zaterdag 7 maart 2026

Over War Poets - Jef Boden

War Poets

Oorlogen eisen onvermijdelijk krachtige formuleringen. Laat ons onmiddellijk voorbij de slogans stappen en ons dadelijk naar de dichters wenden. Die lijken werkelijk te wortelen in de barbaarse gevechten. Zonder de Ilias, de Spaanse burgeroorlog of de Tweede Wereldoorlog te willen minimaliseren, War Poets zijn onafscheidelijk verbonden met het Britse rijk en de Eerste Wereldoorlog. Het aantal dichtende stemmen vanuit de loopgraven is veel ruimer en recent stevig aangevuld met enkele opvallende Oekraïense bundels. 

“Waarom hebben we nog poëzie nodig?” Het klinkt als een terechte vraag als je met beide voeten in de loopgraven staat en het boven je hoofd projectielen regent. Is het nodig om daar gedichten te schrijven? De vraag en het antwoord vormen de afsluiter van de bundel Hier waren we van Artur Dron. Hij bekent dat de invasie zijn schrijven blokkeerde. Een nieuwe taal vinden was noodzakelijk. Herbeginnen en ontdekken dat de belangrijkste nood aan poëzie gebaseerd is op het verminderen van eenzaamheid. Woorden tellen. Daarom gaat het tijdens een oorlog niet om over die oorlog te schrijven, hij schrijft over en voor mensen.

“Hoe minder je het woord “oorlog” gebruikt

hoe meer men zal geloven

in je gedichten.”

En even verder:

“Men zegt dat literatuur

woorden zijn met daartussen stilte.

In die van ons, nu,

domineert dat tweede.”

Al duurt het nooit erg lang om te zoeken naar wat er nog aan vragen overblijft.

“Waar is je been?

Waar zijn je vrolijke vrienden?

Waar is je jeugd,

ouderling van 20

die nog droomt

van de dood en verbrijzelde Snickers?”

Al verzekert hij:

“De literatuur zal nooit iemand doden

maar lezen in de loopgraven laat overleven.”

Wat schrijft hij vandaag, ruim een eeuw na de Luizenplaag van Rosenberg, na de kreet van Owen dat na Dulce et Decorum est, gas en ander fraais slechts een leugen rest, na de bitterheid van Sassoon bij de inhuldiging van de Menenpoort? Verlies, trauma, desillusie raken een diepe kern. En voor Artur Dron betekent schrijven aanwezig zijn, ontmoeten, zelfs lichamelijk aangevoeld, in elkaar opgaan, en – kan het anders – aanwezig blijven:

“Na mijn dood wil ik elektriciteit worden

om je woning te verlichten.”

Of

“Die twee meisjes

ze kijken naar ons aan de rand van de weg

en ze hebben hun hand op hun hart gelegd

Op dat ogenblik heb ik alles begrepen.”

Vader, echtgenoot, zoon: ze passeren allemaal, kunnen niet anders dan op hun moment in die lange lijn van Russische oorlogsmisdaden blijven herinneren dat de ziel van het Oekraïense volk en land verder zal leven.  Daarom deze poëzie.

De titel van de bundel van Yaryna Chornohuz Op deze manier blijven we vrij is de enige titel die niet tussen haakjes staat. Het tweede gedicht draagt als titel (haakjes) en staat zoals alle andere teksten effectief tussen haakjes. Geeft dat aan dat de gedichten vooral herinneringen, gedachten zijn? Over de geboortegrond, het hiernamaals, over de liefde die doet volhouden?

De gedichten mogen dan in de loopgraven geschreven zijn, ze beschrijven inderdaad niet zozeer die realiteit, ze drukken eerder uit wat oorlog met je doet. Het besef is daar: de doden keren niet weer. Het leven na de oorlog zal anders zijn. Men mag dan al eens hopen dat die kelk aan je zal voorbijgaan, men weet dat niemand gespaard blijft. Ze schrijft het.

“ik dacht dat het leed zou slijten

als schoenen

maar het leed hangt boven onze hoofden

en observeert ons altijd doorheen een vizier”

Of

“men zegt dat men de doden beweent

na de oorlog

maar onze oorlog zal eindigen

tegelijkertijd met ons leven”

En

“de eerste dode laten gaan is lastig

met de tweede sterft de eeuwigheid

en nadien tel je niet meer”

Dat ze deel uitmaakt van een volk dat sinds eeuwen een dierbaar land moet verdedigen:

“dat betekent dichter zijn in Oekraïne

eeuwig wenen in de gedichten

boven de nog altijd verse graven”

Het mag niet verwonderen dat deze bundel bekroond is met de Taras Chevtchenkoprijs, de nationale prijs voor Oekraïense literatuur. Ondertussen houdt Yaryna Chornohuz vol aan het front.

In 2023 verscheen een uitgebreide bundel, zeg maar aan het front Ontsnapte gedichten, aangevuld met eigen foto’s van dichter-fotograaf Maksym Kryvtsov. Haast 200 bladzijden. Het is geen verrassing dat ook deze vertaald is. In Oekraïne was Kryvtsov geen onbekende. Het werd een afscheid: begin 2024 sneuvelde hij. Zo dichtte hij wat oorlog is:

“In het oog van de oorlog

steekt een grijze draad

als een soep van paddenstoelen

uit de hemel

het oor van de herfst

hoort stemmen van obussen

als die van de priester op het moment van de communie.”

Iets daarvoor liet hij in een lang gedicht Maria en Golgotha als roepnamen van soldaten passeren. Zij waren vergezeld van Mattheus, Johannes en zelfs Jezus, en werden getroffen, ernstig verwond in een beschieting.

Verder plaatst hij ze poëtisch in de verschrikkelijkste talkshow aller tijden: de oorlog. Om een stille glimlach, de herinnering aan een verdwenen warmte, te plaatsen in een gedicht. Wie ben ik?, vraagt hij zich af. In dit veranderende leven.

“Je kan geen pas meer zetten

zonder gezien te zijn.

Wanneer het regent

lacht niemand

het water vergeet niets.

De kern van je hart

kan je niet verlaten,

er valt niet te ademen.”

Opnieuw duikt de Heer op, de God van de decaloog, al stelt de dichter alleen Van Gogh te begrijpen. Een meisje lacht om hem: ze weet dat God Facebook niet leest. Na alle herfstbeelden waarin iedereen doet wat hij kan, vraagt hij zich af wanneer de lente komt. God blijft in de stilte en gevallen bladeren bedekken de wereld. Toch schrijft hij verder, schreef en fotografeerde hij, gedichten als brieven met naast een vaak weerkerend waarom, nog altijd de volgehouden dromen. Zo sterk was de greep van de oorlog op het leven, op zijn leven, dat deze bundel inderdaad een einde werd.

© Jef Boden 

Artur Dron: Nous étions là, 979 10 94936 46 7
Artur Dron: We were here, 978 1914 99026 7
Yaryna Chornohyz: C’est ainsi que nous demeurons libres, 978 2 37055 468 0
Maksym Kryvtsov: Poèmes de la brèche, 979 10 94936 48 1






Geen opmerkingen: