wankele peuterbeentjes naar de trapkast.

Nu en dan, wanneer het luchtalarm vroegtijdig komt en het gepruttel van de bommotoren nog niet boven de Root hangt, haast iedereen zich naar Roos, de jonge weduwe die op de hoek van de straat een kruidenierswinkeltje uitbaat. Het enige huis dat een kelder heeft. Op een middag in februari, een maand voor de vergeldingswapens eindelijk zullen zwijgen, schuilen er alleen vrouwen en kinderen, sommige nog aan de borst. De meeste buren zijn er tijdig geraakt. Mima met Marja, Fien met Marieke, Lisette, Bertine en Dikke Moe met haar kroost van meerdere mannen. Ze ontsteken een petroleumlamp die een flauwe licht verspreidt. Het valluik wordt gesloten. Boven hen loeien de sirenes.
De nervositeit maakt hen babbelziek.
‘Zeg Roos, hoe zit het met uwen Engelsman?’
Onder de grond kunnen ze vragen stellen die het daglicht niet verdragen.
Gegniffel.
‘Ja, Roos, vertelt een keer.’
Enkele vrouwen blozen, maar de lamp geeft te weinig licht om dat zichtbaar te maken. Dikke Moe heeft er geen last van.
‘Zeg, Roos, ge past toch op, hé? Of wilt ge dat uw kleinmannen er een ros broerke bij krijgen?’
Hun lach is bevrijdend, een antidotum tegen de angst voor de bommen. Roos laat zich niet van de wijs brengen.
‘Ge moogt gerust zijn. Hij heeft daar iets voor.’
‘Is ’t echt, Roos? Zo’n dinges?’
‘Een kapoot, is ’t waar?’
Naar een condoom verwijzen met de volkse benaming van een kapotjas is een gebruik dat ook in die dagen al wijdverspreid is. Ik heb er zelf een kleine herinnering aan, met weerhaken. Als twaalfjarige moet ik in de Latijnse les de vervoeging van het werkwoord capere opdreunen. Ik verhaspel de eerste persoon enkelvoud, in plaats van het correcte capio zeg ik capó. Wat zegt ge, vraagt de leraar smalend, kapoot? De klas lacht en ik weet niet waarom. Het bloed stijgt naar mijn wangen. Als twaalfjarigen zo lachen kan dat maar met één ding te maken hebben, dat begreep ik wel. Een condoom dus. De andere vrouwen in de kelder bij Roos hebben er nog nooit een in hun handen gehad.
‘Hebt ge er een bij, Roos?’
‘Laat eens zien.’
‘Komaan, Roos, we zijn curieus.’
Roos diept er een op uit haar rokken. Ze laten het rubberen dingetje van hand tot hand gaan.
‘Hoe voelt dat eigenlijk?’
‘Dat zoudt ge aan hem moeten vragen.’
‘En krijgt ’m dat helemaal vol?’
Het gelach overstemt de sirenes. De bommen zijn vergeten.
‘Zeg, mannen…’ Ook bij afwezigheid van mannen hebben de vrouwen de gewoonte om hun gezelschap zo toe te spreken.
‘Zeg, mannen, nu zou ik toch wel ’s willen weten hoeveel dat daar in kan.’
Er staan altijd twee emmers gereed in de kelder. Een lege voor dringende behoeften en een die gevuld is met drinkbaar pompwater. Joelend gieten de vrouwen water in het condoom. Beetje bij beetje spant het rubber zich op als een ballon. Tot het barst. Fien, die het condoom met vier vingers openspert, heeft kletsnatte voeten. Hilariteit. Bertine heeft plots nood aan de andere emmer.
En dan merken ze dat het alarm gestopt is.
‘Zeker twee liter’, zal Mima later met grote stelligheid aan haar dochter vertellen.

*

© Peter Mangel Schots


Peter Mangel Schots (Lier, 1972) is schrijver, dichter en literatuurdocent. Hij publiceerde twee dichtbundels en een boek met verhalen over De Eenzame Uitvaart. Tijd van dwang is zijn debuutroman.


Website Peter Mangel Schots
Label Peter Mangel Schots op De Schaal van Digther

Tijd van dwang bij Uitgeverij Horizon/Overamstel uitgevers
Wikipedia-pagina Peter Mangel Schots


 

 

dinsdag 24 februari 2026

Buurman - Miel Vanstreels

De buurman die ooit
mijn spelende zoontjes
bedreigde

en sinds die dag geen
groet meer krijgt
van mijn lief

die buurman ligt
op sterven,

als ik vraag hoe het
gaat vraagt zijn
vrouw of ik
even tijd heb,

drie kwartier later
heeft ze zeven
maanden aftakeling
samengevat,

vreemd toch, twee
deuren verder
wonen

en na meer dan
veertig jaar pas
een gesprek


© 
Miel Vanstreels


Recent verscheen dit gedicht ook in het Afrikaans op de Versindaba-site.
 




 

maandag 23 februari 2026

Herman de Coninck-prijs 2026-De nominaties


De Herman De Coninckprijs 2026 wordt op 21 maart 2026 uitgereikt.

Dit zijn de genomineerde  mogelijke prijswinnaars met hun respectievelijke bundels, en het zijn mooie bundels hoor:

Maxime Garcia DiazHet netwerk moet gebouwd worden (De Bezige Bij)
Sarah de KoningTekstielen (Querido)
Jolanda KooijmansAddertje (Koppernik)
Yasmin NamavarVerblijf (Jurgen Maas)
Peter VerhelstNachtatlas (De Bezige Bij) en
Sandrine VerstraeteKamers (het Balanseer)

De jury voor de editie 2026 bestaat uit Erwin Jans (voorzitter), Emerald Liu, Anthony Manu, Lisa Rooijackers en Jelle Van Riet
De 111 dichtbundels die werden ingezonden en waaruit de jury straks 44 bundels selecteert voor de gewaardeerde jaarlijkse bloemlezing “de 44” – een opsteker voor iedereen die in de bundel kan terechtkomen - kun je hier nalezen:

Website Herman de Coninck-prijs
Inzendingen 2026 voor de Herman de Coninckprijs 


Eilandheid - Sacha Blé

Eilandheid - Op Menorca
in memoriam Cees Nooteboom (1933-2026)

(i)

Bijna leef ik zoals ik zou,
dus zoals u.

Mijn dagen een licht bad, mijn zicht
zeewarm,

de studio krijtwit, eistil, Arabisch dik,
de patio bleu majorelle, mijn dagelijkse taal

eenzelfde borstel nu
van uw gebergte, cactussen, palm.

Hoeveel omwegen, hoeveel sinaas
bergt deze eilandheid,

nu deze februari nobel
over u zwijgt -


(ii)

Het sneeuwt hier dik wanneer ik lees
dat u daar gisteren bent overleden,

het sneeuwt hier traag uw rustige sneeuw,
in mijn bochten, op mijn omwegen.

Il neige, il neige sur Liège.
Hoogvlakte, monnikoog, hoveling,

kereltje op het balkon toen in Den Haag
de wereldoorlog al opnieuw begon,

de berg stilte
die u niettemin gauw vond,

is droef op weg nu, zonder schrift,
zonder haar god -

© Sacha Blé

Sacha Blé op DSvD





vrijdag 20 februari 2026

Deep fake - Philippe Cailliau

Soms zegt mijn pluimgewicht, mijn evenknie, 
mijn reisvriendin die sommen maakt van mijn 
gebreken: Ik ben een etalagepop.
Ik ben je fakebeeld, ik ben de prediker, 
de pater en de misdienaar in de catacomben 
van je ouder wordend lijf.

Wat maakt het uit of ik nu naakt ben of niet. 
Het hoofd dat naar beneden helt 
volgt toch de weg tussen de huidplooien die 
verdwijnen in de rug. Goed versleten 
zijn de oma’s en de opa’s. 

De pop in mij is breed en staart verlangend, vurig. 
De vlam wordt rook en botst tegen de onwilmuur 
alsof perfectie walm en warmte waaiert 
naar moedervlek en kuit en lies en melanoom. 

Zo onmiskenbaar heeft mijn mens een goede 
en een vuile geur, leeft in een vreemde stad, wordt 
hij of zij of het tot in den treure uitgestald en draagt 
in het geheugen de halve waarheid en een grote 

grote leugen.


© Philippe Cailliau 

Gedicht uit "De zijde van de zon", bundel in voorbereiding.

Philippe Cailliau bij De Schaal van Digther


Philippe Cailliau in Oostende - Foto Paul Rigolle




 


 

 

donderdag 19 februari 2026

Wakker de wakkeren - Philippe Cailliau

In koor kraken de daken en de stallen.
Verslijten schuren erkers, kelders,
wind ruikt naar paard en akker. En
grond is overal. Niet meer zo lang blijven
de wakkeren wakker in hun rollenspel.

Ik ben een vader elke dag. Een vader
die veroudert, die cirkels maakt binnen
de grenzen van zijn schaduw. Die
houterig een houding geeft aan schaamte. 

Mijn voedsel opgezogen,
mijn lichaam drijfzand met erover vel.
En jeuk, veel jeuk. Maar elke dag
worden de spieren opgespannen: 
mijn binnenwerk dat naar beneden huilt.
Naar aarde ruikt. Tussen de lakens 

zal onopvallend liggen:
mijn opgerolde huid. Ooit geboren.
Gestreeld, gedroogd en nu gedoogd. 

Verouderd en wakker ben ik
de vader. Weer wakker.
Verouderd weer.

 

© Philippe Cailliau 

Gedicht uit "De zijde van de zon", bundel in voorbereiding.

Philippe Cailliau bij De Schaal van Digther


Philippe Cailliau in Oostende - Foto Paul Rigolle




 


 

 

woensdag 18 februari 2026

Alsof schoonheid en muziek - Philippe Cailliau

Alsof een uitgesproken schoonheid
wordt gehoord als een nieuw requiem.

Muziek: daar zijn de tralies voor de zon,
de troost en zegeningen van de dag
niet voor. Gelauwerd luisteren naar
een natte arm twee natte benen
en het meest van al een hoofd
dat kalm het leven dirigeert. Redding is
op komst. Vermoeiender is niets dan
houden van geluid in real time.
 
Grijs rolt de zee: ze opent haar schuimerige
deuren. Licht wordt, trilling is, klank
wordt wie weet onzichtbaar. Zelfs als
onzekere stilte stolt, is er geen stilte.
De keel stuipt, schuurt, is een adagio
niettemin. Een verbintenis van stigmata.
De schoonheid daar, is er alsof, en toch:
altijd. De hendel van tonen van tover.
 

© Philippe Cailliau 

Gedicht uit "De zijde van de zon", bundel in voorbereiding.

Philippe Cailliau bij De Schaal van Digther


Philippe Cailliau in Oostende - Foto Paul Rigolle



zaterdag 14 februari 2026

Poëzieprijs van de Stad Ronse 2026 voor Philip Hoorne

 

Over de poëzie van Philip Hoorne kun je veel zeggen. Zijn vaak toegankelijke en badinerende gedichten doen het erg goed wanneer je ze de dichter hoort voorlezen. Altijd is er wel een ‘ironiserende’ Hoorniaanse wrong en/of pointe in zijn poëzie te vinden die voor een glim-of grimlach bij de toehoorders zorgt. Het maakt dat Philip Hoorne als dichter (té) vaak in het kastje van te nemen of te laten’ terechtkomt. Het maakt ook dat zijn gedichten niet al te dikwijls bekroond worden. De jury van de jaarlijkse poëzieprijs van de Stad Ronse dacht daar dit jaar unaniem anders over. Rond het vooropgezette poëzieweek-thema “Metamorfose” kreeg ze niet minder dan 138 inzendingen te beoordelen. Uiteindelijk werd het gedicht “Bij het oude” van Philip Hoorne uitverkoren om zoals elke laureaat van de wedstrijd “een tegel in het stadsbeeld” met een gedeelte van het winnend gedicht te ontvangen.

We geven hier graag - met dank aan de dichter - het winnende gedicht even mee:


Bij het oude


Ze vraagt of ik mijn plannen glad wil strijken
alsof een voornemen beter ademt als het
kreukvrij bungelt aan een koelkastmagneet
in de vorm van een overzees land.

Ze leest afgewerkte boodschappenlijstjes
voor aan haar Schnauzer, die haar negeert.
En ik, ik splits mezelf in almaar kleinere stukjes
zodat ze makkelijker om me heen kan lopen.

Op familiefeesten met zwartgeblakerde worsten
en lauwe gesprekken gaat ze rond met altijd weer
dezelfde vraag: waarom blijft alles bij het oude?

Elke dag bekwaam ik me in het bedenken van momenten
die nog niet durfden te gebeuren, terwijl zij blijft hopen.
Telkens als ik wegkijk, zie ik haar smekende ogen.


© Philip Hoorne

Graag vermeld ik hier ook nog ’s dat er van Philip Hoorne in het (vroege) najaar een nieuwe dichtbundel op komst is die zal verschijnen bij Uitgeverij Archipel.

Ook willen we jullie via dit blogbericht zeker de andere Ronse-laureaten en genomineerden niet onthouden.

Categorie van 12 tot 14 jaar:
Winnaar Levana Deblauwe (met ‘Stille dromen’) – genomineerden: Ibrahim Tahiri Belhssaian en Miro De Voet

Categorie jeugd van 15 tot 18 jaar:
Winnaar Dieuwke Lauwers (met ‘Muurbloem’) – genomineerd: de beide ingezonden gedichten van Dieuwke Lauwers

Categorie van 19 tot 35 jaar
Winnaar: Simon Hollevoet (met ‘Groeipijnen’) – genomineerden: Silke Eeckelaert en Augustin Grenné (die eerder winnaar was in 2025!!!)

Categorie 35+
Winnaar: Philip Hoorne – genomineerden Gerda Verschueren en Martin Henrist

De prijs voor de beste Ronsenaar ging dit jaar naar Kitty Eemans (‘Fluistering van mijn hart’)

Een brochure met de winnende gedichten kan worden opgevraagd bij de Bib van Ronse.

Philip Hoorne ondertekent een contract voor de
publicatie van een dichtbundel bij Uitgeverij Archipel

Poëzieprijs van de Stad Ronse  (pdf-bestand)
Blogbericht Philip Hoorne: Gewonnen in Ronse
Philip Hoorne bij De Knipscheer
Uitgeverij Archipel

(Tekst: Paul Rigolle)

vrijdag 13 februari 2026

Triomf met anticlimax (3) - Wim Vandeleene

Herstel

je kan het spel verknoeien met één blunder
een schoolrapport, de bouw van het eerste luchtkasteel
een wedstrijd koorddansen, kalverliefde, het huwelijk

de gave van het falen hebben we gemeen
soms spoel je de film terug, zie je opnieuw
de springplank naar de vrije val, verloren melktanden,
de krukken, een been in het gips

hoe je stuntelde in het vizier van de spot 
zaterdagavonden waarop je de aftocht blies
na de misser ging een rivaal met de eer lopen
de verspreking bracht een leugen aan het licht

je wil de fouten uit de film knippen
op welk kruispunt je een lief hebt gemist
op welk perron je de laatste trein achterna liep

© Wim Vandeleene

Wim Vandeleene bij de Schaal van Digther