Alsof een uitgesproken schoonheid
wordt gehoord als nieuwe requiem.
Muziek: daar zijn de tralies voor de zon,
de troost en zegeningen van de dag
niet voor. Gelauwerd luisteren naar
een natte arm twee natte benen
en het meest van al een hoofd
dat kalm het leven dirigeert. Redding is
op komst. Vermoeiender is niets dan
houden van geluid in real time.
Grijs rolt de zee: ze opent haar schuimerige
deuren. Licht wordt, trilling is, klank
wordt wie weet onzichtbaar. Zelfs als
onzekere stilte stolt, is er geen stilte.
De keel stuipt, schuurt, is een adagio
niettemin. Een verbintenis van stigmata.
De schoonheid daar, is er alsof, en toch:
altijd. De hendel van tonen van tover.
de troost en zegeningen van de dag
niet voor. Gelauwerd luisteren naar
een natte arm twee natte benen
en het meest van al een hoofd
dat kalm het leven dirigeert. Redding is
op komst. Vermoeiender is niets dan
houden van geluid in real time.
Grijs rolt de zee: ze opent haar schuimerige
deuren. Licht wordt, trilling is, klank
wordt wie weet onzichtbaar. Zelfs als
onzekere stilte stolt, is er geen stilte.
De keel stuipt, schuurt, is een adagio
niettemin. Een verbintenis van stigmata.
De schoonheid daar, is er alsof, en toch:
altijd. De hendel van tonen van tover.
© Philippe Cailliau
Gedicht uit "De zijde van de zon", bundel in voorbereiding.
Philippe Cailliau bij De Schaal van Digther
![]() |
| Philippe Cailliau in Oostende - Foto Paul Rigolle |


Geen opmerkingen:
Een reactie posten