Vijftien Augustus
Van alles wat moeders geven,
laat warmte rijkdom na,
brengt kou ontbering mee.
Als jouw handen een pop halsstarrig
strelen en daarmee grijze gevoelens wekt,
breekt zijn hand meedogenloos
jouw bange vingers open.
Als jouw mond waanzinnig
lieflijk vragend woorden beroert,
brengt zijn mond een graf-
stem bovengronds.
Als jouw hart je onverholen argeloos
in een meesterlijk web verstrikt,
ontkent zijn haatdragend hart
de glans van een onmogelijk sprookje.
Als jouw onthullende lenden
de binnen- en buitenwacht betrekken,
blijft zijn harde lijf calvinistisch
onbewogen bij het meeuwengekrijs.
Van alles wat moeders geven,
laat warmte rijkdom na,
brengt kou ontbering mee.
© Achilles M. Surinx

Geen opmerkingen:
Een reactie posten