Passanten
Hierover liegen de dichters allemaal
Letters kunnen vonken slaan ’t is waar
Dus vuur dat mag en stromend water
Maar woorden kunnen nooit kleuren
dragen alleen muziek als ze stapvoets
gaan – Wie schrijft er nog met kinderhanden?
Een gedicht kan in zichzelf niet staan
het vangt geen stilstand in zijn raam
maar de weerkaatsing van passanten
© Maarten Embrechts
Uit 'Liefde is een ander land'. De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in De Zwarte Panter – Meer info: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Maarten Embrechts bij De Schaal van Digther
maandag 26 augustus 2019
zondag 25 augustus 2019
Love Letter - Voor William Cliff - Maarten Embrechts
Voor William Cliff
Ik ben geen tiener meer Ik ben zes jaar jonger
dan jij Wat wil zeggen dat ik al oud ben En nochtans
met dat verschil heb ik bijwijlen rondgehangen
in dezelfde oorden als jij in Barcelona in de Barrio Chino
en in de cinema … Ik ben de naam vergeten van de bioscoop
tegenover het station Men speelde er Fellini die middag
Terwijl ik je lees vraag ik me af of jij het was
die naast me kwam zitten om gepijpt te worden
Ik veronderstel dat je bij de jezuïeten zat in een stad
die je niet vermeldt terwijl ik mijn broek in Malonne
heb versleten En terwijl mijn blik nu van jouw bladzijde
naar mijn bladzijde gaat denk ik met heimwee terug aan die
aaneenschakeling
van transgressies allerhande die zich afspeelden tussen Gemblours
en de Vaartstraat in Leuven en waarom niet tussen Turnhout
en Malonne
© Maarten Embrechts
Uit 'Liefde is een ander land'. De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in De Zwarte Panter – Meer info: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Maarten Embrechts bij De Schaal van Digther
Ik ben geen tiener meer Ik ben zes jaar jonger
dan jij Wat wil zeggen dat ik al oud ben En nochtans
met dat verschil heb ik bijwijlen rondgehangen
in dezelfde oorden als jij in Barcelona in de Barrio Chino
en in de cinema … Ik ben de naam vergeten van de bioscoop
tegenover het station Men speelde er Fellini die middag
Terwijl ik je lees vraag ik me af of jij het was
die naast me kwam zitten om gepijpt te worden
Ik veronderstel dat je bij de jezuïeten zat in een stad
die je niet vermeldt terwijl ik mijn broek in Malonne
heb versleten En terwijl mijn blik nu van jouw bladzijde
naar mijn bladzijde gaat denk ik met heimwee terug aan die
aaneenschakeling
van transgressies allerhande die zich afspeelden tussen Gemblours
en de Vaartstraat in Leuven en waarom niet tussen Turnhout
en Malonne
© Maarten Embrechts
Uit 'Liefde is een ander land'. De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in De Zwarte Panter – Meer info: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Maarten Embrechts bij De Schaal van Digther
zaterdag 24 augustus 2019
Triptiek voor Lucienne - Maarten Embrechts
Triptiek voor Lucienne
1
Dit wordt haar laatste kat
al die andere levens heeft ze al gehad
’t Begon met suikerspin dat in de bomen hing
Conrad was toen nog Pink
(Ze heeft het allemaal gezien)
Het gedicht is maar een voertuig
We wonen allemaal in Nergenshuizen
2
Ze wil naast haar vader zitten
Ze roept hem met muziek
Nog steeds
Hij is alles Hij is niets
Ze telt hem op haar vingertoppen
Alles en niets
Alles niets
Hij zit in haar vingertoppen
Even is ze niet
3
Ze schildert de oceaan
en veel binnenmeren en komt steeds
bij hetzelfde uit: een schreeuw
die ze niet uit kan spreken
Ze staat altijd in verf gereed
Meest alleen
© Maarten Embrechts
Uit 'Liefde is een ander land'. De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in De Zwarte Panter – Meer info: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Maarten Embrechts bij De Schaal van Digther
1
Dit wordt haar laatste kat
al die andere levens heeft ze al gehad
’t Begon met suikerspin dat in de bomen hing
Conrad was toen nog Pink
(Ze heeft het allemaal gezien)
Het gedicht is maar een voertuig
We wonen allemaal in Nergenshuizen
2
Ze wil naast haar vader zitten
Ze roept hem met muziek
Nog steeds
Hij is alles Hij is niets
Ze telt hem op haar vingertoppen
Alles en niets
Alles niets
Hij zit in haar vingertoppen
Even is ze niet
3
Ze schildert de oceaan
en veel binnenmeren en komt steeds
bij hetzelfde uit: een schreeuw
die ze niet uit kan spreken
Ze staat altijd in verf gereed
Meest alleen
© Maarten Embrechts
Uit 'Liefde is een ander land'. De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in De Zwarte Panter – Meer info: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Maarten Embrechts bij De Schaal van Digther
vrijdag 23 augustus 2019
De kus - Maarten Embrechts
De kus
Toen je er niet meer was
wou ik je aankleden
Ik kocht een huis buiten de stad
Ik zocht de spullen en de meubels
die je weer moesten maken
tot wie je was
En dan als vlees
heel kwetsbaar liggen tegen je scherpte aan
als voor een kus
Het verleden raakt nooit af
© Maarten Embrechts
Uit 'Liefde is een ander land'. De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in De Zwarte Panter – Meer info: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Maarten Embrechts bij De Schaal van Digther
Toen je er niet meer was
wou ik je aankleden
Ik kocht een huis buiten de stad
Ik zocht de spullen en de meubels
die je weer moesten maken
tot wie je was
En dan als vlees
heel kwetsbaar liggen tegen je scherpte aan
als voor een kus
Het verleden raakt nooit af
© Maarten Embrechts
Uit 'Liefde is een ander land'. De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in De Zwarte Panter – Meer info: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Maarten Embrechts bij De Schaal van Digther
donderdag 22 augustus 2019
Liefde is een ander land - Maarten Embrechts
Liefde is een ander land, is de titel van de nieuwe, op komst zijnde bundel van Maarten Embrechts. Ook uit deze bundel publiceren we, bij wijze van voorpublicatie, de komende
dagen enkele gedichten.Weliswaar vrij laat gedebuteerd laat schilder-dichter Maarten Embrechts zich de laatste jaren op poëtisch vlak niet onbetuigd. In 2014 verscheen zijn debuut Dagen van koffie en van brood. Samen met de bundels Vel (2016) en Letters in mijn hof (2018) vormt zijn debuut een boeiend drieluik. In zijn nieuwe bundel 'Liefde is een ander land' geeft Embrechts "vooral lucht aan een mystieke verzuchting naar heelwording en ontgrenzing. Het is z.i. daartoe een voertuig en een middel bij uitstek of, zoals hij het zelf formuleert: 'Meer witheid staat er geschreven dan letters om in te bestaan en in te leven.'
Eerdere publicaties die op ‘de Schaal van Digther’ verschenen kunnen nagelezen worden via deze link. Liefde is een ander land is een uitgave van Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Contact: kantoor@devries-brouwers.be
De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in de Zwarte Panter. Lucienne Stassaert leidt de bundel in. Quirilian (Frank De Vos & Jan Mertens) zorgt voor de muzikale omlijsting. Toegang is gratis.
Eerdere gedichten van Maarten Embrechts op 'De Schaal van Digther'.
dagen enkele gedichten.Weliswaar vrij laat gedebuteerd laat schilder-dichter Maarten Embrechts zich de laatste jaren op poëtisch vlak niet onbetuigd. In 2014 verscheen zijn debuut Dagen van koffie en van brood. Samen met de bundels Vel (2016) en Letters in mijn hof (2018) vormt zijn debuut een boeiend drieluik. In zijn nieuwe bundel 'Liefde is een ander land' geeft Embrechts "vooral lucht aan een mystieke verzuchting naar heelwording en ontgrenzing. Het is z.i. daartoe een voertuig en een middel bij uitstek of, zoals hij het zelf formuleert: 'Meer witheid staat er geschreven dan letters om in te bestaan en in te leven.'
Eerdere publicaties die op ‘de Schaal van Digther’ verschenen kunnen nagelezen worden via deze link. Liefde is een ander land is een uitgave van Uitgeverij C. de Vries-Brouwers
Contact: kantoor@devries-brouwers.be
De bundel wordt op donderdag 19 september 2019 voorgesteld in de Zwarte Panter. Lucienne Stassaert leidt de bundel in. Quirilian (Frank De Vos & Jan Mertens) zorgt voor de muzikale omlijsting. Toegang is gratis.
Eerdere gedichten van Maarten Embrechts op 'De Schaal van Digther'.
woensdag 21 augustus 2019
Poëzieprijs van de Stad Oostende - Elfde editie
Oostende, onvolprezen Stad aan Zee, wijst ons graag op de lopende elfde editie van haar poëziewedstrijd. Het bericht:
‘De Stad Oostende organiseert in 2019-2020 de elfde editie van de Poëziewedstrijd. Wie de vingers voelt tintelen, kan nu al zijn of haar gedicht bezorgen aan de dienst Cultuur. Deelnemen kan nog tot 1 oktober 2019.
Ben je er een krak in om je meest intense gevoelens en diepste gedachten in prachtige zinnen op papier te zetten? Of is een tussendoorverhaaltje meer je ding? Laat de woorden vloeien, je klavier rammelen of je pen spetteren en neem deel aan de elfde editie van de poëziewedstrijd van Stad Oostende. Tot 1 oktober 2019 kan iedereen één of twee ongepubliceerde Nederlandstalige gedichten - met een maximale lengte van een A4-pagina - bezorgen aan de dienst Cultuur. Misschien vervoeg jij hiermee het rijtje winnaars van de voorgaande jaren, waaronder Bianca Boer, Wout Waanders, Erwin Steyaert en Paul Rigolle. Bovendien ontvangt de laureaat 3.000 euro, de tweede en de derde prijs bedragen respectievelijk 1.500 euro en 750 euro.
Blaas de zevenkoppige jury, allen klinkende namen binnen de wereld van het geschreven woord in onze lage landen, van hun sokken en verbaas hen met jouw eigen stukje poëzie! De uitreiking vindt plaats in januari 2020.
Alle info en deelnemingsformulier vind je hier. ‘
Ja, niets wijst er op dat jij niet die poëtische krak die in men in Oostende zoekt, zou kunnen zijn! Nog tijd tot 1 oktober 2019 om in te sturen!
‘De Stad Oostende organiseert in 2019-2020 de elfde editie van de Poëziewedstrijd. Wie de vingers voelt tintelen, kan nu al zijn of haar gedicht bezorgen aan de dienst Cultuur. Deelnemen kan nog tot 1 oktober 2019.
Ben je er een krak in om je meest intense gevoelens en diepste gedachten in prachtige zinnen op papier te zetten? Of is een tussendoorverhaaltje meer je ding? Laat de woorden vloeien, je klavier rammelen of je pen spetteren en neem deel aan de elfde editie van de poëziewedstrijd van Stad Oostende. Tot 1 oktober 2019 kan iedereen één of twee ongepubliceerde Nederlandstalige gedichten - met een maximale lengte van een A4-pagina - bezorgen aan de dienst Cultuur. Misschien vervoeg jij hiermee het rijtje winnaars van de voorgaande jaren, waaronder Bianca Boer, Wout Waanders, Erwin Steyaert en Paul Rigolle. Bovendien ontvangt de laureaat 3.000 euro, de tweede en de derde prijs bedragen respectievelijk 1.500 euro en 750 euro.
Blaas de zevenkoppige jury, allen klinkende namen binnen de wereld van het geschreven woord in onze lage landen, van hun sokken en verbaas hen met jouw eigen stukje poëzie! De uitreiking vindt plaats in januari 2020.
Alle info en deelnemingsformulier vind je hier. ‘
Ja, niets wijst er op dat jij niet die poëtische krak die in men in Oostende zoekt, zou kunnen zijn! Nog tijd tot 1 oktober 2019 om in te sturen!
zaterdag 17 augustus 2019
Les jours d'antan (1)
![]() |
| Tijdschrift Filter - Najaar 1976 |
Af en toe iets opduikelen uit de literaire oude doos, het moet kunnen. Les jours d’antan!
Bovenstaande foto werd in het najaar van 1976 genomen tijdens een bijeenkomst van het toenmalige literaire tijdschrift Filter. Niet te verwarren evenwel met het huidige tijdschrift voor vertalen Filter. Op het ogenblik van de foto werd ergens in Gent (in de buurt van de huidige boekhandel Limerick?) de poëzieprijs van het tijdschrift uitgereikt. Laureaat was toen Fil Hantko, maar waar ter wereld zou zich nu Fil Hantko, een alias van Filip Denijs, en ooit nog samensteller van de verzamelde gedichten van Jotie 't Hooft, bevinden?
Vooraan op de foto: Frans Deschoemaeker (l) die aan de laatste maanden van zijn militaire dienst bezig was en Paul Rigolle (r) die toen blijkbaar nog ongegeneerd Bastos-filter mocht roken. O ja, wat wij ons ook nog afvragen: wie zouden die mannen achteraan op de foto kunnen zijn? In de coulissen moet toen ook Willem Debeuckelaere rondgelopen hebben, nu bekend als (gewezen) voorzitter van de Privacycommissie, toen verantwoordelijke uitgever van Filter, maar daar zijn geen foto's van.
Aanvulling:
De man tussen Frans Deschoemaeker en Paul Rigolle blijkt Karlon Tijm te zijn, destijds net als Deschoemaeker redactielid van Filter.
dinsdag 6 augustus 2019
Vergeethoek - Wim Vandeleene
gisteren schoolmoe over de krijtlijn gestapt
even los en niet weten waarheen, nu ik terugkeer
wacht je me op met de preek en de straf
als je hard zwijgt keer ik me af
wandel naar een hoek waar ik in schaduw
hap en stik, als het moet sta ik er op één been
de handen op het hoofd tot je me roept
hoe ik me ook wentel in het stof
je blijft zwijgen met een blik die snijdt in mijn rug
wanneer de kramp in mijn kuiten schiet, geef ik me over
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
even los en niet weten waarheen, nu ik terugkeer
wacht je me op met de preek en de straf
als je hard zwijgt keer ik me af
wandel naar een hoek waar ik in schaduw
hap en stik, als het moet sta ik er op één been
de handen op het hoofd tot je me roept
hoe ik me ook wentel in het stof
je blijft zwijgen met een blik die snijdt in mijn rug
wanneer de kramp in mijn kuiten schiet, geef ik me over
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
maandag 5 augustus 2019
Dialoog met echo - Wim Vandeleene
je zegt wat ik zeg zo identiek
aan mij maar dan een octaaf hoger
alsof je niets kan verzinnen, alleen volgen
je valt na een kwarttel in, zo beleefd ben je wel
ik mag beginnen, buiten tast ik in het donker
binnen pel ik het behang los, alsof de muur me bespiedt
soms laat ik een pauze midden in mijn zin in de hoop
dat je de knoop uit mijn keel haalt, me zegt wat ik
zeggen moet of dat je dan zwijgt en een punt zet
achter de stilte waaraan ik moeilijk wen
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
aan mij maar dan een octaaf hoger
alsof je niets kan verzinnen, alleen volgen
je valt na een kwarttel in, zo beleefd ben je wel
ik mag beginnen, buiten tast ik in het donker
binnen pel ik het behang los, alsof de muur me bespiedt
soms laat ik een pauze midden in mijn zin in de hoop
dat je de knoop uit mijn keel haalt, me zegt wat ik
zeggen moet of dat je dan zwijgt en een punt zet
achter de stilte waaraan ik moeilijk wen
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
zondag 4 augustus 2019
De balans bewaren - Wim Vandeleene
vraag me niet wie mijn spieren aanspoort
met een stil bevel, waarom ik gehoorzaam
en ren rem buig strek, van houding wissel
om mijn botten te behoeden voor een val
draagt de bestemming mij de passen op?
heb jij de koers berekend, de zigzaglijn getekend?
soms word ik zat van wat er gist
dan wankel ik, een koorddanser die verkrampt
wanneer ik moed vergaar wordt de kloof een draagvlak
dan sta ik stevig, als in een duel, zeker van mijn doel
mijn ogen bewaren de focus op je vel
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
met een stil bevel, waarom ik gehoorzaam
en ren rem buig strek, van houding wissel
om mijn botten te behoeden voor een val
draagt de bestemming mij de passen op?
heb jij de koers berekend, de zigzaglijn getekend?
soms word ik zat van wat er gist
dan wankel ik, een koorddanser die verkrampt
wanneer ik moed vergaar wordt de kloof een draagvlak
dan sta ik stevig, als in een duel, zeker van mijn doel
mijn ogen bewaren de focus op je vel
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
zaterdag 3 augustus 2019
Metamorfose - Wim Vandeleene
knoop vleugels om mijn polsen
en duw me in de kloof, lever me over
aan de draagkracht van een warme luchtbel
bind stelten aan mijn benen
maar laat me niet hoger dan mijn moed lopen
slijp mijn oren, ik wil de echo van de vleermuis horen
bedwelm mijn ogen, dat ik in het slib de parel zie
maak van longen een balg waarmee ik ons aanblaas
van handen een zeef voor het koren
van het hart de laveloze bron
ontwricht me en maal mijn botten
blaas het poeder als stuifmeel weg
laat de mieren op mij los
ze kietelen me met hun vlijt
jagen me uit de huid
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
en duw me in de kloof, lever me over
aan de draagkracht van een warme luchtbel
bind stelten aan mijn benen
maar laat me niet hoger dan mijn moed lopen
slijp mijn oren, ik wil de echo van de vleermuis horen
bedwelm mijn ogen, dat ik in het slib de parel zie
maak van longen een balg waarmee ik ons aanblaas
van handen een zeef voor het koren
van het hart de laveloze bron
ontwricht me en maal mijn botten
blaas het poeder als stuifmeel weg
laat de mieren op mij los
ze kietelen me met hun vlijt
jagen me uit de huid
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
vrijdag 2 augustus 2019
Naakt na Eden - Wim Vandeleene
de thermostaat mag lager als we opgloeien
we staan op onze kleren, ik prik in je navel
de knoop van ons eerste en laatste pak
het zit naadloos om het lichaam gegoten
het schilfert van ons af, je veegt rimpels weg
en blaast me aan, mijn merg bloeit
we monden uit in een bed
verdoofd door de uren lachen we om littekens
ze herinneren niet langer aan het oude mes
je ruggengraat, een rits die niet open kan
alleen de slang raakt zijn huid kwijt
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
we staan op onze kleren, ik prik in je navel
de knoop van ons eerste en laatste pak
het zit naadloos om het lichaam gegoten
het schilfert van ons af, je veegt rimpels weg
en blaast me aan, mijn merg bloeit
we monden uit in een bed
verdoofd door de uren lachen we om littekens
ze herinneren niet langer aan het oude mes
je ruggengraat, een rits die niet open kan
alleen de slang raakt zijn huid kwijt
© Wim Vandeleene
(uit de cyclus “een kiem van vleugels”)
zaterdag 20 juli 2019
alsof er een kind ingeslagen is - Shari Van Goethem
alsof er een kind ingeslagen is, ligt ons huis nu als een vlakte
open. de muren van woorden die hier ooit gesproken zijn
verdwenen in een zachte schedel van onwetendheid
zo hard als het mag – opdat het niet gaat breken – druk je
de kleine schedel, volledig door je handen omgeven, tegen
je borst
als het kind een woord lost, zal je het bij de eerste letter
hebben. alsof een kind een huis plat kan leggen. er één
uit de grond kan trekken. er aan een kind niets voorafgaat
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
open. de muren van woorden die hier ooit gesproken zijn
verdwenen in een zachte schedel van onwetendheid
zo hard als het mag – opdat het niet gaat breken – druk je
de kleine schedel, volledig door je handen omgeven, tegen
je borst
als het kind een woord lost, zal je het bij de eerste letter
hebben. alsof een kind een huis plat kan leggen. er één
uit de grond kan trekken. er aan een kind niets voorafgaat
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
vrijdag 19 juli 2019
het is haast geen lichaam - Shari Van Goethem
het is haast geen lichaam dat haar draagt. het bleekblauwe vel
dat over haar wezen gespannen ligt, haast geen huid
er zijn dingen die in gedachten vlees worden –
er zijn gedachten die je overal volgen
alsof ze lange ledematen hebben
een hart dat
klopt
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
dat over haar wezen gespannen ligt, haast geen huid
er zijn dingen die in gedachten vlees worden –
er zijn gedachten die je overal volgen
alsof ze lange ledematen hebben
een hart dat
klopt
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
donderdag 18 juli 2019
er leven spreeuwen - Shari Van Goethem
er leven spreeuwen onder haar huid
tijdens één van haar slapeloze nachten trekt ze de vogels eronderuit
’s ochtends vind je haar onder veren, botten, bekjes. haar handen
onder het bloed. ze kijkt je aan alsof ze je wilt zeggen dat ze nu wel
blijven moet
zo liggen jullie samen
wakker in het grote bed
jij wacht op een winter die zich aan ramen zet. gelooft
dat spreeuwenwolken in eeuwige nevel
ontstaan
aan verlangen alleen groeien nochtans zelden vleugels
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
tijdens één van haar slapeloze nachten trekt ze de vogels eronderuit
’s ochtends vind je haar onder veren, botten, bekjes. haar handen
onder het bloed. ze kijkt je aan alsof ze je wilt zeggen dat ze nu wel
blijven moet
zo liggen jullie samen
wakker in het grote bed
jij wacht op een winter die zich aan ramen zet. gelooft
dat spreeuwenwolken in eeuwige nevel
ontstaan
aan verlangen alleen groeien nochtans zelden vleugels
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
woensdag 17 juli 2019
mijn dochter heeft ogen - Shari Van Goethem
mijn dochter heeft ogen als steenkoolmijnen
dof. geen enkele schittering. ze kijkt me aan
alsof er iets in haar blik verborgen ligt
dat opgedolven wil worden
ik wil het niet
de trekken in haar gelaat verraden dat er in haar
te veel op te graven is. hoe zij daar nu starend
in lagen ligt –
ik wil het niet
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
dof. geen enkele schittering. ze kijkt me aan
alsof er iets in haar blik verborgen ligt
dat opgedolven wil worden
ik wil het niet
de trekken in haar gelaat verraden dat er in haar
te veel op te graven is. hoe zij daar nu starend
in lagen ligt –
ik wil het niet
© Shari Van Goethem
Uit het typoscript van 'Tere Stengels, de tweede bundel van Shari Van Goethem'. De bundel verschijnt in oktober bij Uitgeverij Vrijdag en wordt op 12 oktober 2019 voorgesteld in De Groene Waterman.
Een tweede voorstelling is gepland voor 20 oktober 2019 in het Stadspark van Sint-Niklaas
Net als in haar poëziedebuut ‘Een man begraaft een boom’ vertelt Shari Van Goethem in ‘Tere stengels’ aan de hand van gedichten één verhaal. In haar gloednieuwe bundel geeft de dichteres de leegte armen en benen..
vrijdag 28 juni 2019
Over Passages van Onno Van Gelder Jr. – Frank Decerf
Onno Van Gelder Jr. is moeilijk in één hokje te stoppen. Hij is regisseur, acteur en auteur.
Van hem heb ik nog nooit iets gelezen, maar met het ontvangen van Passages is daar verandering in gekomen.
In de introductie lezen we: … Sommige verhalen zijn geïnspireerd op een foto, andere op een herinnering of kunstwerk. Telkens hebben ze gemeen dat het over slechts een kort moment uit iemand leven gaat. Een ‘ tranche de vie ‘ als het ware …
Van Gelder Jr. brengt 6 kortverhalen samen. Elke titel is de naam van het hoofdpersonage. De stijl is zeer beschrijvend. Hij vertelt tot in de kleinste details zonder daarbij te veel te dralen. Zijn observaties werken niet remmend. Ze verrijken het visuele van het verhaal. Is hiervoor de invloed van theaterregisseur Van Gelder de reden? Zijn fotografische beschrijvingen maken van hem een voyeur die de lezer laat mee genieten.
Marcel
…
“Waar moet u zijn, mevrouw? Waar komt u vandaan?”
Na enkele woorden bleek de verwarring te groot bij het fragiele oudje.
Gezien de barre kou en haar schaarse kledij stelde ik voor om samen de parfumerie binnen te stappen en de politie te bellen.
De twee treden aan de inkom van de winkel waren hoog. Gracieus legde ze haar vrije hand op mijn uitgestoken arm. De deur gleed voor ons open en bevrijdde een efemeer bouquet zoete geuren dat, eens buiten, uit elkaar viel door de ijzige wind. Een korte uitleg volstond voor de begripvolle en vriendelijke verkoopsters. Ze haalden gezwind een gemakkelijke stoel en plaatsten die dicht bij een radiator. De deugddoende warmte flakkerde iets op in het dametje. Haar ogen glansden als de gouden gloed van een Dior J’adore-reclameposter en ze gleden over alle schappen van de winkel. …
De verhalen zijn qua lengte perfect voor wie niet graag leest of weinig tijd heeft. Maar de kwaliteit is van die aard dat die luie lezers zeker naar meer zullen vragen. Onno Van Gelder Jr. trekt zijn lezers mee en gunt hen constante wendingen die nooit voorspelbaar zijn. De woordenschat is rijk en stijlvol. Vaak is nostalgie de voedingsbodem voor zijn teksten. De tijd staat stil en het verval wordt mooi in beeld gebracht. Hij benadert zijn personages respectvol, geduldig en met een gemeende empathie. Humor komt vaak om de hoek kijken.
Lees “Louis”; het relaas over een aimabele priester. Van Gelder geniet er van om zijn publiek bij de neus te nemen. Hij creëert een aangehouden spanning. Dat kenmerkt de rasechte verteller die hij is. Hij is de onderhoudende causeur die de lezer vasthoudt of plots laat vallen. Hij ontwijkt evenmin sociale thema’s zoals in zijn verhaal i.v.m. pesterijen. Hij is een warme humane schrijver met oog voor de mensen die het met wat minder moeten doen. Passages is een reeks betere kortverhalen die ik de laatste tijd heb gelezen. Het boek is verrijkt met fijne illustraties van Stijn Felix.
Passages, Onno Van Gelder Jr.,2018, Uitgeverij Ambilicious Breda/Kalmthout,
ISBN 978 94 92551 29 0
© Frank Decerf
Deze recensie van Digther-redacteur Frank Decerf verscheen eerder ook op “De Boekhouding-blog”.
Van hem heb ik nog nooit iets gelezen, maar met het ontvangen van Passages is daar verandering in gekomen.
In de introductie lezen we: … Sommige verhalen zijn geïnspireerd op een foto, andere op een herinnering of kunstwerk. Telkens hebben ze gemeen dat het over slechts een kort moment uit iemand leven gaat. Een ‘ tranche de vie ‘ als het ware …
Van Gelder Jr. brengt 6 kortverhalen samen. Elke titel is de naam van het hoofdpersonage. De stijl is zeer beschrijvend. Hij vertelt tot in de kleinste details zonder daarbij te veel te dralen. Zijn observaties werken niet remmend. Ze verrijken het visuele van het verhaal. Is hiervoor de invloed van theaterregisseur Van Gelder de reden? Zijn fotografische beschrijvingen maken van hem een voyeur die de lezer laat mee genieten.
Marcel
…
“Waar moet u zijn, mevrouw? Waar komt u vandaan?”
Na enkele woorden bleek de verwarring te groot bij het fragiele oudje.
Gezien de barre kou en haar schaarse kledij stelde ik voor om samen de parfumerie binnen te stappen en de politie te bellen.
De twee treden aan de inkom van de winkel waren hoog. Gracieus legde ze haar vrije hand op mijn uitgestoken arm. De deur gleed voor ons open en bevrijdde een efemeer bouquet zoete geuren dat, eens buiten, uit elkaar viel door de ijzige wind. Een korte uitleg volstond voor de begripvolle en vriendelijke verkoopsters. Ze haalden gezwind een gemakkelijke stoel en plaatsten die dicht bij een radiator. De deugddoende warmte flakkerde iets op in het dametje. Haar ogen glansden als de gouden gloed van een Dior J’adore-reclameposter en ze gleden over alle schappen van de winkel. …
De verhalen zijn qua lengte perfect voor wie niet graag leest of weinig tijd heeft. Maar de kwaliteit is van die aard dat die luie lezers zeker naar meer zullen vragen. Onno Van Gelder Jr. trekt zijn lezers mee en gunt hen constante wendingen die nooit voorspelbaar zijn. De woordenschat is rijk en stijlvol. Vaak is nostalgie de voedingsbodem voor zijn teksten. De tijd staat stil en het verval wordt mooi in beeld gebracht. Hij benadert zijn personages respectvol, geduldig en met een gemeende empathie. Humor komt vaak om de hoek kijken.
Lees “Louis”; het relaas over een aimabele priester. Van Gelder geniet er van om zijn publiek bij de neus te nemen. Hij creëert een aangehouden spanning. Dat kenmerkt de rasechte verteller die hij is. Hij is de onderhoudende causeur die de lezer vasthoudt of plots laat vallen. Hij ontwijkt evenmin sociale thema’s zoals in zijn verhaal i.v.m. pesterijen. Hij is een warme humane schrijver met oog voor de mensen die het met wat minder moeten doen. Passages is een reeks betere kortverhalen die ik de laatste tijd heb gelezen. Het boek is verrijkt met fijne illustraties van Stijn Felix.
Passages, Onno Van Gelder Jr.,2018, Uitgeverij Ambilicious Breda/Kalmthout,
ISBN 978 94 92551 29 0
© Frank Decerf
Deze recensie van Digther-redacteur Frank Decerf verscheen eerder ook op “De Boekhouding-blog”.
woensdag 26 juni 2019
Dagboeknotities van een grande dame - Antoon Van den Braembussche
Over Souvenirs III van Lucienne Stassaert
“Alles laat sporen na.
Willen vergeten is ook je altijd blijven herinneren”
(Elisabeth Barillé)
Onlangs verscheen van Lucienne Stassaert Souvenirs III, het derde en laatste deel van een gelijknamige autobiografische trilogie, die als een apotheose kan worden beschouwd in het werk van deze grande dame van onze literatuur.
Lucienne Stassaert (geb. 1936) maakte aanvankelijk in de jaren zestig naam als neo-experimentele dichteres en prozaschrijfster, een periode waarin zij nauw verbonden was met het tijdschrift Labris, een herkomst waarmee zij ten onrechte zeer lang mee geassocieerd zou worden. Naarmate de tijd verstreek, schreef zij immers een steeds meer uitgebalanceerde poëzie, waaraan een indringende natuurlyriek en een hang naar het mystieke niet vreemd waren. Zij publiceerde met grote regelmaat dichtbundels die getuigden van een benijdenswaardig metier: bevlogen, gedragen, bewogen, uitermate expressief en tegelijk beheerst. In bundels als Als later nog bestaat, Keerpunt, Drempeltijd, Nabloei, Zangvlucht en zeer recentelijk Intermezzo heeft Lucienne Stassaert een meesterschap bereikt dat qua vorm herinnert aan haar alom geprezen vertalingen van Emily Dickinson, Sylvia Plath en Hadewijch. Haar poëzie verschijnt nooit vanuit het luchtledige, maar is stevig verankerd in wezenlijke, existentiële thema’s die door de gedichten zelf altijd boven het puur-persoonlijke wedervaren worden uitgetild naar een meer universele, tijdeloze dimensie. De draagwijdte van haar poëzie is overigens steeds herkenbaar, doordrongen van een opvallende eigengereidheid, een heel eigen hardnekkigheid. Wat Sarah Posman in Poëziekrant schreef over Zangvlucht brengt dit goed onder woorden: “Van een ademloze rouw neemt ze ons mee naar een gevecht met de stilte en een liefdevolle dans met het verleden. Ze doet waar ze goed in is: ze wringt levendige poëzie uit de dood en geeft ons zo flagrante melancholie als koppige wijsheid”.
Veelzijdigheid
Ademloze rouw, gevecht met de stilte, de dans met het verleden, de flagrante melancholie: dit zijn allemaal kenmerken die ook perfect van toepassing zijn op de Souvenirs-trilogie. Maar er is meer. De trilogie toont meer dan elk ander geschrift van Lucienne Stassaert haar veelzijdigheid. Naast dichteres is zij ooit een zeer beloftevolle pianiste geweest. En ofschoon zij al vrij vroeg resoluut in een cruciale droom koos voor het schrijverschap ten nadele van een pianistenbestaan zou de klassieke muziek haar blijven vergezellen als een basso continuo in haar dagelijks leven. Daarnaast is Lucienne Stassaert ook al jaren kunstschilderes: zij schilderde reeds een imposant oeuvre bij elkaar, waarin de blauwe schilderijen (de laatste jaren vaak verbonden met het vluchtelingenthema) een onuitwisbare indruk nalaten.
Existentiële thema’s
Het is deze veelzijdigheid die de trilogie een heel eigen karakter geeft. In de drie delen duiken inderdaad overal beschouwingen op over poëzie, muziek en schilderkunst. Maar daarnaast is er de rijkdom aan existentiële thema’s, waarin de pijn en het lijden niet uit de weg worden gegaan. Zo begint Souvenirs I met het misbruik door haar grootvader, een schrijnend trauma dat in haar familie tegelijk als een taboe van eerste orde werd doodgezwegen. Na veertig jaar breekt het trauma op: het is een herinnering die letterlijk is besmeurd: “Zelfs als ik in gedachten aan zijn portret zou beginnen, druipt het slijm al van mijn vingers af”.
Daarnaast komt in de trilogie de moeilijke relatie met haar vader als een waar leidmotief terug: “Zijn wensdroom dat ik voor een leven als concertpianiste zou kiezen, was zo goed als een bestaansreden voor hem geworden, die ik hem had ontnomen”. Een ander leidmotief is tevens de liefde voor haar poezen. Deze passages behoren wellicht tot de beste en meest ontroerende bladzijden die ooit in de literatuur over poezen zijn geschreven. Andere, vaak terugkerende thema’s zijn: het eigen, aftakelend lichaam, de evocatie en de duiding van haar indrukwekkende dromen, de miskenning, de natuur, de angst, de dood, het sublieme en het onzegbare. Beklijvend tenslotte zijn ook de portretten van vaak bevriende kunstenaars en schrijvers, niet zelden in hun levenseinde. De zelfmoord van Johan Sonneville, de tragische teloorgang van Wilfried Adams, het wegkwijnen van Ann Salens, deze en andere portretten maken van Souvenirs bijna een cultuurhistorische exploratie van de hedendaagse doodsbeleving.
Souvenirs III
Wat opvalt in de ganse trilogie is de absolute eerlijkheid ten aanzien van het eigen leven, de compromisloze zelfanalyse. Zelfcensuur is niet aan Lucienne Stassaert besteed, wel integendeel, soms is zij niet weinig onbarmhartig voor zichzelf. De diepe spadesteken waarmee ze het verleden naar boven woelt, zijn vaak pijnlijk en ook niet zonder zelfverwijt of schuldbesef. Haar huidige eenzaamheid is voelbaar en tastbaar aanwezig. Steeds is er ook het pijnlijke verval van het lichaam, de spastische darmen, de verlammende uitwerking van de ouderdom, de vaak afgrondelijke angst, het doodsverlangen. Maar desalniettemin is er steeds opnieuw het schitterende tegenwicht: de schoonheid, de tomeloze creativiteit, de verkenning van het sublieme in woord en beeld die de obsessies van het verleden als het ware zin geven en zelfs transfigureren. Hier fungeert de scheppende overgave als tegenwicht voor fysieke en geestelijke verwording en ontsluit zij een onvermoede terugkeer van een buitengewone, geestelijke veerkracht. Op dergelijke ogenblikken komt er een geluksgevoel over haar, een geluk dat haar ook met indringende ogen doet kijken naar de werkelijkheid om haar heen, het sociale weefsel waarin zij vertoeft.
Deel 3 begint dan ook met een prangende “brief aan mijn dochters”. Ook hier begint zij met een onbuigzame zelfanalyse, een schuldbekentenis: “ik heb jullie als opgroeiende kinderen onvoldoende moederwarmte en bemoedigende aandacht gegeven”. Zij vraagt vergiffenis. En dan luidt het in een prachtige wending: “De intimiteit die jullie jarenlang hebben gemist, zou ik nu aan jullie willen doorgeven vanuit de verte, als is mijn leven bijna voorbij”. Uit latere passages blijkt dit te leiden tot een ware transformatie, want zij schrijft uiteindelijk dat zij het oceanische gelukgevoel dat haar katten haar schenken enkel nog kan vergelijken met de tederheid waarmee haar dochters haar benaderen! Hoewel ook in Souvenirs III de vertrouwde thema’s aan bod komen, houden ook hier dagboeknotities de lezer in de ban. Het onzegbare verdriet om de vermiste kater Robbi, het tergend-trage en hartverscheurende stervensproces van haar vriend en compagnon de route Henri-Floris Jespers, de uitvoerige en pakkende beschrijving van de wijze waarop Stanislawa Przybyszewska aan een morfineverslaving leed, als schrijfster van de revolutie doorbrak, vervolgens ten prooi aan reumatische pijn op handen en voeten rondkroop om tenslotte op vierendertigjarige leeftijd te sterven aan ondervoeding en tuberculose als een mystica zonder god, zonder hinterland.
Hier komen we uit bij een niet onaardig ingrediënt van de gehele trilogie, dat ik nog niet heb aangeraakt, namelijk de bespreking van tal van boeken en auteurs. Tal van dichters, schrijvers, beeldende kunstenaars worden voor het voetlicht gebracht. Lucienne Stassaert doet dit niet om haar eruditie te etaleren, integendeel. Deze beschouwingen doen nooit geforceerd aan en vertonen altijd een organische samenhang met de rest van haar leven, de rest van haar dagboek. Alles wat zij in Souvenirs schrijft is geschreven vanuit het nu-moment. On the spur of the moment. Wat zij schrijft is niet bedacht, het gebeurt. Ook de herinnering is hier een gebeurtenis. Daarom is Souvenirs ook een literaire gebeurtenis van de eerste orde, waarin de taal het monument belichaamt waarin verleden en toekomst, eenzaamheid en liefde, droom en werkelijkheid op een natuurlijke wijze samenvallen.
De trilogie eindigt met De Jonkvrouw met de spade, een tekst waarmee zij ooit debuteerde in 1964, een tekst die haar vader ooit wél las en die zij bij zijn begrafenis neerlegde aan de voet van zijn graf. Hiermee is de cirkel rond. Maar wat overeind blijft is de humane kracht, het existentieel appél van Souvenirs, waarin - en dit is misschien de meest verregaande eigenschap – de neurose en het lijden niet als hinderpaal maar als noodzaak verschijnen voor een tastbare vorm van bevrijding, tegen de tijd bestand, mystiek van aard ook. In deze zin is Lucienne Stassaert allesbehalve een mislukte mystica, zoals ze haarzelf nogal eens typeert, maar een volbloed mystica, waarvan de geschriften mijns inziens nog grotendeels echt ontdekt en ontsluierd moeten worden.
© Antoon Van den Braembussche
Lucienne Stassaert, SOUVENIRS III, Leuven, Uitgeverij P., 2019.
Thuissite Lucienne Stassaert
“Alles laat sporen na.
Willen vergeten is ook je altijd blijven herinneren”
(Elisabeth Barillé)
Onlangs verscheen van Lucienne Stassaert Souvenirs III, het derde en laatste deel van een gelijknamige autobiografische trilogie, die als een apotheose kan worden beschouwd in het werk van deze grande dame van onze literatuur.
Lucienne Stassaert (geb. 1936) maakte aanvankelijk in de jaren zestig naam als neo-experimentele dichteres en prozaschrijfster, een periode waarin zij nauw verbonden was met het tijdschrift Labris, een herkomst waarmee zij ten onrechte zeer lang mee geassocieerd zou worden. Naarmate de tijd verstreek, schreef zij immers een steeds meer uitgebalanceerde poëzie, waaraan een indringende natuurlyriek en een hang naar het mystieke niet vreemd waren. Zij publiceerde met grote regelmaat dichtbundels die getuigden van een benijdenswaardig metier: bevlogen, gedragen, bewogen, uitermate expressief en tegelijk beheerst. In bundels als Als later nog bestaat, Keerpunt, Drempeltijd, Nabloei, Zangvlucht en zeer recentelijk Intermezzo heeft Lucienne Stassaert een meesterschap bereikt dat qua vorm herinnert aan haar alom geprezen vertalingen van Emily Dickinson, Sylvia Plath en Hadewijch. Haar poëzie verschijnt nooit vanuit het luchtledige, maar is stevig verankerd in wezenlijke, existentiële thema’s die door de gedichten zelf altijd boven het puur-persoonlijke wedervaren worden uitgetild naar een meer universele, tijdeloze dimensie. De draagwijdte van haar poëzie is overigens steeds herkenbaar, doordrongen van een opvallende eigengereidheid, een heel eigen hardnekkigheid. Wat Sarah Posman in Poëziekrant schreef over Zangvlucht brengt dit goed onder woorden: “Van een ademloze rouw neemt ze ons mee naar een gevecht met de stilte en een liefdevolle dans met het verleden. Ze doet waar ze goed in is: ze wringt levendige poëzie uit de dood en geeft ons zo flagrante melancholie als koppige wijsheid”.
Veelzijdigheid
Ademloze rouw, gevecht met de stilte, de dans met het verleden, de flagrante melancholie: dit zijn allemaal kenmerken die ook perfect van toepassing zijn op de Souvenirs-trilogie. Maar er is meer. De trilogie toont meer dan elk ander geschrift van Lucienne Stassaert haar veelzijdigheid. Naast dichteres is zij ooit een zeer beloftevolle pianiste geweest. En ofschoon zij al vrij vroeg resoluut in een cruciale droom koos voor het schrijverschap ten nadele van een pianistenbestaan zou de klassieke muziek haar blijven vergezellen als een basso continuo in haar dagelijks leven. Daarnaast is Lucienne Stassaert ook al jaren kunstschilderes: zij schilderde reeds een imposant oeuvre bij elkaar, waarin de blauwe schilderijen (de laatste jaren vaak verbonden met het vluchtelingenthema) een onuitwisbare indruk nalaten.
Existentiële thema’s
Het is deze veelzijdigheid die de trilogie een heel eigen karakter geeft. In de drie delen duiken inderdaad overal beschouwingen op over poëzie, muziek en schilderkunst. Maar daarnaast is er de rijkdom aan existentiële thema’s, waarin de pijn en het lijden niet uit de weg worden gegaan. Zo begint Souvenirs I met het misbruik door haar grootvader, een schrijnend trauma dat in haar familie tegelijk als een taboe van eerste orde werd doodgezwegen. Na veertig jaar breekt het trauma op: het is een herinnering die letterlijk is besmeurd: “Zelfs als ik in gedachten aan zijn portret zou beginnen, druipt het slijm al van mijn vingers af”.
Daarnaast komt in de trilogie de moeilijke relatie met haar vader als een waar leidmotief terug: “Zijn wensdroom dat ik voor een leven als concertpianiste zou kiezen, was zo goed als een bestaansreden voor hem geworden, die ik hem had ontnomen”. Een ander leidmotief is tevens de liefde voor haar poezen. Deze passages behoren wellicht tot de beste en meest ontroerende bladzijden die ooit in de literatuur over poezen zijn geschreven. Andere, vaak terugkerende thema’s zijn: het eigen, aftakelend lichaam, de evocatie en de duiding van haar indrukwekkende dromen, de miskenning, de natuur, de angst, de dood, het sublieme en het onzegbare. Beklijvend tenslotte zijn ook de portretten van vaak bevriende kunstenaars en schrijvers, niet zelden in hun levenseinde. De zelfmoord van Johan Sonneville, de tragische teloorgang van Wilfried Adams, het wegkwijnen van Ann Salens, deze en andere portretten maken van Souvenirs bijna een cultuurhistorische exploratie van de hedendaagse doodsbeleving.
Souvenirs III
Wat opvalt in de ganse trilogie is de absolute eerlijkheid ten aanzien van het eigen leven, de compromisloze zelfanalyse. Zelfcensuur is niet aan Lucienne Stassaert besteed, wel integendeel, soms is zij niet weinig onbarmhartig voor zichzelf. De diepe spadesteken waarmee ze het verleden naar boven woelt, zijn vaak pijnlijk en ook niet zonder zelfverwijt of schuldbesef. Haar huidige eenzaamheid is voelbaar en tastbaar aanwezig. Steeds is er ook het pijnlijke verval van het lichaam, de spastische darmen, de verlammende uitwerking van de ouderdom, de vaak afgrondelijke angst, het doodsverlangen. Maar desalniettemin is er steeds opnieuw het schitterende tegenwicht: de schoonheid, de tomeloze creativiteit, de verkenning van het sublieme in woord en beeld die de obsessies van het verleden als het ware zin geven en zelfs transfigureren. Hier fungeert de scheppende overgave als tegenwicht voor fysieke en geestelijke verwording en ontsluit zij een onvermoede terugkeer van een buitengewone, geestelijke veerkracht. Op dergelijke ogenblikken komt er een geluksgevoel over haar, een geluk dat haar ook met indringende ogen doet kijken naar de werkelijkheid om haar heen, het sociale weefsel waarin zij vertoeft.
Deel 3 begint dan ook met een prangende “brief aan mijn dochters”. Ook hier begint zij met een onbuigzame zelfanalyse, een schuldbekentenis: “ik heb jullie als opgroeiende kinderen onvoldoende moederwarmte en bemoedigende aandacht gegeven”. Zij vraagt vergiffenis. En dan luidt het in een prachtige wending: “De intimiteit die jullie jarenlang hebben gemist, zou ik nu aan jullie willen doorgeven vanuit de verte, als is mijn leven bijna voorbij”. Uit latere passages blijkt dit te leiden tot een ware transformatie, want zij schrijft uiteindelijk dat zij het oceanische gelukgevoel dat haar katten haar schenken enkel nog kan vergelijken met de tederheid waarmee haar dochters haar benaderen! Hoewel ook in Souvenirs III de vertrouwde thema’s aan bod komen, houden ook hier dagboeknotities de lezer in de ban. Het onzegbare verdriet om de vermiste kater Robbi, het tergend-trage en hartverscheurende stervensproces van haar vriend en compagnon de route Henri-Floris Jespers, de uitvoerige en pakkende beschrijving van de wijze waarop Stanislawa Przybyszewska aan een morfineverslaving leed, als schrijfster van de revolutie doorbrak, vervolgens ten prooi aan reumatische pijn op handen en voeten rondkroop om tenslotte op vierendertigjarige leeftijd te sterven aan ondervoeding en tuberculose als een mystica zonder god, zonder hinterland.
Hier komen we uit bij een niet onaardig ingrediënt van de gehele trilogie, dat ik nog niet heb aangeraakt, namelijk de bespreking van tal van boeken en auteurs. Tal van dichters, schrijvers, beeldende kunstenaars worden voor het voetlicht gebracht. Lucienne Stassaert doet dit niet om haar eruditie te etaleren, integendeel. Deze beschouwingen doen nooit geforceerd aan en vertonen altijd een organische samenhang met de rest van haar leven, de rest van haar dagboek. Alles wat zij in Souvenirs schrijft is geschreven vanuit het nu-moment. On the spur of the moment. Wat zij schrijft is niet bedacht, het gebeurt. Ook de herinnering is hier een gebeurtenis. Daarom is Souvenirs ook een literaire gebeurtenis van de eerste orde, waarin de taal het monument belichaamt waarin verleden en toekomst, eenzaamheid en liefde, droom en werkelijkheid op een natuurlijke wijze samenvallen.
De trilogie eindigt met De Jonkvrouw met de spade, een tekst waarmee zij ooit debuteerde in 1964, een tekst die haar vader ooit wél las en die zij bij zijn begrafenis neerlegde aan de voet van zijn graf. Hiermee is de cirkel rond. Maar wat overeind blijft is de humane kracht, het existentieel appél van Souvenirs, waarin - en dit is misschien de meest verregaande eigenschap – de neurose en het lijden niet als hinderpaal maar als noodzaak verschijnen voor een tastbare vorm van bevrijding, tegen de tijd bestand, mystiek van aard ook. In deze zin is Lucienne Stassaert allesbehalve een mislukte mystica, zoals ze haarzelf nogal eens typeert, maar een volbloed mystica, waarvan de geschriften mijns inziens nog grotendeels echt ontdekt en ontsluierd moeten worden.
© Antoon Van den Braembussche
Lucienne Stassaert, SOUVENIRS III, Leuven, Uitgeverij P., 2019.
Thuissite Lucienne Stassaert
zaterdag 22 juni 2019
Commentaar bij 'Leerdicht over het aanbieden van excuses' - Alain Delmotte
Commentaar bij ‘Leerdicht over het aanbieden van excuses’.
Toen ik voor het eerst deze tekst voorlas, verbaasde het me dat na de eerste zin gelach uit de zaal was te horen.
Veel van mijn teksten zijn meer dan eens doordrenkt met (zelf)spot en ironie. Zoals bevoordeeld in fragment 3 van dit leerdicht. Maar die eerste zin is dat niet. Integendeel: die zin is intriest, doorkerfd met een oppermachtige melancholie.
Deze tekst gaat over onze nalatigheid. Het tekort aan aandacht voor de dingen die om ons heen gebeuren maar waarbij we nauwelijks nog bij betrokken (willen - kunnen) worden. Dit zijn zowel de ander als de anderen, de details die onze omgeving mee bepalen en kleuren, de discrete gebaren, de kleine rituelen die ons tot mens en medemens zouden moeten maken. Een minimale basis aan verwondering.
Maar vervreemding overheerst. We beschikken niet meer of nauwelijks over het vermogen tot ‘aandacht’. We bezitten neurotisch aandoende fixaties: de routines die ons een leiband omdoen. We sluimeren constant. We houden ons niet meer aan rituelen, we zitten in conditioneringen vast. We leven van dag tot dag – dag in, dag uit: dagen die zich wezenlijk in tijdverlies laten omrekenen. Het nu wordt ons afgebeeld als een lapidair consumptieartikel terwijl het een indringende ontologische kwestie betreft. En dus een heel complexe zaak. Ik ervaar het nu als ‘een voorlopigheid’, niet als een absoluutheid. Het nu is wat ons overkomt – en dat is niet altijd als iets positief te ervaren. Het nu moet je afdwingen, wil je het in de diepte ondergaan. Het nu is een duel. Wie wint hangt van de omstandigheden af. En wie wint is vaak op langere termijn de verliezer.
Procedures namen steeds meer de plaats in van wat we vroeger ooit als wellevendheid of beschaafdheid omschreven. Brutaliteit in en met de taal wordt meer en meer toegestaan. In de eerste plaats in de politiek. De rest volgt.
Onze nalatigheid. Elke dag die we zomaar laten voorbijgaan is een overwinning van de routine, van het systeem waarin we hebben te roderen.
We moeten proberen er de aandacht weer bij te houden: dit lijkt me wat in feite leven in het nu zou moeten betekenen. We leven te weinig in het nu: we blijven beate, passieve toeschouwers van wat er om ons heen gebeurt. We worden er wezenlijk en onwezenlijk niet langer bij betrokken: zo langzamerhand worden selfies onze enige herinneringen. We zijn de toeristen van ons eigen leven geworden: en wat valt er in ons leven nog te bezichtigen?
Poëzie biedt noodweer.
© Alain Delmotte
Uit Warhoofds leerdichten 1, de gloednieuwe bundel van Alain Delmotte, een Gaia-Chapbook-uitgave.
Bestellen:
Warhoofds leerdichten 1 als E-Book(Gratis te downloaden)
Warhoofds leerdichten 1 als paperback
Toen ik voor het eerst deze tekst voorlas, verbaasde het me dat na de eerste zin gelach uit de zaal was te horen.
Veel van mijn teksten zijn meer dan eens doordrenkt met (zelf)spot en ironie. Zoals bevoordeeld in fragment 3 van dit leerdicht. Maar die eerste zin is dat niet. Integendeel: die zin is intriest, doorkerfd met een oppermachtige melancholie.
Deze tekst gaat over onze nalatigheid. Het tekort aan aandacht voor de dingen die om ons heen gebeuren maar waarbij we nauwelijks nog bij betrokken (willen - kunnen) worden. Dit zijn zowel de ander als de anderen, de details die onze omgeving mee bepalen en kleuren, de discrete gebaren, de kleine rituelen die ons tot mens en medemens zouden moeten maken. Een minimale basis aan verwondering.
Maar vervreemding overheerst. We beschikken niet meer of nauwelijks over het vermogen tot ‘aandacht’. We bezitten neurotisch aandoende fixaties: de routines die ons een leiband omdoen. We sluimeren constant. We houden ons niet meer aan rituelen, we zitten in conditioneringen vast. We leven van dag tot dag – dag in, dag uit: dagen die zich wezenlijk in tijdverlies laten omrekenen. Het nu wordt ons afgebeeld als een lapidair consumptieartikel terwijl het een indringende ontologische kwestie betreft. En dus een heel complexe zaak. Ik ervaar het nu als ‘een voorlopigheid’, niet als een absoluutheid. Het nu is wat ons overkomt – en dat is niet altijd als iets positief te ervaren. Het nu moet je afdwingen, wil je het in de diepte ondergaan. Het nu is een duel. Wie wint hangt van de omstandigheden af. En wie wint is vaak op langere termijn de verliezer.
Procedures namen steeds meer de plaats in van wat we vroeger ooit als wellevendheid of beschaafdheid omschreven. Brutaliteit in en met de taal wordt meer en meer toegestaan. In de eerste plaats in de politiek. De rest volgt.
Onze nalatigheid. Elke dag die we zomaar laten voorbijgaan is een overwinning van de routine, van het systeem waarin we hebben te roderen.
We moeten proberen er de aandacht weer bij te houden: dit lijkt me wat in feite leven in het nu zou moeten betekenen. We leven te weinig in het nu: we blijven beate, passieve toeschouwers van wat er om ons heen gebeurt. We worden er wezenlijk en onwezenlijk niet langer bij betrokken: zo langzamerhand worden selfies onze enige herinneringen. We zijn de toeristen van ons eigen leven geworden: en wat valt er in ons leven nog te bezichtigen?
Poëzie biedt noodweer.
© Alain Delmotte
Uit Warhoofds leerdichten 1, de gloednieuwe bundel van Alain Delmotte, een Gaia-Chapbook-uitgave.
Bestellen:
Warhoofds leerdichten 1 als E-Book(Gratis te downloaden)
Warhoofds leerdichten 1 als paperback
vrijdag 21 juni 2019
Leerdicht over het aanbieden van excuses – Alain Delmotte
1.
Bied bij het opstaan je bed je spijtbetuigingen aan. Omdat het ook dit keer je slechte slaap een onderdak had te geven, je lichaamsgewicht aan nare en onbillijke dromen had te dragen.
Dank het omdat het je met die dromen toeliet om veilig op een matras te landen.
Beloof het voor vanavond liefde, overwegend, nauwelijks doorwegende liefde.
2.
Excuseer bij het ontbijt, voor je eerste hap, het brood: dat je het zomaar en brutaal doorslikken moet, het is de haast nietwaar.
Wees niet nalatig: vergeet de kruimels niet. Wees genadig: geef ze een kans tot een tweede leven. Schud het tafellaken uit het raam uit.
Briesjes en vogels zullen die kruimels graag zien komen.
Daar zijn ze al.
3.
Verschoon op het werk je loyale aanwezigheid.
Praat je ijver en werklust aan je collega’s goed – hoe zuur ze er ook bij staan te kijken.
Vraag hen om gratie en leg je neer bij hun koffiepauzes, hun roddels en hun mêlee.
4.
Zie door de vingers dat het op het middaguur regent.
Bij een toevallige opklaring vergoelijk je tegenover een zonnestraal dat je haar ongevraagd in je hoofd durft binnenhalen.
5.
Verdedig de chaos op het einde van je werkdag en doe naarstig aan overuren. Je trein zal je toch niet meer halen. Niemand die je mist.
Tenzij je eenzaamheid en die hou je altijd op zak.
6.
’s Avonds vraag je aan de avond je misschattingen te vergeven.
Dat je je weer van dag hebt vergist.
Dat het vandaag op geen enkel moment ‘nu’ was maar tiksgewijs straks-straks, straks-straks.
7.
Maar niet getreurd, avond, heel de tijd dat je duurt, mag je avond blijven.
Dat het voor altijd avond mag blijven en dat je je nergens nog voor iets hoeft te rechtvaardigen.
Wees volop het donker dat gestaag aan het worden is en dat zich als wijn doet smaken.
8.
Verontschuldig je verlangen om het gemis, de vervullingen die het steeds weer, onomkeerbaar moet ontberen.
Wijn moet het goedmaken en wijn vult zelf je glas voor de hoeveelste keer bij.
9.
Het is laat. Zwenk naar bed, zonder je bed in de ogen te durven kijken, met berouw om wat je het vanmorgen beloofde, het deed geloven.
© Alain Delmotte
Uit Warhoofds leerdichten 1, de gloednieuwe bundel van Alain Delmotte, een Gaia-Chapbook-uitgave.
Bestellen:
Warhoofds leerdichten 1 als E-Book(Gratis te downloaden)
Warhoofds leerdichten 1 als paperback
Bied bij het opstaan je bed je spijtbetuigingen aan. Omdat het ook dit keer je slechte slaap een onderdak had te geven, je lichaamsgewicht aan nare en onbillijke dromen had te dragen.
Dank het omdat het je met die dromen toeliet om veilig op een matras te landen.
Beloof het voor vanavond liefde, overwegend, nauwelijks doorwegende liefde.
2.
Excuseer bij het ontbijt, voor je eerste hap, het brood: dat je het zomaar en brutaal doorslikken moet, het is de haast nietwaar.
Wees niet nalatig: vergeet de kruimels niet. Wees genadig: geef ze een kans tot een tweede leven. Schud het tafellaken uit het raam uit.
Briesjes en vogels zullen die kruimels graag zien komen.
Daar zijn ze al.
3.
Verschoon op het werk je loyale aanwezigheid.
Praat je ijver en werklust aan je collega’s goed – hoe zuur ze er ook bij staan te kijken.
Vraag hen om gratie en leg je neer bij hun koffiepauzes, hun roddels en hun mêlee.
4.
Zie door de vingers dat het op het middaguur regent.
Bij een toevallige opklaring vergoelijk je tegenover een zonnestraal dat je haar ongevraagd in je hoofd durft binnenhalen.
5.
Verdedig de chaos op het einde van je werkdag en doe naarstig aan overuren. Je trein zal je toch niet meer halen. Niemand die je mist.
Tenzij je eenzaamheid en die hou je altijd op zak.
6.
’s Avonds vraag je aan de avond je misschattingen te vergeven.
Dat je je weer van dag hebt vergist.
Dat het vandaag op geen enkel moment ‘nu’ was maar tiksgewijs straks-straks, straks-straks.
7.
Maar niet getreurd, avond, heel de tijd dat je duurt, mag je avond blijven.
Dat het voor altijd avond mag blijven en dat je je nergens nog voor iets hoeft te rechtvaardigen.
Wees volop het donker dat gestaag aan het worden is en dat zich als wijn doet smaken.
8.
Verontschuldig je verlangen om het gemis, de vervullingen die het steeds weer, onomkeerbaar moet ontberen.
Wijn moet het goedmaken en wijn vult zelf je glas voor de hoeveelste keer bij.
9.
Het is laat. Zwenk naar bed, zonder je bed in de ogen te durven kijken, met berouw om wat je het vanmorgen beloofde, het deed geloven.
© Alain Delmotte
Uit Warhoofds leerdichten 1, de gloednieuwe bundel van Alain Delmotte, een Gaia-Chapbook-uitgave.
Bestellen:
Warhoofds leerdichten 1 als E-Book(Gratis te downloaden)
Warhoofds leerdichten 1 als paperback
Abonneren op:
Posts (Atom)






