Posts tonen met het label Jan-Paul Rosenberg. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jan-Paul Rosenberg. Alle posts tonen

maandag 9 oktober 2023

Over de wateren (2) - Jan-Paul Rosenberg

Over de wateren (2)

Wie schrijft, schrijv’ in den geest van deze zee of schrijve niet
(H. Marsman, ‘De zee’)

(drie gedichten van Jan-Paul Rosenberg uit de gelijknamige cyclus)(6/6)
 

In de diepzee


Voorbij de fotische zonering opent zich de nacht.
Ik tuur door de tot glas bevroren tijd naar een herinnering
aan hoe ik op de aarde eens mijn voetspoor maakte
tot een bewegend mozaïek in vochtig zand.

Zo ver verwijderd van het watervlak
ben ik op bodems van de duisternis geland
koester mijn zuurstofbellen in de hand, verdreven
bewandel ik de grondlaag van dit heden, alles

wat ik weet of heb geweten
vloeit veilig boven mij en om mij heen
suist de vertraagde anti-canto van de zee
waaruit ik opsta in een ademloos vergeten.

© Jan-Paul Rosenberg


 
Griffioenen

De zee een vlies tussen verdronken episoden
binnen de kooien van de hoop blijf ik aan dek
met stappentellers lopen, krab mijn angsten open
deel mijn hut met opgezette dodo’s, freakwaves

doen de cocktails rollen in mijn glas
waarin vergetelheid ontsnapt, als bruidegom
voor het verlangend boegbeeld van de nacht
verhuiven zich de golven tot een schedeldak

waaronder griffioenen dansen
door mijn hersenpan, mijn ogen
schaduwen de maan, in mij ontstaat
een sediment van sterren. En daaruit de dageraad.


© Jan-Paul Rosenberg



Grens

Er bruist een bron in mij, een diepe grond
waarin ik graaf naar wortels van de morgen
de bleke nagloed van de sterren ligt bestorven
op schaduwlippen van de mist die van de schemer slaat.

Golven rollen uit verdampend donker aan
halen met wel honderdduizend kieuwen adem
op de dunne, onbewaakte grens van lucht en water
verzin ik namen voor wat is en voor wat later

van mij overblijft wanneer ik ga
terwijl dit blauw er nog zal zijn: de oceaan
als spiegel van een tijdsgewricht dat hier ligt uitgelicht
en afgemeerd in dit verzilte ogenblik, dit vergezicht.


© Jan-Paul Rosenberg



Over de wateren (1) - op DSvD





zondag 8 oktober 2023

Over de wateren (1) - Jan-Paul Rosenberg

Over de wateren (1)

Wie schrijft, schrijv’ in den geest van deze zee of schrijve niet
(H. Marsman, ‘De zee’)

(drie gedichten van Jan-Paul Rosenberg uit de gelijknamige cyclus)(3/6)
 

Vanitas

Nu ook de laatste stem gezonken is denk ik terug
aan wat er was: een strand, daarop een dode meeuw
schetsmatig uitgebeend tot voorgrond voor een zon
waar schoonheid kraakt onder de laars van God

hoest schuim verdwaalde pluimen op, in een parfum van damp
herinner ik het zand – wat niet werd vastgelegd, drijft af
in visioenen. Er spoelen snavels mee, harpoenen
en een vlerk laat los, bestrijkt de avondval

met parelmoeren schijnsel van de maan, een taal
waarin vol eigendunk de uitgedijde oceaan
een nieuwe wereld openbaart, me wraakt
met honger en met dorst, verlost

streel ik verzopen meteoren, geef een kreeft de borst
en zet me binnen de omheining van de kosmos om
in dromen c.q. denkende microben, zo oneindig
uitgekookter dan mijn menselijke vorm.


© Jan-Paul Rosenberg

 

Roeping

De oppervlaktespanning breekt, voorbij de spiegeling
hangen de tuinen van verzonken lengtegraden  
schrijf ik verdwenen mensennamen

in het nat, op weg naar een verborgen land onder de baren
bouw ik met wolken mijn herinneringen na, laat me verdwalen
in de vraag waarom bleef uitgerekend ík gespaard, misleid

klamp ik me vast aan wat mij drijft
richting de ogen van een uitverkoren infernale periscoop
die mij vervloekt en tegelijkertijd tot redder doopt.


© Jan-Paul Rosenberg


Rif

Van wrakhout bouwde ik een ark
voor aardaroma’s; alle reine en onreinere gedachten
heb ik tot schalmeimuziek verklankt en tot gezang
voor onderzeese baaien waar azuren winden razen
door verkalkte oren, aan een dwarse mast genaaid.

Ik zet een masker op, duik onder, ga op zoek
naar sporen van beschaving, zie een rif vol wuivende poliepen
in fabrieken, lumineuze kwallen rondom winkelhallen, in kantoren
giftige murenes op het zilte geurspoor van sirenen – zie, er drijft
een kunstgazon voorbij, bevlogen roggen zweven langs koralen

van bolides en mobieltjes
zwemmen door tentakels, klotsend kwijnt
een schervend heiligbeeld, in hoger sferen
reikend naar een heerschappij voorbij het tij, haast godgelijk
proef ik een druppel leven in een oceaan van eeuwigheid.


© Jan-Paul Rosenberg





Jan-Paul Rosenberg is oprichter en directeur van Stichting Achterland, bruggenbouwer tussen literatuur en maatschappij. Zijn poëzie verscheen in verscheidene literaire tijdschriften en bloemlezingen. In 2018 was hij de winnaar van de negende editie van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd, in 2020 won hij de Poëziewedstrijd van de stad
Oostende en in 2022 werd hem de Rob de Vosprijs toegekend. Als performer trad hij op in onder meer Branoul, Perdu en ’t Einde van de Wereld. Jan-Paul Rosenberg ontwikkelt concepten op het grensvlak tussen poëzie, visuele kunsten en muziek. Zijn bundel ‘Laatste foto van de vrede’ verscheen in 2022 bij De Arbeiderspers. Sinds 2023 is hij stadsdichter van
Zeist.

zaterdag 6 maart 2021

Laaglandse Archeologie-Poëzieprijs

Nieuwe poëzieprijs verbindt kunst en wetenschap

Jan-Paul Rosenberg, allang geen onbekende meer voor de poëzielezer en de kolommen van de Schaal van Digther deelt ons het bestaan mee van de Laaglandse Archeologie-Poëzieprijs. De wedstrijd gaat voor het eerst door. Gevraagd wordt: maximaal drie gedichten geïnspireerd op een archeologisch thema in te sturen voor 1/7/2021. Hoofdprijs: 1000 euro. Jury o.l.v. Tsead Bruinja. Hieronder geven we graag het volledige persbericht.

De Laaglandse Archeologie-Poëzieprijs bekroont het beste Nederlandstalige gedicht over archeologie en cultureel erfgoed. De wedstrijd, die in 2021 voor het eerst wordt gehouden, staat open voor zowel professionele dichters als amateurs in Nederland en Vlaanderen en heeft als doel meer mensen te enthousiasmeren voor poëzie én archeologie. De eerste prijs bestaat uit een bedrag van duizend euro.

Aan de wedstrijd kan worden deelgenomen door inzending, vóór 1 juli 2021, van maximaal drie gedichten in de Nederlandse taal, geïnspireerd op een archeologisch thema. Daarna buigt de jury, onder leiding van voormalig Dichter des Vaderlands Tsead Bruinja, zich over de inzendingen. De feestelijke proclamatie en huldiging van de prijswinnaars vindt plaats in november 2021 op een bijzondere, met de archeologie verbonden locatie. Bij die gelegenheid wordt ook de wedstrijdbundel gepresenteerd waarin de twintig genomineerde en de drie winnende gedichten zijn opgenomen. Je kunt je inzendingen sturen naar distri@achterland.nl o.v.v. LAAP-2021.

Voor meer informatie: https://www.achterland.nl/nationale-archeologie-poezieprijs

De Laaglandse Archeologie-Poëzieprijs is een initiatief van de Stichting Achterland uit Zeist, een onafhankelijke stichting zonder winstoogmerk met als missie het bouwen van bruggen tussen maatschappij en poëzie, door deze in uiteenlopende innovatieve projecten met elkaar te verbinden.

De Laaglandse Archeologie-Poëzieprijs ondervindt steun van onder meer het Fonds voor Cultuurparticipatie, het Prins Bernhard Cultuurfonds, het Mr. August Fentener van Vlissingen Fonds, de Frans Mortelmans Stichting, de Karen E. Waugh Foundation en Vestigia BV Archeologie & Cultuurhistorie. Bij bewezen succes is het streven de wedstrijd om het jaar te laten plaatsvinden.


vrijdag 3 april 2020

Als beken die zich verenigen tot een stroom

Frank Decerf sprak met Jean-Paul Rosenberg winnaar van de PPO 2019-2020

Naar aanleiding van de Poëzieprijs van de stad Oostende, ging Frank Decerf, jurylid, in gesprek met de winnaar. Ook voor de 13 de editie gebeurde dat. Hieronder het resultaat van een interessante confrontatie met de laureaat Jean-Paul Rosenberg die eerder ook de Turing-prijs won.

Jean-Paul eerst en vooral proficiat met je winnend gedicht De winterzwemmer dat overal in de stad Oostende te zien en te lezen is. Waarom deed je mee aan de Poëzieprijs van de stad Oostende?

De Poëzieprijs van de stad Oostende staat binnen ons taalgebied bekend als een literaire prijs van gewicht. Er is een omvangrijk en sterk deelnemersveld en het leek me een mooie uitdaging om te zien hoe ver ik kon komen. Bij de editie 2011-2012 kreeg ik tot mijn verrassing een eervolle vermelding en in 2020 won ik tot mijn nog grotere verrassing de eerste prijs.

Kende je de stad Oostende al?

Eigenlijk alleen uit de boeken en de verhalen. Mijn vrouw was er als kind te gast in de zomer en mijn ouders vierden er hun huwelijksreis. Zelf was ik er echter nog nooit geweest. Inmiddels is daar gelukkig verandering in gekomen.

Hoe, waarom en wanneer zette je de eerste stappen in de literaire wereld? Waarom ben je beginnen schrijven?

Schrijven doe ik al sinds mijn tienerjaren, maar mijn eerste stappen in de literaire wereld zette ik zo’n tien jaar terug, met mijn gelijktijdig debuut in de tijdschriften Tzum en Meander. Kennelijk was mijn werk toen pas voldoende rijp was voor lezing buiten de eigen kring.

Kun je ons vertellen waarmee je nu bezig bent?

Als redacteur ben ik voornamelijk bezig met het samenstellen en publiceren van literaire bloemlezingen over Nederlandse steden, streken en provincies. Als dichter werk ik aan nieuwe poëzie, maar tegelijkertijd ook aan een bundel met gedichten van de afgelopen twee/drie jaar. Daarnaast ben ik actief in projecten op het grensvlak van poëzie en andere kunstvormen, zoals film, fotografie en muziek.

Je bent dus blijkbaar op vele vlakken actief. Mag ik je vragen wie je grote voorbeelden zijn/waren uit de hedendaagse literatuur en waarom?

Mijn grote voorbeelden en inspiratoren zijn te vinden in de volle breedte van het 
twintigste en eenentwintigste-eeuwse literaire landschap van Nederland, Vlaanderen en buiten ons taalgebied. Spirituele, observerende en experimentele dichters buitelen in mijn boekenkast door en over elkaar heen. Om er een paar te noemen: Lucebert, Paul van Ostaijen, Martinus Nijhoff, Menno Wigman, Delphine Lecompte, Sylvie Marie, Alfred Schaffer, J.A. Deelder, Ida Gerhardt, Hugo Claus, Pierre Kemp, Rutger Kopland, Ben Lerner, Wislawa Szymbosrka, Seamus Heaney, Pablo Neruda en ga zo maar verder. Stuk voor stuk betreft het mensen die van de taal iets magisch maken.

Ik begrijp wat je bedoelt. Wat publiceerde je tot op heden? Waar?

Tot op heden publiceerde ik poëzie in de bloemlezing Nog een lente, twee edities van de Bekroonde werken uit de tweejaarlijkse Poëziewedstrijd van de stad Oostende en vier van De honderd beste gedichten uit de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd, die ik in 2018 won. Ook verschenen mijn gedichten in literaire tijdschriften als Deus Ex Machina, Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, Tzum, Nynade, Meander, De Schaal van Digther, Contrabas, Ei, Re:pre-sent, Op ruwe planken en Krakatau.

Heb je een voorkeur voor een of ander genre of is dat niet relevant?

Voor mij is dat zonder meer de poëzie. In de Oudheid was er een scribent die de stelling poneerde dat wat hij ook schreef uiteindelijk altijd alleen maar een vers kon zijn. Bij die gedachte sluit ik mij volmondig aan.

Als het op het schrijven komt ben je dus dichter pur sang. Heb je nog andere artistieke talenten?

Talenten vind ik moeilijk te zeggen, maar ik heb veel interesse in visuele kunsten, theater en muziek. Op eigen kompas, maar ook met intrinsieke beoefenaars van deze genres heb ik inmiddels de nodige experimenten tot stand mogen brengen. Projecten, overigens, waarvan de poëzie steevast een wezenlijk bestanddeel vormt.

Wat zou je nog graag willen schrijven?

Naast individuele gedichten zou ik nog wel eens aan een lange, thematische cyclus willen bouwen, bij voorkeur rondom een relatief los en open uitgangspunt. Ik heb al wel ideeën hierover, maar de uitwerking nog niet paraat.

Heb je tijdens het schrijven een bepaalde routine? Een bepaalde dagindeling? Hoe ga je te werk?

Mijn schrijfmethodiek volgt een tamelijk gedisciplineerd pad: ik begin losjes met associaties, ideeën en observaties die zich als beken verenigen tot een stroom aan notities rondom een zekere kerngedachte die langzaam uitgroeit tot een gedicht. De tweede fase betreft een streng proces van schrappen en samenvoegen tot er iets ontstaat met enige coherentie en urgentie. Derde en laatste fase is het bijsnijden en afwerken tot een gedicht dat in potentie geschikt is voor publicatie en verzending naar de redactie van een tijdschrift of de jury van een poëziewedstrijd.

Blijft poëzie voor jou een doel op zich?

Voor mij wel. Poëzie vormt een wezenlijk bestanddeel van mijn leven. Het is een kunstvorm die mensen kan raken, inspireren, op nieuwe inzichten brengen, verbinden. Opmerkelijk is dat, hoewel voor velen poëzie in het dagelijks leven iets ‘op afstand’ is, mensen op scharniermomenten in hun leven toch vaak hun heil zoeken bij gedichten. Denk aan ogenblikken die zijn verbonden met dood, huwelijk of geboorte; daar waar het leven zijn cyclische krachten toont. Hieruit moet je dan toch wel concluderen dat poëzie een doel heeft en, zo niet nuttig, dan toch in ieder geval zinvol is.

Welke van je publicaties/gedichten vind jij het best? Waarom?

Moeilijk te zeggen, want alles wat ik schreef vloeit voort uit dezelfde bron en vertelt in essentie dezelfde verhalen. Als ik dan toch moet kiezen, dan zijn het misschien toch de gedichten die binnen het literaire circuit nadrukkelijk succes kenden, zoals Laatste foto van de vrede en De winterzwemmer, juist omdat ze een soort wijdingsproces hebben doorgemaakt en kennelijk voor andere mensen iets betekenen, op zijn minst voor de juryleden die ze bekroonden met een prijs. Voor mij zijn die gedichten ook verbonden met zoete herinneringen aan proclamaties, mooie avonden vol sfeer en poëzie.

Volg je de huidige lichting nieuwe en jonge dichters? Waarom wel/niet? 

Zeker. Ik lees graag recensies, koop vaak bundels, ook van jonge en/of onbekende dichters, en word vaak verrast door de kwaliteit en intensiteit van hun werk. Neem bijvoorbeeld Radna Fabias en Marieke Rijneveld. Puur vuurwerk is dat.

Radna Fabias passeerde ook heel succesvol langs de PPOostende, ze was immers winnares in 2016. Ben je zelf beïnvloed in jouw schrijven?

Absoluut. Door poëzie, maar eveneens door andere kunstvormen, natuur, landschap, historie, mythologie en architectuur. En door alledaagse, terloopse of zelfs banale uitingen van beeld en taal op radio, tv en billboards. Ook die hebben hun plaats en vinden onderdak in mijn verzen.

Men probeert schrijvers altijd wel in een hokje te plaatsen. Pas jij in een of ander literair hokje?

Dat is lastig te zeggen. Mijn werk heeft een spirituele dimensie, maar ook een zeer aardse; is tegelijkertijd traditioneel en experimenteel. Het doet een gooi naar de vitale traditie van het Interbellum, de vlam van de Vijftigers, de implosies van de hermetische traditie en de no-future van de Maximalen. Tegelijkertijd is het ook eigentijds, qua thema en stijl. Misschien moet ik het beantwoorden van deze vraag aan anderen overlaten…

U hebt dat recht natuurlijk. Laten we verder gaan. We leven in woelige tijden, hebben de maatschappelijke evoluties een invloed op jouw werk?

Zonder meer. Mijn gedichten worden bevolkt door allerlei postmoderne personages en dito maatschappelijke onderwerpen.

Wat stoort jou het meest in de literaire wereld?

Eigenlijk niet zoveel. Voor zover ik het kan overzien, gaat het er in het Nederlandse en Vlaamse literaire landschap vrij gemoedelijk aan toe. Soms zijn er polemieken die ‘het literair bedrijf’ geen goed doen. Dan vraag je je af waarom je zou ruzie maken in een wereld die al zo klein en kwetsbaar is. Of boze recensies schrijven: steek liever je energie in het bewieroken van werk dat je de moeite waard vindt, dan in het afbranden van iets dat je minder bevalt. Een beetje meer ambassadeurschap van de letteren richting de rest van de wereld kan geen kwaad, lijkt me. Ook mis ik een beetje de literaire subculturen en bewegingen, zoals die van de Tachtigers, de Vijftigers en zo. Misschien zijn die er trouwens wel maar zijn ze voor mij niet zichtbaar.

Wat mogen wij nog van jou verwachten?

Na het winnen van “Turing” en “Oostende” en publicaties in en aantal tijdschriften denk ik dat een logische volgende stap is om, zoals ik hierboven al meldde, naar een integrale dichtbundel toe te werken en deze gepubliceerd te krijgen. Ook zou ik het leuk vinden om mijn werk vaker voor te dragen. Ik houd van de interactie met publiek en geloof dat een gedicht het best tot zijn recht komt als je het deelt met anderen. Vanuit een soortgelijke saamhorigheidsgedachte hoop ik ook op een wat meer regelmatige samenwerking met kunstenaars uit andere disciplines, met het oogmerk verschillende kunstvormen onder een dak te brengen, voor een gezamenlijk feest ‘voor alle muzen’.

Bedankt Jean-Paul voor deze interessante babbel. Nog veel succes met je literaire carrière en we kijken zeker uit naar je verdere publicaties.



© Frank Decerf



maandag 6 mei 2019

Digital soul - Jan-Paul Rosenberg

Het landschap nagebouwd tot schermenwand
waar dromers zichzelf ontdekken. Men neme het geduld
van een pixel, het grauw van een braakland waar de storm
nog ongeschonden onze stad in walst.

Men zegge amen, verlegge de grens naar het forensisch
knippen in gevallen vlees, leze het bloedeloze ingewand
en concludere: hora est. We wissen ons ras en ons geslacht
verlaten ongemerkt maar wel per ommegaande onze aarde.

Hyperrealistisch dringt
het tot de schermen door: een schets
verzachte grijsgedraaide continenten, oceanen
vol verlangen buitenaards getreden aquarel te zijn.

We schepen in, laten de herinnering aan uitgeroeide dieren
los in de ruïnes van de hemel, betrekken onze godenberg
op de aanpalende planeten, vervolmaken daar de kunst
te excelleren in het zuurstofloze zwalken om het zwart.


© Jan-Paul Rosenberg

Uit het typoscript in voorbereiding "Laatste foto van de vrede".

Jan-Paul Rosenberg was de winnaar van de negende editie van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd.
Hij is oprichter en directeur van de onafhankelijke literaire uitgeverij Stichting Achterland in Zeist.

zondag 5 mei 2019

Teloorgang van onze Heldere Leider (code rood) - Jan-Paul Rosenberg

Met zilver blazen we de regen uit
de lucht, slachten (bij wijze van offer) het paard
de wolken, op hun beurt, vullen ons hoofd met hallucinaties
van dode paarden. De ceremonie is een daverend succes.

Eén schreeuw van steen slechts
vanaf een haastig opgeworpen barricade slaat een bres
in het onwrikbaar pantser van zijn wet, maakt
zijn kleuren onleesbaar, onklaar.

Dan is het voorbij. Het wonder scheurt en wij
zijn de hypnose kwijt, happen naar de lucht, verliezen
de macht over onze gedachten, herinneren ons niets
– de dingen herinneren zich ons, wij

zingen ‘Voorwaarts!’ nog, zelfs nu
de vuist van onze storm van glas blijkt, Heldere Leider
lachend wegkomt met een valscherm dat in het afvallig
vacuüm van ons gecondenseerde denken openklapt.


© Jan-Paul Rosenberg

Uit het typoscript in voorbereiding "Laatste foto van de vrede".

Jan-Paul Rosenberg was de winnaar van de negende editie van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd.
Hij is oprichter en directeur van de onafhankelijke literaire uitgeverij Stichting Achterland in Zeist.

zaterdag 4 mei 2019

Naaktstudie van het firmament (2031 of later) - Jan-Paul Rosenberg

Largo, zoals een moeder haar kind baart,
spannen kleuren samen in het ochtendgrauw
drenkplaats voor de schilderes die niet de huid
maar slechts de geest van de mens wil verbeelden.

Meanderend toucheert ze, zwartig glanzend, wat ze ziet.
Scheur in het licht dat als een siervrucht openbreekt, zo
staan we blauwig om haar heen, verdrijven on the spot
het witte zonlicht terug achter de kim, begraven ons

met onze ogen naar beneden, denkbeeldig bewegen
we met onze wortels onze dampkring in, voorvoelen
wat we niet meer weten. Kijk, ons zicht verdwijnt
in de adembenemende leegte, fata morgana’s

uit een melkwegtuin, dwars door het duister
trilt een lied van versteende, maar giftige bloemen. En wij
raken aan het diep abstract geluk van kosmonauten, niets meer
te willen dan de ‘huid der tijd’ optillen, zien wat eronder leeft.


© Jan-Paul Rosenberg

Uit het typoscript in voorbereiding "Laatste foto van de vrede".

Jan-Paul Rosenberg was de winnaar van de negende editie van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd.
Hij is oprichter en directeur van de onafhankelijke literaire uitgeverij Stichting Achterland in Zeist.

vrijdag 3 mei 2019

Incubatie van de Apocalyps (de komst van de engel als voorbode) - Jan-Paul Rosenberg

Blokkeer de straat, supporters
de engel beukt met zijn vleugels
op de catacomben, stroomt binnen
stoot vertrouwde visoenen lek.

Hij ziet er jonger uit dan in de film of op de etiketten
van flacons met antirimpelcrème, pist tegen de boom
der kennis. Krachtvoer is wat hij belooft als losgeld
voor zijn losgeslagen aardse antipoden.

Achteraf stonden de dagen leeg
rondom de ingeslapen zee, maar met
getijden mee stroomde een zwart
waarin de ruimte openbrak.

Daar raast de engel, met zijn vuur en vlam
doopt hij de bokken, schapen, scheert terug
naar wrede, ongedeelde eeuwigheid en wacht
(immuun voor onze duisternis) de aftrap af.


© Jan-Paul Rosenberg

Uit het typoscript in voorbereiding "Laatste foto van de vrede".

Jan-Paul Rosenberg was de winnaar van de negende editie van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd.
Hij is oprichter en directeur van de onafhankelijke literaire uitgeverij Stichting Achterland in Zeist.