Zal ik mijn hand opsteken?
Ik kende de antwoorden op
vragen die niemand ooit stelde.
De juf wendde het hoofd en kwam
tot de orde van de dag. Las van het bord
wat er nooit stond en riep naar de namen
van de afwezigen. We verdwenen door
het gat in de muur dat de verbeelding
had geslagen. Een vliegtuig beschreef
wat verte was. Buizerds omcirkelden
wat in het oog bleef hangen. Hun kreet
overstemde het gezang uit jongenskelen.
Ik speelde het spel. Sperde de mond
en deed of ik zong.
© Hugo Verstraeten
Voorpublicatie uit de bundel ‘HiEr’ van Hugo Verstraeten die
op zaterdag 9/11/2019 in Diksmuide wordt voorgesteld.
Meer info via dit Schaal van Digther-bericht
vrijdag 18 oktober 2019
donderdag 17 oktober 2019
Vragenlijst - Hugo Verstraeten
Hoort u soms dingen die anderen niet horen?
Ziet u dingen die anderen niet zien?
Zo ja, ga dan naar het volgende vers.
Zo neen, verlaat dan het gedicht. Let maar
niet op de woorden.
Heeft u overtuigingen die anderen niet hebben?
Heeft u de laatste tijd aan zelfmoord gedacht?
Zo ja, schrijf dan uw naam op de schorten
van dit boek. In de witruimten kan u
wonen.
Droomt u wel eens met de ogen open?
Twijfelt u er soms aan of u echt wel bestaat?
Zo ja blijf dan in dit gesticht vol bleke
geruchten. Elke letter een schaduw
die langs de werkelijkheid valt.
© Hugo Verstraeten
Voorpublicatie uit de bundel ‘HiEr’ van Hugo Verstraeten die
op zaterdag 9/11/2019 in Diksmuide wordt voorgesteld.
Meer info via dit Schaal van Digther-bericht
Ziet u dingen die anderen niet zien?
Zo ja, ga dan naar het volgende vers.
Zo neen, verlaat dan het gedicht. Let maar
niet op de woorden.
Heeft u overtuigingen die anderen niet hebben?
Heeft u de laatste tijd aan zelfmoord gedacht?
Zo ja, schrijf dan uw naam op de schorten
van dit boek. In de witruimten kan u
wonen.
Droomt u wel eens met de ogen open?
Twijfelt u er soms aan of u echt wel bestaat?
Zo ja blijf dan in dit gesticht vol bleke
geruchten. Elke letter een schaduw
die langs de werkelijkheid valt.
© Hugo Verstraeten
Voorpublicatie uit de bundel ‘HiEr’ van Hugo Verstraeten die
op zaterdag 9/11/2019 in Diksmuide wordt voorgesteld.
Meer info via dit Schaal van Digther-bericht
woensdag 16 oktober 2019
Om naar een dorp te kijken – Hugo Verstraeten
Om naar een dorp te kijken. En hoe je dat doet.
Met afstand en inzicht van ogen. Met vogels
die inbreken in kooien.
Om naar een verte te kijken en hoe ze daar
in voorkomt. Stip zonder elders. Met verhalen
die dichtsneeuwen telkens iemand ze vertelt.
Elke afdruk vervangt haar en ordent het
landschap. Voor haar en na haar en hoe
ze zich uit het gezicht verminkt.
Met wit dat los raakt van sneeuw en zich neerlegt
in woorden. Tot ook het landschap zwijgt, gras
niets meer weet. Het dorp zeer langzame huizen,
verspreid.
© Hugo Verstraeten
Voorpublicatie uit de bundel ‘HiEr’ van Hugo Verstraeten die
op zaterdag 9/11/2019 in Diksmuide wordt voorgesteld.
Meer info via dit Schaal van Digther-bericht
Met afstand en inzicht van ogen. Met vogels
die inbreken in kooien.
Om naar een verte te kijken en hoe ze daar
in voorkomt. Stip zonder elders. Met verhalen
die dichtsneeuwen telkens iemand ze vertelt.
Elke afdruk vervangt haar en ordent het
landschap. Voor haar en na haar en hoe
ze zich uit het gezicht verminkt.
Met wit dat los raakt van sneeuw en zich neerlegt
in woorden. Tot ook het landschap zwijgt, gras
niets meer weet. Het dorp zeer langzame huizen,
verspreid.
© Hugo Verstraeten
Voorpublicatie uit de bundel ‘HiEr’ van Hugo Verstraeten die
op zaterdag 9/11/2019 in Diksmuide wordt voorgesteld.
Meer info via dit Schaal van Digther-bericht
dinsdag 15 oktober 2019
In de dingen - Hugo Verstraeten
Alles is er nog. In de dingen.
Beeld van een tafel, kamer waarin iemand licht vergat.
Alles is er nog. Stoel die in het eeuwige hapert.
Brood dat ons verzamelt. Muren waarop het
zichtbare speelt met iets daarachter:
verte, honger die het kijken niet stilt.
Stoelen verschuiven.
Namen waarin het afwezige roept.
De vochtvlek op het behang wrijft haar betekenis open:
oksel, arm. Wat zich wegwast in water.
Alles is er. Het rustige ademhalen, het blijven.
Het schuilen van vogels in de angst
van een stem.
Het raam in de nacht waait de dromen nog open.
© Hugo Verstraeten
Voorpublicatie uit de bundel ‘HiEr’ van Hugo Verstraeten die
op zaterdag 9/11/2019 in Diksmuide wordt voorgesteld.
Meer info via dit Schaal van Digther-bericht
Beeld van een tafel, kamer waarin iemand licht vergat.
Alles is er nog. Stoel die in het eeuwige hapert.
Brood dat ons verzamelt. Muren waarop het
zichtbare speelt met iets daarachter:
verte, honger die het kijken niet stilt.
Stoelen verschuiven.
Namen waarin het afwezige roept.
De vochtvlek op het behang wrijft haar betekenis open:
oksel, arm. Wat zich wegwast in water.
Alles is er. Het rustige ademhalen, het blijven.
Het schuilen van vogels in de angst
van een stem.
Het raam in de nacht waait de dromen nog open.
© Hugo Verstraeten
Voorpublicatie uit de bundel ‘HiEr’ van Hugo Verstraeten die
op zaterdag 9/11/2019 in Diksmuide wordt voorgesteld.
Meer info via dit Schaal van Digther-bericht
maandag 14 oktober 2019
'HiEr', nieuwe dichtbundel van Hugo Verstraeten
Op zaterdagavond 9 november 2019 wordt in Kaaskerke-Diksmuide ‘HiEr’
voorgesteld, de nieuwe dichtbundel van Hugo Verstraeten. Het was lang uitkijken naar nieuw gebundeld werk van dichter en plastisch kunstenaar Verstraeten. De voorstelling gaat door in 't Land van Vlierbos, de IJzerboomgaard om 19:30u. Gratis inschrijven voor 4/11/2019 via www.cckruispunt.be. Inleider van dienst is mede-Digther-redacteur Paul Rigolle. Hugo Verstraeten leest voor, Dominique Gal van de Stedelijke Academie van Diksmuide staat mee in voor de voordracht en er is muziek van Brecht Verstraeten die variaties brengt uit Latijns-Amerikaanse gitaartradities. Iedereen welkom!
Overigens stelt Hugo komend weekend ook zijn woning en atelier open voor 'Buren bij Kunstenaars'. Welkom in zijn huis en atelier met bestaand en nieuw werk...
Sint Veerleplein 10
8600 Oostkerke
In HiEr verzamelt Verstraeten, na lange tijd nog ’s een fractie van wat hij in de voorbije twintig jaar aan poëzie heeft geschreven. En dat is niet niks. In niet minder dan 54 gedichten die chronologisch naar hun ontstaan gerangschikt zijn, blikt hij tezelfdertijd achteruit én vooruit in de tijd. Gedichten uit deze bundel werden ondermeer bekroond met de Pieter Geert Buckinx-prijs en de poëzieprijs van De Blauwe Engel.
Hugo Verstraeten is zoals bekend medeoprichter van het Digther-collectief en was jarenlang vanuit Oostkerke hoofdredacteur van het gelijknamige literaire tijdschrift dat intussen als e-zine De Schaal van Digther verder door het leven gaat.
Vanaf vandaag zorgen we in deze Digtherlijke kolommen bij wijze van voorpublicatie dagelijks en gedurende vier dagen voor een gedicht uit de nieuwe bundel. HiEr!
Voorstelling HiEr: Zaterdag 9/11/2019: 't Land van Vlierbos, de IJzerboomgaard, IJzerdijk 41, 8600 Kaaskerke (Diksmuide) om 19:30u. Iedereen welkom!
HiEr is een uitgave van Uitgeverij Partizaan.
voorgesteld, de nieuwe dichtbundel van Hugo Verstraeten. Het was lang uitkijken naar nieuw gebundeld werk van dichter en plastisch kunstenaar Verstraeten. De voorstelling gaat door in 't Land van Vlierbos, de IJzerboomgaard om 19:30u. Gratis inschrijven voor 4/11/2019 via www.cckruispunt.be. Inleider van dienst is mede-Digther-redacteur Paul Rigolle. Hugo Verstraeten leest voor, Dominique Gal van de Stedelijke Academie van Diksmuide staat mee in voor de voordracht en er is muziek van Brecht Verstraeten die variaties brengt uit Latijns-Amerikaanse gitaartradities. Iedereen welkom!
Overigens stelt Hugo komend weekend ook zijn woning en atelier open voor 'Buren bij Kunstenaars'. Welkom in zijn huis en atelier met bestaand en nieuw werk...
Sint Veerleplein 10
8600 Oostkerke
Vrijdag 18/10/2019: 18.00 - 21.00 u
Zaterdag 19/10/2019: 10.00 - 12.00 u en 14.00 - 18.00 u
Zondag 20/10/2019: 10.00 - 12.00 u en 14.00 - 18.00 u
Zaterdag 19/10/2019: 10.00 - 12.00 u en 14.00 - 18.00 u
Zondag 20/10/2019: 10.00 - 12.00 u en 14.00 - 18.00 u
In HiEr verzamelt Verstraeten, na lange tijd nog ’s een fractie van wat hij in de voorbije twintig jaar aan poëzie heeft geschreven. En dat is niet niks. In niet minder dan 54 gedichten die chronologisch naar hun ontstaan gerangschikt zijn, blikt hij tezelfdertijd achteruit én vooruit in de tijd. Gedichten uit deze bundel werden ondermeer bekroond met de Pieter Geert Buckinx-prijs en de poëzieprijs van De Blauwe Engel.
Hugo Verstraeten is zoals bekend medeoprichter van het Digther-collectief en was jarenlang vanuit Oostkerke hoofdredacteur van het gelijknamige literaire tijdschrift dat intussen als e-zine De Schaal van Digther verder door het leven gaat.
Vanaf vandaag zorgen we in deze Digtherlijke kolommen bij wijze van voorpublicatie dagelijks en gedurende vier dagen voor een gedicht uit de nieuwe bundel. HiEr!
Voorstelling HiEr: Zaterdag 9/11/2019: 't Land van Vlierbos, de IJzerboomgaard, IJzerdijk 41, 8600 Kaaskerke (Diksmuide) om 19:30u. Iedereen welkom!
HiEr is een uitgave van Uitgeverij Partizaan.
vrijdag 11 oktober 2019
maandag 7 oktober 2019
Maria Barnas in het Penhuis
![]() |
| Maria Barnas vs Alain Delmotte - ©foto Eddy D’Haenens |
Deze morgen : ontmoeting met schrijver, dichter - beeldend kunstenaar Maria Barnas in 'Het Penhuis' - een oase van schoonheid waar Gie Devos nu al jaren voor zorgt. Alain Delmotte zorgde voor een bijzonder goed voorbereid en sprankelend interview - en we kregen via hem gedurende die korte tijd een mooie inkijk in het hart, de passies, de poëzie van Maria Barnas⭐️🙏🍁 (en het lichtjes lekkende dak schiep net die extra sfeer die bij zulke herfstige zondagen hoort ;-) ) 🍁🙏⭐️
#OranjerieBroeltuin #MariaBarnas #HetPenhuis
vrijdag 4 oktober 2019
Nacht van de poëzie, Kortrijk 1975 - Romain John van de Maele
Met een stem als een zweep
dreef een me toen nog onbekende dichter
het tempo op. De hal werd een sporttempel
en een zwarte atleet scheerde bliksemsnel
langs de sissende versregels,
alsof het horden waren op weg
naar olympische roem en de vergeetkamers
van de sportjournalistiek.
Een schrijver van soldatenbrieven
stelde op introverte wijze
zijn museum van de nacht voor,
een ontoegankelijk gedicht.
Of toen ook de Selfkicker
het woord nam en ervaren
jongens en meisjes achter de schermen
ook de lenige liefde hebben beschreven,
weet ik niet meer.
Het geheugen is een vreemde fuik.
Een goedgeefse woordkunstenaar
stak me een bundel toe,
getekend met kardinale groeten.
Toen was de nacht nog jong,
en thuis wachtten andere dichters
op mij, zij aan zij
op een nagelnieuw Tomado boekenrekje.
© Romain John van de Maele
dreef een me toen nog onbekende dichter
het tempo op. De hal werd een sporttempel
en een zwarte atleet scheerde bliksemsnel
langs de sissende versregels,
alsof het horden waren op weg
naar olympische roem en de vergeetkamers
van de sportjournalistiek.
Een schrijver van soldatenbrieven
stelde op introverte wijze
zijn museum van de nacht voor,
een ontoegankelijk gedicht.
Of toen ook de Selfkicker
het woord nam en ervaren
jongens en meisjes achter de schermen
ook de lenige liefde hebben beschreven,
weet ik niet meer.
Het geheugen is een vreemde fuik.
Een goedgeefse woordkunstenaar
stak me een bundel toe,
getekend met kardinale groeten.
Toen was de nacht nog jong,
en thuis wachtten andere dichters
op mij, zij aan zij
op een nagelnieuw Tomado boekenrekje.
© Romain John van de Maele
dinsdag 1 oktober 2019
Terug naar Buda - Frans Deschoemaeker
In het zicht van de Kortrijkse binnenstad splitst de Leie zich, uit Frankrijk komend, in tweeën, om het Buda-eiland te vormen.
1.
Daar lag in het licht van de oostelijke zon Buda, het île de la Cité van Kortrijk, als een boot. Niet als een blank karveel of een feestelijk bewimpeld fregat, maar als een ietwat haveloze woonschuit, een onderkomen aak, een Kon-Tiki.
Wellicht waren aan zijn kaden nog goede visplekjes te vinden, wellicht hechtten zich aan zijn romp nog zoetwatermosselen, toen ik daar, meer dan een halve eeuw geleden, krijsend en met de helm ter wereld kwam.
Wie op een eiland geboren is, kan de wereld alleen maar zien als een onbekende, maar lokkende overoever. Wie op een boot geboren is, is voor altijd een migrant. Altijd weer worden in zijn hoofd trossen losgegooid, ankers gelicht, riemen geheven. Daar vaart de ark, voorbij het ezelsbruggetje en de dikbuikige torens, onder verdere bruggen door, naar waar het zeegat aanzuigt, naar waar het licht een belofte inhoudt, naar waar het waait. Wind -
wind voert wereld aan. Woorden.
2.
Een vers van Mallarmé dat zich verzwijgt in het marmer. Een lied dat wegwaait in de nacht, op de laatste straathoek voor de vlakte. Gregoriaans in de kloostergang van Moissac op een late wintermiddag, en muziek van Miles Davis' tweede kwintet, waarin je de broeierige New Yorkse zomer hoort -
de gedachtestreep. De gedachtestreep van Gerrit Kouwenaar, die uitzicht laat op uiterwaarden, omstreeks het riet. De middag van een faun, diep in het Siciliaanse rietland, en de middag van een leraar, diep in de provincie, diep in de jaren zestig, in een vergeten Franse film. Een hippiemeisje met een zware rugzak dat, gezeten op de trappen van de Collegiata Santa Maria Assunta, tussen haar tenen peutert en de voorbijganger haar slodderige slipje toont.
Een voorgrond met een fles wijn. Verre, in sfumato wijkende bergen.
Tabaksrook die roerloos in de avond hangt. In Ticino.
Een uitzicht op een eiland in de rivier, dat daar ligt, en doet alsof het nooit ergens anders lag. Benedenwinds -
3.
de wind die woorden aanvoert, beelden, muziek. Daarom ben ik altijd al een groot en eenzaam wandelaar geweest. In de cadans van het stappen vinden indrukken woord, ritme en elan. Wandelen stileert de gedachte. Wind ciseleert de idee. En bij gebrek aan een steppe is de nomade een flaneur geworden onder de arcaden van een stad.
Ik herinner mij de steeds wijdere cirkels die ik trok omheen het île de la Cité van Kortrijk. Ik herinner mij de niet eindigende zondagmiddagen in de uiterwaarden van een stad die zich verloor in voorstedelijk gebied. Diepe straten, getekend Giorgio de Chirico, getekend Jorge Luis Borges, getekend Patrick Modiano. Nooit betreden wijken, gevat in een patroon van lange slagschaduwen, met egale, naoorlogse gevels, okerkleurig oplichtend in de avondzon. Okerkleurig, van leven ontdaan - leven voltrekt zich op zondag altijd elders. Ik wandelde meestal alleen, later soms met mijn dochtertje, dat nog te jong was om zich af te vragen wat haar pa in deze troosteloze, in de nazomer verloren gelegde buurten najoeg. Je kunt je persoonlijke hemel of hel overal menen gevonden te hebben; te Kortrijk, te Florence, te Aix-en-Provence, in een mercantiele bocht van de Schelde, maar in de herinnering verrijst een stad allereerst als een okergele façade; opdat slechts langzaam zichtbaar worde, het peilloos perspectief, de peilloze afgrond van zijn straten, pleinen, stegen, kades en arcades.
Uit: De waterlelies van Montparnasse, een werk in gestadige voortgang.
1.
Daar lag in het licht van de oostelijke zon Buda, het île de la Cité van Kortrijk, als een boot. Niet als een blank karveel of een feestelijk bewimpeld fregat, maar als een ietwat haveloze woonschuit, een onderkomen aak, een Kon-Tiki.
Wellicht waren aan zijn kaden nog goede visplekjes te vinden, wellicht hechtten zich aan zijn romp nog zoetwatermosselen, toen ik daar, meer dan een halve eeuw geleden, krijsend en met de helm ter wereld kwam.
Wie op een eiland geboren is, kan de wereld alleen maar zien als een onbekende, maar lokkende overoever. Wie op een boot geboren is, is voor altijd een migrant. Altijd weer worden in zijn hoofd trossen losgegooid, ankers gelicht, riemen geheven. Daar vaart de ark, voorbij het ezelsbruggetje en de dikbuikige torens, onder verdere bruggen door, naar waar het zeegat aanzuigt, naar waar het licht een belofte inhoudt, naar waar het waait. Wind -
wind voert wereld aan. Woorden.
2.
Een vers van Mallarmé dat zich verzwijgt in het marmer. Een lied dat wegwaait in de nacht, op de laatste straathoek voor de vlakte. Gregoriaans in de kloostergang van Moissac op een late wintermiddag, en muziek van Miles Davis' tweede kwintet, waarin je de broeierige New Yorkse zomer hoort -
de gedachtestreep. De gedachtestreep van Gerrit Kouwenaar, die uitzicht laat op uiterwaarden, omstreeks het riet. De middag van een faun, diep in het Siciliaanse rietland, en de middag van een leraar, diep in de provincie, diep in de jaren zestig, in een vergeten Franse film. Een hippiemeisje met een zware rugzak dat, gezeten op de trappen van de Collegiata Santa Maria Assunta, tussen haar tenen peutert en de voorbijganger haar slodderige slipje toont.
Een voorgrond met een fles wijn. Verre, in sfumato wijkende bergen.
Tabaksrook die roerloos in de avond hangt. In Ticino.
Een uitzicht op een eiland in de rivier, dat daar ligt, en doet alsof het nooit ergens anders lag. Benedenwinds -
3.
de wind die woorden aanvoert, beelden, muziek. Daarom ben ik altijd al een groot en eenzaam wandelaar geweest. In de cadans van het stappen vinden indrukken woord, ritme en elan. Wandelen stileert de gedachte. Wind ciseleert de idee. En bij gebrek aan een steppe is de nomade een flaneur geworden onder de arcaden van een stad.
Ik herinner mij de steeds wijdere cirkels die ik trok omheen het île de la Cité van Kortrijk. Ik herinner mij de niet eindigende zondagmiddagen in de uiterwaarden van een stad die zich verloor in voorstedelijk gebied. Diepe straten, getekend Giorgio de Chirico, getekend Jorge Luis Borges, getekend Patrick Modiano. Nooit betreden wijken, gevat in een patroon van lange slagschaduwen, met egale, naoorlogse gevels, okerkleurig oplichtend in de avondzon. Okerkleurig, van leven ontdaan - leven voltrekt zich op zondag altijd elders. Ik wandelde meestal alleen, later soms met mijn dochtertje, dat nog te jong was om zich af te vragen wat haar pa in deze troosteloze, in de nazomer verloren gelegde buurten najoeg. Je kunt je persoonlijke hemel of hel overal menen gevonden te hebben; te Kortrijk, te Florence, te Aix-en-Provence, in een mercantiele bocht van de Schelde, maar in de herinnering verrijst een stad allereerst als een okergele façade; opdat slechts langzaam zichtbaar worde, het peilloos perspectief, de peilloze afgrond van zijn straten, pleinen, stegen, kades en arcades.
Uit: De waterlelies van Montparnasse, een werk in gestadige voortgang.
donderdag 26 september 2019
'Empty Bed Blues' in de Bib van Harelbeke
Op vrijdag 5/10/2019 gaat in de Harelbeekse bibliotheek "Empty Bed Blues"
door. Tijdens de vernissage van de tentoonstelling met plastisch werk van RoBie Van Outryve licht Roger De Neef het werk van RoBie toe en leest jazz-gedichten. Niemand minder dan Ben Sluys (sax) en Brice Soniano staan in voor de muziek!
Van een "JazzOntSPOORing" gesproken!!! Zeer warm aanbevolen!
RoBie Van Outryve, sinds jaar en dag voortrekker van Galerij Montanus Vijf in Diksmuide, heeft in zijn lyrisch-abstracte stijl, (de kleur Blauw enz). speciaal voor deze avond nieuwe schilderijen gemaakt die perfect de sfeer van de jazz weten op te roepen.
Empty Bed Blues
Meer info via deze JazzHalo-link en via deze Spoor-bladzijde.
Dit bericht staat ook op de Blog van de VWS (Vereniging van West-Vlaamse schrijvers)
vrijdag 20 september 2019
Niemand bestaat alleen
Over de bloemlezing ‘Poëziepad van A tot Z'
Van Avelgem tot Zwevegem - Poëzie op Spoorlijn 83
Poëziewedstrijden waarvoor je als dichter anoniem en eigenhandig via email, contactfomulier of anachronistischer nog, per brief moet inzenden, blijven wat ons
betreft een aparte charme uitstralen. Wie instuurt naar dit soort wedstrijden koestert de zachte hoop dat zijn of haar gedichten vroeg of laat het verschil zullen maken en verwacht vooral dat ze met aandacht gelezen worden door een deskundige jury. Winnen is voor een aantal inzenders zelfs belangrijker dan deelnemen! Voor de gelukkigen die zich in zo'n wedstrijd genomineerd weten, betekent een prijs of een nominatie altijd wel een flinke opsteker. Een terechte stimulans ook om door te gaan met wat men, in veel gevallen, pas begonnen is. Maar soms gaat het niet alleen om de eer. In wat minder zuinig geprijsde wedstrijden gaat het, trivialer, ook, wees daar maar zeker van, om... de centen. Sommigen die het 'poëtische kneepje' om in de gemiddelde smaak van een jury te vallen flink onder de knie hebben, weten best wel wat ze moeten insturen. Het succes van wedstrijden als die van de Stad Oostende of de voorbije tien edities van de Grote Turing-gedichtenwedstrijd (straks hopelijk opgevolgd door 'Prijs de Poëzie') zegt daarover genoeg. En wanneer het om centen gaat kun je er van op aan dat ook eerder 'gearriveerde' dichters zich onder de deelnemers bevinden; al zullen weinigen dat later ook nog ootmoedig toegeven.
Een van de sympathiekste wedstrijden uit het rijtje van de inzendprijzen was de voorbije vijf jaar zonder twijfel de wedstrijd "Poëziepad van A tot Z". De wedstrijd was en is een gezamenlijk initiatief van de gemeenten Avelgem en Zwevegem en van Marnixring 'De Vlaschaard'. Met de Provincie West-Vlaanderen, Creatief Schrijven, Poëziecentrum en Natuurpunt in steun. De bedoeling was om de oude spoorlijn 83 tussen Avelgem en Zwevegem die al jaren haar oorspronkelijke functie was verloren, onderweg poëtisch met gedichten te larderen en op te luisteren. Daar is men - van A tot Z - wonderwel in geslaagd. De wedstrijd ging van start in het jaar 2015. Bij elke editie die opgehangen werd aan een specifiek thema werd het winnende gedicht samen met een gedicht van een jurylid/curator gematerialiseerd. Met de uitreiking van de vijfde editie op 15/6/2019 ll. werd de lus tussen A en Z intussen helemaal rondgemaakt. Voor de vijfde editie stuurden niet minder dan 181 dichters een gedicht in. Winnaar werd dit keer Paul Vincent. Goed nieuws is ook dat de wedstrijd ook na dit eerste lustrum wordt voortgezet.
De fijne Uitgeverij Bibliodroom die eerder al een bloemlezing bij 'Vers Roeselare publiceerde, zorgde bij het vijf-jarig lustrum voor een bijzonder aardig ogend 'spoorboekje' dat je poëtisch en wel doorheen het sfeervolle Zuid-West-Vlaamse landschap loodst. De tien gedichten van de vijf winnaars en de vijf juryleden bevinden zich op diverse locaties tussen het station van Avelgem en dat van Zwevegem. Ondermeer de Ijzerwegbrug over de Schelde in Avelgem, de Rijtbrug (waar de opnames voor Bevergem plaatsvonden), de Knokkebrug (op het driedorpenpunt Heestert, Moen en Zwevegem) en de stations van Zwevegem, Moen en Avelgem worden aangedaan. Wie op een mooie herfstdag niet goed weet waarheen vindt hier een pasklaar antwoord.
'Poëziepad van A tot Z' is een kleinood van een boekje geworden met harde kaft, formaat 16,5 bij 14,5 cm. Er zijn foto's van Piet Sileghem en Johan Hespeel en het boek bevat in het totaal 39 gedichten. De vijf gedichten van de juryleden/curatoren (Lut de Block, Joris Denoo, Philip Hoorne, Karlijn Sileghem en Barbara Delft) flankeren die van de winnaars van de vijf edities (Harry M.P. van de Vijfeijke, Liesbeth Ulijn, Tom Smits - ‘waar Schelde zonder aarzelen zichzelf/verliest in de Escaut, daar groeit opnieuw een brug’, Cora de Vos en Paul Vincent). Ook van 29 andere dichters die in de loop van het voorbije lustrum werk instuurden is een gedicht geselecteerd. Zo lezen we ondermeer gedichten van zeer diverse dichters als Marc Bungeneers, Patrick Cornillie, Rik Dereeper, Leen Pil, Eddy Vaernewyck, Geert Viaene (dodeskaden!), Annette Akkerman, Saskia van Leendert, Erika De Stercke, Anna Crevits, Tania Verhelst (‘ze zeggen dat wij geest zijn/maar geest is wie je nalaat of vergeet') en Leen Pil ('Ik zwaai en sla de korrels uit de aren'). Het geheel vormt een boeiende inkijk in wat er dezer dagen in Vlaanderen en Nederland wordt geschreven. 'Poëziepad van A tot Z' bevat heterogeen werk waarin veel verlangen en natuurbeleving wordt verwoord, soms wat al te thema-gebonden, maar dat hoeft voor mooie boekjes als deze geen bezwaar te zijn. Op het pad van de poëzie reizen dichters wel vaker zonder visum of valies (Nanny Luijsterburg) en In de klik van het moment (Julia Beirinckx).
Niemand bestaat alleen uit zichzelf schrijft Saskia van Leendert een van de genomineerden in een van de mooiste gedichten uit de bundel. En zo is dat maar net. In de wereld, én op het Poëziepad van A tot Z.
Niemand bestaat alleen
Voorouders nestelen in onze schoot
hun blikken op de einder, verder
we verstaan tekens, taal van oud zeer
alle vergeten gisterens dwingen
te kijken naar wat begraven leek
niemand bestaat alleen uit zichzelf, in ons
een bibliotheek aan kleitabletten, dode
zeerollen, verzameld werk van bloedsporen
onze eigenheid is niet meer
dan een druppel in de oersoepbron
we zijn geboren als mogelijkheid.
© Saskia Van Leendert
Poëziepad van A tot Z, Uitgeverij Bibliodroom, 2019, hardcover, 15 euro, ISBN 9789492515377- D/2019/12/111/003
Editie 5 van Poëziepad van A tot Z in pdf
Facebookpagina Poëziepad
Alle info: poeziepad@zwevegem.be
Aan te kopen via bol.com of af te halen bij Drukkerij Byttebier Doorniksesteenweg 38 Avelgem, Optiek en Hoorcentrum Christiaens Doorniksesteenweg 35 Avelgem, Koffiebar El Dorado Otegemstraat 148b Zwevegem, Boekhandel Etiket, Kapelstraat 25, 8540 Deerlijk of Poëziecentrum, Vrijdagmarkt 36, 9000 Gent.
20€ met verzending na overschrijving op IBAN BE95 8508 4767 9358 / BIC NICABEBB van Marnixring De Vlaschaard (naam, adres en aantal ex vermelden)
(Leesnotitie: Paul Rigolle)
Van Avelgem tot Zwevegem - Poëzie op Spoorlijn 83
Poëziewedstrijden waarvoor je als dichter anoniem en eigenhandig via email, contactfomulier of anachronistischer nog, per brief moet inzenden, blijven wat ons
betreft een aparte charme uitstralen. Wie instuurt naar dit soort wedstrijden koestert de zachte hoop dat zijn of haar gedichten vroeg of laat het verschil zullen maken en verwacht vooral dat ze met aandacht gelezen worden door een deskundige jury. Winnen is voor een aantal inzenders zelfs belangrijker dan deelnemen! Voor de gelukkigen die zich in zo'n wedstrijd genomineerd weten, betekent een prijs of een nominatie altijd wel een flinke opsteker. Een terechte stimulans ook om door te gaan met wat men, in veel gevallen, pas begonnen is. Maar soms gaat het niet alleen om de eer. In wat minder zuinig geprijsde wedstrijden gaat het, trivialer, ook, wees daar maar zeker van, om... de centen. Sommigen die het 'poëtische kneepje' om in de gemiddelde smaak van een jury te vallen flink onder de knie hebben, weten best wel wat ze moeten insturen. Het succes van wedstrijden als die van de Stad Oostende of de voorbije tien edities van de Grote Turing-gedichtenwedstrijd (straks hopelijk opgevolgd door 'Prijs de Poëzie') zegt daarover genoeg. En wanneer het om centen gaat kun je er van op aan dat ook eerder 'gearriveerde' dichters zich onder de deelnemers bevinden; al zullen weinigen dat later ook nog ootmoedig toegeven.
Een van de sympathiekste wedstrijden uit het rijtje van de inzendprijzen was de voorbije vijf jaar zonder twijfel de wedstrijd "Poëziepad van A tot Z". De wedstrijd was en is een gezamenlijk initiatief van de gemeenten Avelgem en Zwevegem en van Marnixring 'De Vlaschaard'. Met de Provincie West-Vlaanderen, Creatief Schrijven, Poëziecentrum en Natuurpunt in steun. De bedoeling was om de oude spoorlijn 83 tussen Avelgem en Zwevegem die al jaren haar oorspronkelijke functie was verloren, onderweg poëtisch met gedichten te larderen en op te luisteren. Daar is men - van A tot Z - wonderwel in geslaagd. De wedstrijd ging van start in het jaar 2015. Bij elke editie die opgehangen werd aan een specifiek thema werd het winnende gedicht samen met een gedicht van een jurylid/curator gematerialiseerd. Met de uitreiking van de vijfde editie op 15/6/2019 ll. werd de lus tussen A en Z intussen helemaal rondgemaakt. Voor de vijfde editie stuurden niet minder dan 181 dichters een gedicht in. Winnaar werd dit keer Paul Vincent. Goed nieuws is ook dat de wedstrijd ook na dit eerste lustrum wordt voortgezet.
De fijne Uitgeverij Bibliodroom die eerder al een bloemlezing bij 'Vers Roeselare publiceerde, zorgde bij het vijf-jarig lustrum voor een bijzonder aardig ogend 'spoorboekje' dat je poëtisch en wel doorheen het sfeervolle Zuid-West-Vlaamse landschap loodst. De tien gedichten van de vijf winnaars en de vijf juryleden bevinden zich op diverse locaties tussen het station van Avelgem en dat van Zwevegem. Ondermeer de Ijzerwegbrug over de Schelde in Avelgem, de Rijtbrug (waar de opnames voor Bevergem plaatsvonden), de Knokkebrug (op het driedorpenpunt Heestert, Moen en Zwevegem) en de stations van Zwevegem, Moen en Avelgem worden aangedaan. Wie op een mooie herfstdag niet goed weet waarheen vindt hier een pasklaar antwoord.
'Poëziepad van A tot Z' is een kleinood van een boekje geworden met harde kaft, formaat 16,5 bij 14,5 cm. Er zijn foto's van Piet Sileghem en Johan Hespeel en het boek bevat in het totaal 39 gedichten. De vijf gedichten van de juryleden/curatoren (Lut de Block, Joris Denoo, Philip Hoorne, Karlijn Sileghem en Barbara Delft) flankeren die van de winnaars van de vijf edities (Harry M.P. van de Vijfeijke, Liesbeth Ulijn, Tom Smits - ‘waar Schelde zonder aarzelen zichzelf/verliest in de Escaut, daar groeit opnieuw een brug’, Cora de Vos en Paul Vincent). Ook van 29 andere dichters die in de loop van het voorbije lustrum werk instuurden is een gedicht geselecteerd. Zo lezen we ondermeer gedichten van zeer diverse dichters als Marc Bungeneers, Patrick Cornillie, Rik Dereeper, Leen Pil, Eddy Vaernewyck, Geert Viaene (dodeskaden!), Annette Akkerman, Saskia van Leendert, Erika De Stercke, Anna Crevits, Tania Verhelst (‘ze zeggen dat wij geest zijn/maar geest is wie je nalaat of vergeet') en Leen Pil ('Ik zwaai en sla de korrels uit de aren'). Het geheel vormt een boeiende inkijk in wat er dezer dagen in Vlaanderen en Nederland wordt geschreven. 'Poëziepad van A tot Z' bevat heterogeen werk waarin veel verlangen en natuurbeleving wordt verwoord, soms wat al te thema-gebonden, maar dat hoeft voor mooie boekjes als deze geen bezwaar te zijn. Op het pad van de poëzie reizen dichters wel vaker zonder visum of valies (Nanny Luijsterburg) en In de klik van het moment (Julia Beirinckx).
Niemand bestaat alleen uit zichzelf schrijft Saskia van Leendert een van de genomineerden in een van de mooiste gedichten uit de bundel. En zo is dat maar net. In de wereld, én op het Poëziepad van A tot Z.
Niemand bestaat alleen
Voorouders nestelen in onze schoot
hun blikken op de einder, verder
we verstaan tekens, taal van oud zeer
alle vergeten gisterens dwingen
te kijken naar wat begraven leek
niemand bestaat alleen uit zichzelf, in ons
een bibliotheek aan kleitabletten, dode
zeerollen, verzameld werk van bloedsporen
onze eigenheid is niet meer
dan een druppel in de oersoepbron
we zijn geboren als mogelijkheid.
© Saskia Van Leendert
Poëziepad van A tot Z, Uitgeverij Bibliodroom, 2019, hardcover, 15 euro, ISBN 9789492515377- D/2019/12/111/003
Editie 5 van Poëziepad van A tot Z in pdf
Facebookpagina Poëziepad
Alle info: poeziepad@zwevegem.be
Aan te kopen via bol.com of af te halen bij Drukkerij Byttebier Doorniksesteenweg 38 Avelgem, Optiek en Hoorcentrum Christiaens Doorniksesteenweg 35 Avelgem, Koffiebar El Dorado Otegemstraat 148b Zwevegem, Boekhandel Etiket, Kapelstraat 25, 8540 Deerlijk of Poëziecentrum, Vrijdagmarkt 36, 9000 Gent.
20€ met verzending na overschrijving op IBAN BE95 8508 4767 9358 / BIC NICABEBB van Marnixring De Vlaschaard (naam, adres en aantal ex vermelden)
(Leesnotitie: Paul Rigolle)
donderdag 19 september 2019
Blog van de VWS
"Dun lied donkere draad".
De VWS (Vereniging van West-Vlaamse schrijvers) heeft nu ook een blog! Adres: blogvandevws.blogspot.com.
dinsdag 17 september 2019
Mijn galerij van geliefde Joodse schrijvers - Hendrik Carette
Mijn galerij van geliefde Joodse schrijvers (bij de dood van György Konrad)
Benno Barnard vroeg mij ooit hier in Brussel (het was in de Cirio, een deftige ouderwetse brasserie bij de Beurs) of ik een antisemiet was en ik antwoordde natuurlijk ben ik dat niet; ik ben een filosemiet.
1. De Russisch-Joodse schrijver Isaak Babel was de eerste. Zijn korte bloedige en meeslepende verhalen in De Rode Ruiterij maakten mij bijna gek van bewondering en medeleven. Nadien las ik alles van deze Babel zelfs zijn Brieven naar Brussel 1925 – 1939 (1970: Moussault Uitgeverij).
2. Een Hollandse vriendin gaf mij de dichtbundel Wie een hoefijzer vindt (Amsterdam: Van Oorschot, 1974) in de vertaling van Kees Verheul. En ja, ik vond het hoefijzer van de dichter Osip Mandelstam die op bevel van Stalin werd kaltgestellt. Zijn gedicht over Stalin was en is uniek. Later las ik zelfs de twee dikke boekdelen van zijn bewonderenswaardige weduwe Nadedja die alles had bewaard in haar hart en dus ook in haar geheugen.
3. De derde Jood die mijn lectuuravontuur binnendrong was de Oostenrijker Joseph Roth en al in de jaren tachtig van de vorige eeuw besprak ik met enthousiasme zijn roman Radetzkymarsch in het letterkundig tijdschrift Diogenes dat helaas niet meer bestaat en verschijnt. En meer en meer begon ik te beseffen dat de Habsburgse dubbelmonarchie of de toenmalige natiestaat Oostenrijk-Hongarije in het midden van Europa beter langer had bestaan.
4. De vierde schrijver in deze galerij is de Hongaars-joodse schrijver György Konrad die zopas, op 13 september jl. in Boedapest, is overleden en van wie het essay-boek De oude brug met als ondertitel ‘Dagboekaantekeningen en overpeinzingen uit de jaren tachtig en negentig’ (Amsterdam: Van Gennep, 1997) mij nog altijd fascineert en waarin ik vele passages met mijn potlood heb onderstreept.
5. Ook Lev Trotski was een jood en van deze man bewaar ik het indringende en zeer relevante boek Literatuur en revolutie (Amsterdam: De Arbeiderspers, 1982) met een flauw nawoord van Karel van het Reve en een belangrijke brief van de Italiaan Antonio Gramsci van 1922 ‘Brief van kameraad Gramsci over het Italiaanse futurisme’.
6. Ook de mystieke jood en filosoof Martin Buber blijft voor mij een belangrijk auteur en door de uitgeverij Erven J. Bijleveld te Utrecht werden niet minder dan vier boeken van deze denker en cultuurfilosoof in het Nederlands uitgegeven.
7. En ten slotte nog recentelijk kocht ik het boek van een andere Roth, met name Philip Roth, met de sprekende titel Waarom schrijven? met als ondertitel ‘verzamelde non-fictie, 1960-2013, (Amsterdam, De Bezige Bij, 2018). En deze Amerikaanse jood stelt vragen die niemand anders kon en durfde vragen. Of gewoon echte levensvragen.
En ik som deze geliefde of door mij bewonderde schrijvers hier even op om aan te duiden wie en wat mij heeft beïnvloed, want hoewel ik door de Muzen ben aangeraakt ben ik ook door Joodse denkers aangeraakt. En dan vergeet ik nog de gloedvolle Simon Schama die de geschiedenis van de joden in twee lijvige boeken heeft gegoten.
En dit alles schreef ik in een resolute opwelling op om duidelijk te maken wat ik voelde bij de dood van Konrad bij wie ik o.m. de gelukkige term of de uitdrukking aardse vindplaatsen vond.
© Hendrik Carette
Schaarbeek, 15 september 2019
Benno Barnard vroeg mij ooit hier in Brussel (het was in de Cirio, een deftige ouderwetse brasserie bij de Beurs) of ik een antisemiet was en ik antwoordde natuurlijk ben ik dat niet; ik ben een filosemiet.
1. De Russisch-Joodse schrijver Isaak Babel was de eerste. Zijn korte bloedige en meeslepende verhalen in De Rode Ruiterij maakten mij bijna gek van bewondering en medeleven. Nadien las ik alles van deze Babel zelfs zijn Brieven naar Brussel 1925 – 1939 (1970: Moussault Uitgeverij).
2. Een Hollandse vriendin gaf mij de dichtbundel Wie een hoefijzer vindt (Amsterdam: Van Oorschot, 1974) in de vertaling van Kees Verheul. En ja, ik vond het hoefijzer van de dichter Osip Mandelstam die op bevel van Stalin werd kaltgestellt. Zijn gedicht over Stalin was en is uniek. Later las ik zelfs de twee dikke boekdelen van zijn bewonderenswaardige weduwe Nadedja die alles had bewaard in haar hart en dus ook in haar geheugen.
3. De derde Jood die mijn lectuuravontuur binnendrong was de Oostenrijker Joseph Roth en al in de jaren tachtig van de vorige eeuw besprak ik met enthousiasme zijn roman Radetzkymarsch in het letterkundig tijdschrift Diogenes dat helaas niet meer bestaat en verschijnt. En meer en meer begon ik te beseffen dat de Habsburgse dubbelmonarchie of de toenmalige natiestaat Oostenrijk-Hongarije in het midden van Europa beter langer had bestaan.
4. De vierde schrijver in deze galerij is de Hongaars-joodse schrijver György Konrad die zopas, op 13 september jl. in Boedapest, is overleden en van wie het essay-boek De oude brug met als ondertitel ‘Dagboekaantekeningen en overpeinzingen uit de jaren tachtig en negentig’ (Amsterdam: Van Gennep, 1997) mij nog altijd fascineert en waarin ik vele passages met mijn potlood heb onderstreept.
5. Ook Lev Trotski was een jood en van deze man bewaar ik het indringende en zeer relevante boek Literatuur en revolutie (Amsterdam: De Arbeiderspers, 1982) met een flauw nawoord van Karel van het Reve en een belangrijke brief van de Italiaan Antonio Gramsci van 1922 ‘Brief van kameraad Gramsci over het Italiaanse futurisme’.
6. Ook de mystieke jood en filosoof Martin Buber blijft voor mij een belangrijk auteur en door de uitgeverij Erven J. Bijleveld te Utrecht werden niet minder dan vier boeken van deze denker en cultuurfilosoof in het Nederlands uitgegeven.
7. En ten slotte nog recentelijk kocht ik het boek van een andere Roth, met name Philip Roth, met de sprekende titel Waarom schrijven? met als ondertitel ‘verzamelde non-fictie, 1960-2013, (Amsterdam, De Bezige Bij, 2018). En deze Amerikaanse jood stelt vragen die niemand anders kon en durfde vragen. Of gewoon echte levensvragen.
En ik som deze geliefde of door mij bewonderde schrijvers hier even op om aan te duiden wie en wat mij heeft beïnvloed, want hoewel ik door de Muzen ben aangeraakt ben ik ook door Joodse denkers aangeraakt. En dan vergeet ik nog de gloedvolle Simon Schama die de geschiedenis van de joden in twee lijvige boeken heeft gegoten.
En dit alles schreef ik in een resolute opwelling op om duidelijk te maken wat ik voelde bij de dood van Konrad bij wie ik o.m. de gelukkige term of de uitdrukking aardse vindplaatsen vond.
© Hendrik Carette
Schaarbeek, 15 september 2019
vrijdag 13 september 2019
Beeldspraak - Vera Steenput
De motor het zwijgen opgelegd
zak ik onderuit, ontwaar de bol van albast
zwevend in het hoge zwartfluweel.
Vóór mij een muur van smeedijzer en arduin.
Ik ben gekomen voor een man.
Daar zit hij op een dodensteen
het licht verzilvert zijn naakte bronzen huid
de onbedekte kracht, de spieren
en toch niet gespannen staart hij
diep in de aarde. Ik stap uit
leg mijn handen om de spijlen.
Plots komt zijn mond tot leven
geschiedenis in zinnen metaal
verhalen van onderliggenden
testament voor de lateren.
Nee, het was geen visioen.
Hij spreekt dagelijks
tot elk van ons.
© Vera Steenput
geschreven bij het beeld van De denker (Rodin) op het kerkhof van Laken
zak ik onderuit, ontwaar de bol van albast
zwevend in het hoge zwartfluweel.
Vóór mij een muur van smeedijzer en arduin.
Ik ben gekomen voor een man.
Daar zit hij op een dodensteen
het licht verzilvert zijn naakte bronzen huid
de onbedekte kracht, de spieren
en toch niet gespannen staart hij
diep in de aarde. Ik stap uit
leg mijn handen om de spijlen.
Plots komt zijn mond tot leven
geschiedenis in zinnen metaal
verhalen van onderliggenden
testament voor de lateren.
Nee, het was geen visioen.
Hij spreekt dagelijks
tot elk van ons.
© Vera Steenput
geschreven bij het beeld van De denker (Rodin) op het kerkhof van Laken
donderdag 12 september 2019
Aarde op de schop - Vera Steenput
Het graafste schepsel
graaft graag
kuiltjes in wangen
zandkastelen met slotgrachten
schietputten en loopgraven
schuilkelders
of hij ondergraaft zijn bestaan
tot schatkamers voor doodgravers
delft zonder dwang
zijn eigen graf.
De volgende generatie
neemt de aarde op de schop
graaft weer een lege schedel op.
We blijven maar mollen.
© Vera Steenput
graaft graag
kuiltjes in wangen
zandkastelen met slotgrachten
schietputten en loopgraven
schuilkelders
of hij ondergraaft zijn bestaan
tot schatkamers voor doodgravers
delft zonder dwang
zijn eigen graf.
De volgende generatie
neemt de aarde op de schop
graaft weer een lege schedel op.
We blijven maar mollen.
© Vera Steenput
zaterdag 7 september 2019
De brug met ongelijke leggers - Patrick Cornillie
Een gedicht waarin de zinnen
ogenschijnlijk onbesuisd rondslingeren
en elk couplet lacht met ballast
en zwaartekracht.
Een gedicht dat in de regel zwaait en
buikdraait, dat tussen woorden als grijp-
baar en houvast het luchtledige verbeeldt,
uit een kiep of borstwaartsom altijd weer
de deelvlucht naar een volgende
strofe lukt. Een gedicht waarvan je
het haast jammer vindt dat er nog
een afsprong komt.
© Patrick Cornillie
ogenschijnlijk onbesuisd rondslingeren
en elk couplet lacht met ballast
en zwaartekracht.
Een gedicht dat in de regel zwaait en
buikdraait, dat tussen woorden als grijp-
baar en houvast het luchtledige verbeeldt,
uit een kiep of borstwaartsom altijd weer
de deelvlucht naar een volgende
strofe lukt. Een gedicht waarvan je
het haast jammer vindt dat er nog
een afsprong komt.
© Patrick Cornillie
vrijdag 6 september 2019
Elf meter - Patrick Cornillie
Het gewicht van een bal op de stip.
Roerloos wachtend op een geroemde
linker, bij gelijke stand en al ruim-
schoots in de toegevoegde tijd.
Hij die naar voren stapt, van ploeg
en stad de hoop torst. Het leven dat zich
heel even vastbijt tussen twee doelpalen,
de hemel lager dan de deklat.
En daarachter, de spionkop
die zwijgt uit volle borst.
© Patrick Cornillie
Roerloos wachtend op een geroemde
linker, bij gelijke stand en al ruim-
schoots in de toegevoegde tijd.
Hij die naar voren stapt, van ploeg
en stad de hoop torst. Het leven dat zich
heel even vastbijt tussen twee doelpalen,
de hemel lager dan de deklat.
En daarachter, de spionkop
die zwijgt uit volle borst.
© Patrick Cornillie
donderdag 5 september 2019
Nafi Thiam - Patrick Cornillie
Dat het alsmaar sneller moet en verder
en hoger - zij de woorden in zich verzamelt
om dat allemaal met elkaar te laten rijmen.
Lat en aanloop. Kogel. Afstootpunt.
Dat zij de tred heeft en het opveren,
de schouders en de heupen, een werparm
als gebeeldhouwd vlees - een stadion zindert
als zij de pezen rekt, haar lange benen strekt
en de longen vult voor een lichaam of zeven.
Dat zij gracieus als een hinde de horden neemt -
een speer de lucht splijt, het opstuivend zand
als zij landt. Dat haar sprint naar het lint
ons allen in bekoring leidt. We haast geloven
dat god als godin op aarde is verschenen.
© Patrick Cornillie
en hoger - zij de woorden in zich verzamelt
om dat allemaal met elkaar te laten rijmen.
Lat en aanloop. Kogel. Afstootpunt.
Dat zij de tred heeft en het opveren,
de schouders en de heupen, een werparm
als gebeeldhouwd vlees - een stadion zindert
als zij de pezen rekt, haar lange benen strekt
en de longen vult voor een lichaam of zeven.
Dat zij gracieus als een hinde de horden neemt -
een speer de lucht splijt, het opstuivend zand
als zij landt. Dat haar sprint naar het lint
ons allen in bekoring leidt. We haast geloven
dat god als godin op aarde is verschenen.
© Patrick Cornillie
woensdag 4 september 2019
Elfde poëzieprijs Melopee Laarne
De 21 genomineerde gedichten voor de 11° Poëzieprijs Melopee Laarne zijn bekend.
De prijs bekroont al voor de elfde keer “het meest beklijvende oorspronkelijke Nederlandstalige gedicht dat in één van de geselecteerde Vlaamse literaire tijdschriften” is verschenen. Voor de publieksprijs kun je zelf je stem uitbrengen. (Zie de link onderaan dit bericht).
Opvallend: niet minder dan 12 gedichten komen uit het Liegend Konijn. Vijf staan in Poëziekrant, twee in Het Gezeefde Gedicht en twee andere in Deus Ex Machina en DWB. Info over de vorige edities kun je ook nalezen via dit Schaal van Digther-Label.
Dit zijn de 21 gedichten die kans maken op de prijs:
As - Peter De Voecht (Het Liegend Konijn)
Begraafplaats der verloren dingen - Kinha de Almeida Guimaraes (Poëziekrant)
bij bosjes - Lies Van Gasse (Het Liegend Konijn)
Bijeen - Roland Jooris (Het Liegend Konijn)
bilzweet - Bert van Raemdonck (Het Liegend Konijn)
Brief aan de tijd - Jan Geerts (Poëziekrant)
Carrièreswitch - Frank Van Den Houte (Het Gezeefde Gedicht)
Catharsis - Johan de Boose (Het Liegend Konijn)
De ruzie - Femke Vindevogel (Poëziekrant)
De Vierde Kamer - Maud Vanhauwaert (DWB)
De vrouw van de visser droomt - Charlotte van den Broeck (Het Liegend Konijn)
Dwang - Charles Ducal (Het Liegend Konijn)
Eik - Paul Demets (Het Liegend Konijn)
Fin de siècle - Frouke Arns (Het Liegend Konijn)
liedje - Anne Büdgen (Het Liegend Konijn)
Metamorfose - Jan M. Meier (Deus ex Machina)
op de koffie - Marieke Maerevoet (Het Liegend Konijn)
Open huis (huis clos) - Vicky Francken (Poëziekrant)
poème à tiroirs - Renaat Ramon (Poëziekrant)
Stilte - Marc Tritsmans (Het Liegend Konijn)
Weg - Erna Schelstraete (Het Gezeefde Gedicht)
De 21 gedichten kunnen een voor een nagelezen, geproefd en gesmaakt worden via deze Laarne-Link. (pdf-vorm)
Aan de prijs is voor de tweede keer ook een publieksprijs verbonden. Daarvoor kan u tot en met 1 november uw stem uitbrengen op uw favoriete gedicht via dit stemformulier!
De uitreiking van de Melopee Poëzieprijs gaat door in de Sint-Machariuskerk van Laarne op zondag 10 november 2019
Meer info: Laarne - Melopee Poëzieprijs
De prijs bekroont al voor de elfde keer “het meest beklijvende oorspronkelijke Nederlandstalige gedicht dat in één van de geselecteerde Vlaamse literaire tijdschriften” is verschenen. Voor de publieksprijs kun je zelf je stem uitbrengen. (Zie de link onderaan dit bericht).
Opvallend: niet minder dan 12 gedichten komen uit het Liegend Konijn. Vijf staan in Poëziekrant, twee in Het Gezeefde Gedicht en twee andere in Deus Ex Machina en DWB. Info over de vorige edities kun je ook nalezen via dit Schaal van Digther-Label.
Dit zijn de 21 gedichten die kans maken op de prijs:
As - Peter De Voecht (Het Liegend Konijn)
Begraafplaats der verloren dingen - Kinha de Almeida Guimaraes (Poëziekrant)
bij bosjes - Lies Van Gasse (Het Liegend Konijn)
Bijeen - Roland Jooris (Het Liegend Konijn)
bilzweet - Bert van Raemdonck (Het Liegend Konijn)
Brief aan de tijd - Jan Geerts (Poëziekrant)
Carrièreswitch - Frank Van Den Houte (Het Gezeefde Gedicht)
Catharsis - Johan de Boose (Het Liegend Konijn)
De ruzie - Femke Vindevogel (Poëziekrant)
De Vierde Kamer - Maud Vanhauwaert (DWB)
De vrouw van de visser droomt - Charlotte van den Broeck (Het Liegend Konijn)
Dwang - Charles Ducal (Het Liegend Konijn)
Eik - Paul Demets (Het Liegend Konijn)
Fin de siècle - Frouke Arns (Het Liegend Konijn)
liedje - Anne Büdgen (Het Liegend Konijn)
Metamorfose - Jan M. Meier (Deus ex Machina)
op de koffie - Marieke Maerevoet (Het Liegend Konijn)
Open huis (huis clos) - Vicky Francken (Poëziekrant)
poème à tiroirs - Renaat Ramon (Poëziekrant)
Stilte - Marc Tritsmans (Het Liegend Konijn)
Weg - Erna Schelstraete (Het Gezeefde Gedicht)
De 21 gedichten kunnen een voor een nagelezen, geproefd en gesmaakt worden via deze Laarne-Link. (pdf-vorm)
Aan de prijs is voor de tweede keer ook een publieksprijs verbonden. Daarvoor kan u tot en met 1 november uw stem uitbrengen op uw favoriete gedicht via dit stemformulier!
De uitreiking van de Melopee Poëzieprijs gaat door in de Sint-Machariuskerk van Laarne op zondag 10 november 2019
Meer info: Laarne - Melopee Poëzieprijs
Dichter tussen de krijtlijnen - Patrick Cornillie
Zo zou hij het wel willen: net achter
de spitsen of in steun op de vleugel, geniaal
in het positiespel en met schier vloeibare
schijnbewegingen de woorden combineren.
Met gemak ook - een soort bedrieglijke
nonchalance - elk vers als een millimeterpas
uit de losse enkel schudden. Of de taal dribbelen,
klaarleggen en dan loeihard uithalen.
Zo zou hij het wel willen: meester zijn
op het terrein en tot het laatste fluitsignaal
naar schoonheid streven. De genadeloze
schoonheid van een met binnenkant linker
in de winkelhaak geschilderde slotzin.
© Patrick Cornillie
de spitsen of in steun op de vleugel, geniaal
in het positiespel en met schier vloeibare
schijnbewegingen de woorden combineren.
Met gemak ook - een soort bedrieglijke
nonchalance - elk vers als een millimeterpas
uit de losse enkel schudden. Of de taal dribbelen,
klaarleggen en dan loeihard uithalen.
Zo zou hij het wel willen: meester zijn
op het terrein en tot het laatste fluitsignaal
naar schoonheid streven. De genadeloze
schoonheid van een met binnenkant linker
in de winkelhaak geschilderde slotzin.
© Patrick Cornillie
Abonneren op:
Posts (Atom)








